Strategic management – samenvatting van de samenvatting
Week 1 – strategie en doelen, waarden en prestaties
trategie = zorgt voor een samenhang van de activiteiten die een individu of organisatie
S
uitvoert en geeft hier een bepaalde richting aan
factoren waardoor strategie leidt tot succes:
4
- Lange termijndoelen waar aan vastgehouden wordt
- Concurrenten worden goed begrepen
- Beschikbare resources worden verstandig gebruikt
- Strategie wordt op effectieve wijze geïmplementeerd
trategie is een verbindende factor tussen de organisatie en de omgeving (gelijkenis met
S
SWOT)
Organisatie:
- Middelen en vaardigheden
- Waarden en doelen
- Systeem en structuur
Omgeving:
- Klanten
- Leveranciers
- Concurrenten
SWOT = strengths + weaknesses (interne omgeving)
Opportunities + threats (externe omgeving)
trategic fit = hoe goed de strategie van een organisatie past bij de externe en interne
S
omgeving
orter = gebruikt interne strategische fit om een organisatie uit te leggen als een activity
P
system strategische positie ontstaat door een bepaald reeks activiteiten. Deze moeten bij
elkaar passen om een systeem te vormen waarin activiteiten elkaar versterken
ontingentietheorie = er is niet één beste manier om een organisatie te voeren, maar je
C
moet kijken naar de specifieke omstandigheden waar de organisatie zich in bevindt.
trategie = inzetten van middelen om een bepaalde positie te verkrijgen; het algemene plan
S
hiervoor
- Vereisen een behoorlijke inzet van middelen
- Ze zijn belangrijk
- Ze kunnen niet gemakkelijk teruggedraaid worden
Tactiek = specifiek schema voor een bepaalde actie
Strategic management ontwikkeling
, 950-1960 Financial budgeting -
1 Operational plannen & DCF capital budgeting
- Corporate planning (lange termijnplanning)
1960-1970 Corporate planning - Economische instabiliteit
- Focus op concurrentie; maximaliseren van prestaties
- Gemiddelde-termijn voorspelling
1970-1980 Emergence of strategic management - Nadruk op hoe
competitieve omgeving de potentiële winst bepaalde
- Industrie analyse & competitieve positionering
1980-2000 The quest for competitive advantage - Nadruk op middelen en
kwaliteiten
- Maximalisatie van aandeelhouderswaarde, outsourcing, kostenbesparing
- Resource based view: organisatie bewust van onderscheidende capaciteiten en hoe
die te gebruiken voor competitief voordeel
2000-2015 Adapting to turbulence - Aanpassen aan en gebruiken van
technologie
- Behoefte aan strategische innovatie en flexibiliteit
- Sociale verantwoordelijkheid en strategische allianties
elang van strategie:
B
1) Strategy as a coordinating device = verbinding tussen de activiteiten van
verschillende leden van de organisatie
2) Strategy as target = toekomstgericht
- Strategic intent: gewenste toekomstige positie van de organisatie
3) Strategy as decision support = samenhang in besluitvorming van organisatie of
individu. Kan ook bounded rationality voorkomen (kan maar beperkte beschikbare informatie
opnemen)
- Kennis meerdere individuen wordt samengenomen
- Bepaalde strategische technieken kunnen worden gebruikt
- Versimpelt besluitvorming; heuristiek= vuistregel voor goede oplossing voor
problemen
manieren communiceren strategie:
4
• Statement of principles or values
• Visionstatement; wat wil de organisatie zijn
• Missionstatement; waarom bestaat de organisatie
• Strategystatement; hoe wordt een competitief voordeel behaald
2 onderdelen strategie:
Where to compete
- Corporate strategy
- Welke markten gaat geopereerd worden?
