1.4
Volgorde ontleden:
1. Onderstreep de persoonsvorm
2. Zet zinsdeelstrepen tussen de zinsdelen
3. Zoek het gezegde
4. Zoek het onderwerp
5. Zoek het lijdend voorwerp
6. Zoek het meewerkend voorwerp
7. Benoem de resterende zinsdelen, meestal zijn dat bijwoordelijke bepalingen
Samengestelde zin:
In een samengestelde zin is er meer dan één persoonsvorm. De zinnen waaruit deze samengestelde
zin bestaat, kunnen hoofdzinnen en bijzinnen zijn.
Hoofdzin en bijzin:
In een samengstelde zin staat altijd een hoofdzin. Die heeft 2 kenmerken:
- Woordvolgorde is die van de enkelvoudige zin: onderwerp en persoonsvorm staan meestal
naast elkaar.
- Pv staat op de eerste of tweede plaats in de zin
In een samengestelde zin kan ook een bijzin staan. Deze heeft 3 kenmerken:
- Onderwerp en pv zijn van elkaar gescheiden of je kunt ze van elkaar scheiden
- Pv staat op de laatste of één na laatste plaats
- De bijzin is een zindseel van de hele zin
Lijdendvoorwerpszin:
De lijdendvoorwerpszin (lv-zin) is een bijzin die het lijdend voorwerp is van de hoofdzin. De lv-zin
begint vaak met dat en of.
O WG LV-ZIN
Ze / besloot // dat ze dit weekend haar kamer opnieuw zou inrichten.
De lv-zin kun je vervangen door het of dat.
Ze besloot dat.
Bijwoordelijke bijzin:
Een bijwoordelijke bijzin (bwb-zin) is een bijzin die bijwoordelijke bepaling is van de hoofdzin. Veel
gebruikte woorden zijn: toen, omdat, nadat, voordat, hoewel, terwijl, zodat en als.
BWB-ZIN WG O LV BWB WG
Toen ze genoeg gespaard had // richtte / zij / haar kamer / opnieuw / in.
Wanneer richtte zij haar kamer opnieuw in?
Toen ze genoeg gespaard had = bwb
De bwb-zin kun je bijvoorbeeld vervangen door toen.
Toen richtte ze haar kamer opnieuw in.
, 2.4
Het wederkerend werkwoord:
Het wederkerend werkwoord (wkww) gaat inde infinitief vergezeld avn zich: zich vergissen, zich
vervelen, zich wassen en zich gedragen.