Economie
Werk en inkomen
§1.1
Actieven: mensen die betaald werk verrichten.
Inactieven: mensen die een uitkering hebben (werklozen, 65plussers, en arbeidsongeschikten).
§1.2
de grijze druk: aantal 65plussers
aantal 20 tot en met 64jarigen
overheidsuitgaven nemen toe: zorg, en AOW’s.
Een AOW is een sociale uitkering op het niveau van het minimumloon. Deze kan aangevuld worden
door pensioen (75% van de 65plussers heeft een pensioen).
Een pensioen bouw je op d.m.v. premies, het geld wordt beheerd door pensioenfondsen of
levensverzekeringsmaatschappijen.
In Nederland is er dus geld voor de pensioenen, maar niet voor AOW’s.
Meer vergrijzing meer AOW’s hogere premies voor de actieven groter deel van hun loon
afstaan minder netto loon.
Welvaartsvaste uitkering: is gekoppeld aan de loonontwikkeling.
Waardevaste uitkering: is gekoppeld aan de prijsontwikkeling.
CDA stelde waardevaste uitkering voor ouderen stemden massaal op andere partijen
verkiezingsnederlaag partijen durven het niet meer over de hoogte van de AOW te hebben.
Elders komt een reële daling van de AOW voor. Dit lijkt misschien onrechtvaardig, maar het
alternatief is de actieve groep. En als je die te hard aanpakt vertrekken de hoogopgeleiden naar het
buitenland.
Het reële loon is het loon uitgedrukt in hoeveelheid goederen die ermee gekocht kan worden
(koopkracht van het loon). RIC
Koopkracht is voor de consument de mate waarin hij/zij producten kan kopen.
Veranderingen in het reële loon (zo ook de AOW bij een welvaartsvaste uitkering) zijn
afhankelijk van twee factoren:
1. hoeveel salaris/inkomen/uitkering iemand extra krijgt (= stijging nominale inkomen)
NIC
2. hoeveel de prijzen in deze periode zijn gestegen (=inflatie) PIC
Deze getallen moeten nog wel in indexcijfers omgezet worden:
Kapitaaldekkingsstelsel: de werkende van nu spaart d.m.v. premies voor zijn eigen pensioen.
Omslagstelsel: de werkenden van nu betalen de sociale premies van de inactieven van nu.
Verschil sociale premies en belasting: sociale premies hebben maar één doel: het leveren van
sociale verzekeringsuitkeringen. Belastingen komen terecht in de algemene middelen van de
overheid.
Werk en inkomen
§1.1
Actieven: mensen die betaald werk verrichten.
Inactieven: mensen die een uitkering hebben (werklozen, 65plussers, en arbeidsongeschikten).
§1.2
de grijze druk: aantal 65plussers
aantal 20 tot en met 64jarigen
overheidsuitgaven nemen toe: zorg, en AOW’s.
Een AOW is een sociale uitkering op het niveau van het minimumloon. Deze kan aangevuld worden
door pensioen (75% van de 65plussers heeft een pensioen).
Een pensioen bouw je op d.m.v. premies, het geld wordt beheerd door pensioenfondsen of
levensverzekeringsmaatschappijen.
In Nederland is er dus geld voor de pensioenen, maar niet voor AOW’s.
Meer vergrijzing meer AOW’s hogere premies voor de actieven groter deel van hun loon
afstaan minder netto loon.
Welvaartsvaste uitkering: is gekoppeld aan de loonontwikkeling.
Waardevaste uitkering: is gekoppeld aan de prijsontwikkeling.
CDA stelde waardevaste uitkering voor ouderen stemden massaal op andere partijen
verkiezingsnederlaag partijen durven het niet meer over de hoogte van de AOW te hebben.
Elders komt een reële daling van de AOW voor. Dit lijkt misschien onrechtvaardig, maar het
alternatief is de actieve groep. En als je die te hard aanpakt vertrekken de hoogopgeleiden naar het
buitenland.
Het reële loon is het loon uitgedrukt in hoeveelheid goederen die ermee gekocht kan worden
(koopkracht van het loon). RIC
Koopkracht is voor de consument de mate waarin hij/zij producten kan kopen.
Veranderingen in het reële loon (zo ook de AOW bij een welvaartsvaste uitkering) zijn
afhankelijk van twee factoren:
1. hoeveel salaris/inkomen/uitkering iemand extra krijgt (= stijging nominale inkomen)
NIC
2. hoeveel de prijzen in deze periode zijn gestegen (=inflatie) PIC
Deze getallen moeten nog wel in indexcijfers omgezet worden:
Kapitaaldekkingsstelsel: de werkende van nu spaart d.m.v. premies voor zijn eigen pensioen.
Omslagstelsel: de werkenden van nu betalen de sociale premies van de inactieven van nu.
Verschil sociale premies en belasting: sociale premies hebben maar één doel: het leveren van
sociale verzekeringsuitkeringen. Belastingen komen terecht in de algemene middelen van de
overheid.