- Hoe worden middelen verdeeld tussen bedrijven
How to compete
- Business strategy/competive strategy
- Hoe wordt er in bepaalde markt geconcurreerd
Business moet eerst bepaald worden
, trategie zowel competing for the present als preparing for the future (zowel statisch als
S
dynamisch)
Mintzberg’s benaderingen strategieontwerp:
Intended strategy (opzettelijk) = strategie zoals topmanagement het bedenkt
Emergent strategy (opkomend) = besluitvorming uit situaties waarin managers
intented strategy aanpassen aan bepaalde omstandigheden
Realized strategy (gerealiseerd) = strategie die daadwerkelijk uitgevoerd wordt
(10-30% van intented strategy)
esign school = ontwerpen strategie als analytisch en rationeel proces van opzettelijke
D
planning
Emergence/learning school = strategie is proces waarbij continue aanpassingen gedaan
moeten worden
Plannend emergence = beide strategieën gecombineerd
oel onderneming:
D
1) Waarde creëren voor de klant
2) Deel van klantwaarde te ontvangen in de vorm van winst
Waarde kan op 2 manieren gecreëerd worden:
1) Door goederen te produceren
2) Door goederen de verhandelen (commerce)
Stakeholder approach to the firm
Corporate governance (manier van leiden = topmanagement moet belangen van
stakeholders in balans brengen (wie beoordeelt het topmanagement)
Measuring performance = waarde wordt voor alle stakeholders gemaximaliseerd
(bijna onmogelijk om te meten in praktijk)
oofddoel van strategie is winstmaximalisatie:
H
• Competitie: door sterke competitie wordt winst lager om dit te overleven moet de
organisatie in ieder geval zichzelf staande houden
• Overlap tussen belangen: belangen stakeholder wss meer gemeenschappelijke
eigenschappen dan conflicterende
• Dreiging van overname: managers die winst niet kunnen maximaliseren worden
vervangen
2 soorten winst:
Economic profit = overschot nadat er voor alle inputs betaald is (ook kapitaalkosten)
Accounting profit = economic profit met rendement geïnvesteerd vermogen dat
aandeelhouders ontvangen (meestal meer)
ntwikkelen bedrijfsstrategie:
O
1. Huidige prestaties en verleden beoordelen
2. Factoren die slechte prestaties veroorzaken identificeren
3. Strategieën selecteren op basis van winstvoorspellingen
4. Prestatiedoelen stellen
Week 1 – strategie en doelen, waarden en prestaties
trategie = zorgt voor een samenhang van de activiteiten die een individu of organisatie
S
uitvoert en geeft hier een bepaalde richting aan
factoren waardoor strategie leidt tot succes:
4
- Lange termijndoelen waar aan vastgehouden wordt
- Concurrenten worden goed begrepen
- Beschikbare resources worden verstandig gebruikt
- Strategie wordt op effectieve wijze geïmplementeerd
trategie is een verbindende factor tussen de organisatie en de omgeving (gelijkenis met
S
SWOT)
Organisatie:
- Middelen en vaardigheden
- Waarden en doelen
- Systeem en structuur
Omgeving:
- Klanten
- Leveranciers
- Concurrenten
SWOT = strengths + weaknesses (interne omgeving)
Opportunities + threats (externe omgeving)
trategic fit = hoe goed de strategie van een organisatie past bij de externe en interne
S
omgeving
orter = gebruikt interne strategische fit om een organisatie uit te leggen als een activity
P
system strategische positie ontstaat door een bepaald reeks activiteiten. Deze moeten bij
elkaar passen om een systeem te vormen waarin activiteiten elkaar versterken
ontingentietheorie = er is niet één beste manier om een organisatie te voeren, maar je
C
moet kijken naar de specifieke omstandigheden waar de organisatie zich in bevindt.
