keuze?
1.Wat is juist?
- De moraal bestaat uit de ethiek
- Ethiek is de wetenschappelijke of systematische studie van de moraal
- De wetenschappelijke of systematische studie van de ethiek is de moraal
- De wetenschappelijke of systematische studie van de moraal is de ethiek
2.in de ethiek wordt er vanuit gegaan dat er op morele vragen:
- ?
3. Stelling 1: hoe behoren mensen met elkaar om te gaan? Is een morele vraag
Stelling 2: hoe moeten we de samenleving organiseren? Is geen morele maar politieke
vraag.
- Beiden zijn juist
- 1 juist, 2 is onjuist
- 1 is onjuist, 2 is juist
- Beiden zijn onjuist
4. Deugdzaamheid; het gaat om het bevorderen van de houdingen, neigingen en
persoonlijke kwaliteiten waar een goede samenleving van afhangt.
Deze uitspraak hoort bij:
- Kant
- Bentham
- Mill
- Aristoteles
5. wie antwoord ja op de volgende vraag: moet een rechtvaardige samenleving er naar
streven om de deugdzaamheid van haar burgers te bevorderen?
- Kant
- Aristoteles
- Bentham
- J.S Mill
6. stelling 1: met behulp van het utilarisme kun je beargumenteren dat het toebrengen
van pijn soms moreel te verdedigen is.
Stelling 2: het utilarisme zal martelen nooit moreel goedkeuren
- Beiden zijn juist
- 1 is juist, 2 onjuist
- 1 is onjuist, 2 juist
- Beiden zijn onjuist
7. stelling 1: Bentham maakt een onderscheid tussen hogere en lagere genoegens.
Stelling 2: volgens J.S Mill kan geen onderscheid worden gemaakt tussen hogere en
lagere genoegens.
- Beiden zijn juist
- 1 is juist, 2 onjuist
- 1 is onjuist, 2 juist
- Beiden zijn onjuist
-
, 8. waarom is vrijheid voor J.S Mill van belang
- Omdat de categorisch imperatief dit gebied
- Omdat de mens een redelijk wezen is
- Omdat het op langere termijn bijdraag aan ons aller geluk
- Omdat we er deugdzamer door worden
9. het principe van het grootste geluk voor het grootste aantal mensen past bij:
- Het utilarisme
- De categorisch imperatief
- Het hypothetisch utilarisme
- De hypothetische imperatief
10. het utilarisme stelt dat de morele kwaliteit van een handeling uitsluitend afhangt van:
- De gevolgen van een handeling
- De intentie van een handeling
- De intentie en de gevolgen van een handeling
- Het intentionele gevolg van een handeling
15. volgens kant betekend handelen volgens de plicht:
- Plichtsmatig helpen, helpen om aardig gevonden te worden
- Plichtsmatig handelen, omdat het moet van iemand anders
- Uit vrije wil, jezelf de morele wet stellen
- Uit vrije wil, jezelf gelukkig maken
16. stelling 1: kant wil dat vrij handelen, heteronoom handelen is
Stelling 2: kant stelt dat het in de ethiek om de gevolgen gaat
- Beiden zijn juist
- 1 is juist, 2 onjuist
- 1 is onjuist, 2 juist
- Beiden zijn onjuist
17. stelling 1: kant stelt dat het in de ethiek om de intentie gaat
Stelling 2: kant stelt dat het in de ethiek om de intentie en de gevolgen gaat.
- Beiden zijn juist
- 1 is juist, 2 onjuist
- 1 is onjuist, 2 juist
- Beiden zijn onjuist
18. het moreel besef is een kwestie van het tellen van levens en het afwegen van
voordelen en nadelen van de betrokkenen. Dit gaat om het:
- Nudisme
- Relativisme
- Intersubjectisme
- Utilarisme
19. volgens kant zijn we met name:
- Kunstvolle wezens
- Slimme wezens
- Rationele wezens