Anatomie- fysiologie lymfestelsel
Inhoudsopgave
LES 1..................................................................................................................................................2
CAPILLAIREN EN COLLECTOREN...................................................................................................................2
TRANSPORT...........................................................................................................................................2
LYMFEAFVLOED BEEN...............................................................................................................................3
LES 2..................................................................................................................................................5
LYMFEAFVLOED ARM...............................................................................................................................5
HUIDTERRITORIA (ZIJN BELANGRIJK!)...........................................................................................................5
AXILLAIRE LYMFEKNOPEN..........................................................................................................................5
NUMMERING EN TERMEN.........................................................................................................................5
, Les 1
Capillairen en collectoren
Lymfestelsel bestaan uit
- Lymfebanen
o Lymfecapillairen
Blind begin
Endotheelcellen
Basaal Membraan niet overal aanwezig
Endotheel kleppen systeem
Ankerfilamenten
Transport druk verschil
o Precollectoren
Endotheel, maar de wand veranderd:
Er komen kleppen bij
Er komt glad spierweefsel bij
De wand wordt dikker
Eerste deel lijkt nog veel op een capillair, maar verder gaat het
spierweefsel zijn werk doen en krijg je actief transport. In de capillair is
het juist op basis van drukverschil.
o Collectoren
T. Intima, t, media, t. Adventa
Kleppen = anglion. Door meer vulling krijg je een krachterige contractie
en daardoor ook meer afvoer.
Plaatje pp
o Truncus
Is een groter lymfevat
Truncus lumbalis voor links en rechts benen.
Truncus intestinalis
Komt samen in systerna chili (de beide truncus komen hier samen)
Systerna chili loopt bovenin over in de ductus.
o Ductus thoracicus
o Mondt uit in subclavia sinistra (linker kant, dus benen linker arm en hoofd)
o Ductus lymfaticus dexter
o Mondt uit in subclavia dexter (rechter arm)
- Lymfeknopen en lymfeklieren
Als de druk toeneemt in de lymfecapillair, drukken de kleppen dicht. Dit maakt dat het een
eenrichtingsweg is. Buiten het vat moet de druk hoger zijn dan in het vat. Dan stroomt het
vanzelf het vat in.
De ankerfilamenten lopen naar de endotheel cellen waardoor je de poriën groter kan maken.
Als er meer afgevoerd moet worden, worden de poriën groter gemaakt.
Transport
- Actief
- Door skeletspierbeweging
Inhoudsopgave
LES 1..................................................................................................................................................2
CAPILLAIREN EN COLLECTOREN...................................................................................................................2
TRANSPORT...........................................................................................................................................2
LYMFEAFVLOED BEEN...............................................................................................................................3
LES 2..................................................................................................................................................5
LYMFEAFVLOED ARM...............................................................................................................................5
HUIDTERRITORIA (ZIJN BELANGRIJK!)...........................................................................................................5
AXILLAIRE LYMFEKNOPEN..........................................................................................................................5
NUMMERING EN TERMEN.........................................................................................................................5
, Les 1
Capillairen en collectoren
Lymfestelsel bestaan uit
- Lymfebanen
o Lymfecapillairen
Blind begin
Endotheelcellen
Basaal Membraan niet overal aanwezig
Endotheel kleppen systeem
Ankerfilamenten
Transport druk verschil
o Precollectoren
Endotheel, maar de wand veranderd:
Er komen kleppen bij
Er komt glad spierweefsel bij
De wand wordt dikker
Eerste deel lijkt nog veel op een capillair, maar verder gaat het
spierweefsel zijn werk doen en krijg je actief transport. In de capillair is
het juist op basis van drukverschil.
o Collectoren
T. Intima, t, media, t. Adventa
Kleppen = anglion. Door meer vulling krijg je een krachterige contractie
en daardoor ook meer afvoer.
Plaatje pp
o Truncus
Is een groter lymfevat
Truncus lumbalis voor links en rechts benen.
Truncus intestinalis
Komt samen in systerna chili (de beide truncus komen hier samen)
Systerna chili loopt bovenin over in de ductus.
o Ductus thoracicus
o Mondt uit in subclavia sinistra (linker kant, dus benen linker arm en hoofd)
o Ductus lymfaticus dexter
o Mondt uit in subclavia dexter (rechter arm)
- Lymfeknopen en lymfeklieren
Als de druk toeneemt in de lymfecapillair, drukken de kleppen dicht. Dit maakt dat het een
eenrichtingsweg is. Buiten het vat moet de druk hoger zijn dan in het vat. Dan stroomt het
vanzelf het vat in.
De ankerfilamenten lopen naar de endotheel cellen waardoor je de poriën groter kan maken.
Als er meer afgevoerd moet worden, worden de poriën groter gemaakt.
Transport
- Actief
- Door skeletspierbeweging