trategie = inzetten van middelen om een bepaalde positie te verkrijgen; het algemene plan
S
hiervoor
- Vereisen een behoorlijke inzet van middelen
- Ze zijn belangrijk
- Ze kunnen niet gemakkelijk teruggedraaid worden
Tactiek = specifiek schema voor een bepaalde actie
Strategic management ontwikkeling
, 950-1960 Financial budgeting -
1 Operational plannen & DCF capital budgeting
- Corporate planning (lange termijnplanning)
1960-1970 Corporate planning - Economische instabiliteit
- Focus op concurrentie; maximaliseren van prestaties
- Gemiddelde-termijn voorspelling
1970-1980 Emergence of strategic management - Nadruk op hoe
competitieve omgeving de potentiële winst bepaalde
- Industrie analyse & competitieve positionering
1980-2000 The quest for competitive advantage - Nadruk op middelen en
kwaliteiten
- Maximalisatie van aandeelhouderswaarde, outsourcing, kostenbesparing
- Resource based view: organisatie bewust van onderscheidende capaciteiten en hoe
die te gebruiken voor competitief voordeel
2000-2015 Adapting to turbulence - Aanpassen aan en gebruiken van
technologie
- Behoefte aan strategische innovatie en flexibiliteit
- Sociale verantwoordelijkheid en strategische allianties
elang van strategie:
B
1) Strategy as a coordinating device = verbinding tussen de activiteiten van
verschillende leden van de organisatie
2) Strategy as target = toekomstgericht
- Strategic intent: gewenste toekomstige positie van de organisatie
3) Strategy as decision support = samenhang in besluitvorming van organisatie of
individu. Kan ook bounded rationality voorkomen (kan maar beperkte beschikbare informatie
opnemen)
- Kennis meerdere individuen wordt samengenomen
- Bepaalde strategische technieken kunnen worden gebruikt
- Versimpelt besluitvorming; heuristiek= vuistregel voor goede oplossing voor
problemen
manieren communiceren strategie:
4
• Statement of principles or values
• Visionstatement; wat wil de organisatie zijn
• Missionstatement; waarom bestaat de organisatie
• Strategystatement; hoe wordt een competitief voordeel behaald
2 onderdelen strategie:
Where to compete
- Corporate strategy
- Welke markten gaat geopereerd worden?
- Hoe worden middelen verdeeld tussen bedrijven
How to compete
- Business strategy/competive strategy
- Hoe wordt er in bepaalde markt geconcurreerd
Business moet eerst bepaald worden
, trategie zowel competing for the present als preparing for the future (zowel statisch als
S
dynamisch)
Mintzberg’s benaderingen strategieontwerp:
Intended strategy (opzettelijk) = strategie zoals topmanagement het bedenkt
Emergent strategy (opkomend) = besluitvorming uit situaties waarin managers
intented strategy aanpassen aan bepaalde omstandigheden
Realized strategy (gerealiseerd) = strategie die daadwerkelijk uitgevoerd wordt
(10-30% van intented strategy)
esign school = ontwerpen strategie als analytisch en rationeel proces van opzettelijke
D
planning
Emergence/learning school = strategie is proces waarbij continue aanpassingen gedaan
moeten worden
Plannend emergence = beide strategieën gecombineerd
oel onderneming:
D
1) Waarde creëren voor de klant
2) Deel van klantwaarde te ontvangen in de vorm van winst
Waarde kan op 2 manieren gecreëerd worden:
1) Door goederen te produceren
2) Door goederen de verhandelen (commerce)
Stakeholder approach to the firm
Corporate governance (manier van leiden = topmanagement moet belangen van
stakeholders in balans brengen (wie beoordeelt het topmanagement)
Measuring performance = waarde wordt voor alle stakeholders gemaximaliseerd
(bijna onmogelijk om te meten in praktijk)
oofddoel van strategie is winstmaximalisatie:
H
• Competitie: door sterke competitie wordt winst lager om dit te overleven moet de
organisatie in ieder geval zichzelf staande houden
• Overlap tussen belangen: belangen stakeholder wss meer gemeenschappelijke
eigenschappen dan conflicterende
• Dreiging van overname: managers die winst niet kunnen maximaliseren worden
vervangen
2 soorten winst:
Economic profit = overschot nadat er voor alle inputs betaald is (ook kapitaalkosten)
Accounting profit = economic profit met rendement geïnvesteerd vermogen dat
aandeelhouders ontvangen (meestal meer)
ntwikkelen bedrijfsstrategie:
O
1. Huidige prestaties en verleden beoordelen
2. Factoren die slechte prestaties veroorzaken identificeren
3. Strategieën selecteren op basis van winstvoorspellingen
4. Prestatiedoelen stellen