1Psychologische Stromingen Hoorcolleges
Hoofdstuk 1
Psychodynamische benaderingen. Hoofdstuk 3
Cognitief-gedragstherapeutische benaderingen. Hoofdstuk 4
Cliëntgerichte benaderingen. Hoofdstuk 5
Lichaamsgerichte benaderingen. Hoofdstuk 6 (geen tentamenstof)
Systeemgerichte benaderingen. Hoofdstuk 7
Oplossingsgerichte benaderingen. Hoofdstuk 8
Voorbeeld
Benadering: gedragsbenadering;
Methodiek: sociale vaardigheidstraining
Doel van boek en DVD: weten wat je doet en waarom.
Sociaal werkers moeten handelen kunnen plaatsen in normatieve en theoretische
kaders. Met andere woorden: weten wat je doet, en waarom.
Je gebruikt technieken in de sociale context van de individu. Men werkt met
methoden uit verschillende theoretische kaders.
De taart van Lambert
Algemene therapiefactoren 30%
Veranderingen door factoren buiten therapie 40%
Technieken 15%
Placebo 15%
Het verschilt per hulpverlener en cliënt welke techniek het beste werkt.
De taart van Norcross
Verbetering als gevolg van:
Methode 8%
Kenmerken van therapeut 7%
Therapeutische relatie 10%
Patiëntfactoren 25%
Onverklaarde factoren 45%
, 2Psychologische Stromingen Hoorcolleges
Hoofdstuk 3
De theorie van Freud
Freud is de grondlegger van de psychotherapie. Hij ging als een detective op zoek
naar onbewuste gevoelens, conflicten en wensen. Hij hield zich bezig met
verdrongen woede, angst en verdriet. Vaak zijn het agressieve en seksuele wensen
die te bedreigend zijn voor het bewuste, en daarom verdrongen zijn naar het
onbewuste (zoals dromen en verspreken).
Het doel van Freuds therapie is het bewust maken van verdrongen problematiek en
deze een plek geven. Volgens hem zijn huidige problemen ontstaan in de kindertijd.
Het Es, Ego en Superego
Es Ego Superego
Bevat alle biologisch Uit botsingen met de Geweten: verboden en
bepaalde instincten, realiteit ontstaat het geboden
driften en behoeften. ego.
Eten, roken, etc. Ideaal-ik
Moet
Belangrijke driften: behoeftebevrediging Geweten straft ons met
seksuele en agressieve. uitstellen. schuldgevoel bij overtreding
Gaat om alles wat Moet rekening houden Werkt volgens het morele
‘’lekker’’ is. Genieten. met werkelijkheid en principe
anderen.
Is uit op Te streng superego: te
behoeftebevrediging. N.b. zelfbeheersing!! weinig behoeftebevrediging.
Nee kunnen verdagen!! Last voor jezelf
Is irrationeel, impulsief Leren wachten!!
en uit op genot. Te zwak superego: teveel
Werkt volgens het aan jezelf denken: geen of
Werkt volgens het realiteitsprincipe weinig inlevingsvermogen.
lustprincipe. Last voor anderen.
Overheerst bij baby’s
Afweermechanismen verdringen de ‘verboden’ impuls.
Het ego moet behoeften uit het es ‘netjes’ bevredigen en rekening houden met de
eisen van het superego.
Freud had een zeer pessimistisch mensbeeld. Volgens hem was de mens het
agressiefste wezen op aarde.
Hoofdstuk 1
Psychodynamische benaderingen. Hoofdstuk 3
Cognitief-gedragstherapeutische benaderingen. Hoofdstuk 4
Cliëntgerichte benaderingen. Hoofdstuk 5
Lichaamsgerichte benaderingen. Hoofdstuk 6 (geen tentamenstof)
Systeemgerichte benaderingen. Hoofdstuk 7
Oplossingsgerichte benaderingen. Hoofdstuk 8
Voorbeeld
Benadering: gedragsbenadering;
Methodiek: sociale vaardigheidstraining
Doel van boek en DVD: weten wat je doet en waarom.
Sociaal werkers moeten handelen kunnen plaatsen in normatieve en theoretische
kaders. Met andere woorden: weten wat je doet, en waarom.
Je gebruikt technieken in de sociale context van de individu. Men werkt met
methoden uit verschillende theoretische kaders.
De taart van Lambert
Algemene therapiefactoren 30%
Veranderingen door factoren buiten therapie 40%
Technieken 15%
Placebo 15%
Het verschilt per hulpverlener en cliënt welke techniek het beste werkt.
De taart van Norcross
Verbetering als gevolg van:
Methode 8%
Kenmerken van therapeut 7%
Therapeutische relatie 10%
Patiëntfactoren 25%
Onverklaarde factoren 45%
, 2Psychologische Stromingen Hoorcolleges
Hoofdstuk 3
De theorie van Freud
Freud is de grondlegger van de psychotherapie. Hij ging als een detective op zoek
naar onbewuste gevoelens, conflicten en wensen. Hij hield zich bezig met
verdrongen woede, angst en verdriet. Vaak zijn het agressieve en seksuele wensen
die te bedreigend zijn voor het bewuste, en daarom verdrongen zijn naar het
onbewuste (zoals dromen en verspreken).
Het doel van Freuds therapie is het bewust maken van verdrongen problematiek en
deze een plek geven. Volgens hem zijn huidige problemen ontstaan in de kindertijd.
Het Es, Ego en Superego
Es Ego Superego
Bevat alle biologisch Uit botsingen met de Geweten: verboden en
bepaalde instincten, realiteit ontstaat het geboden
driften en behoeften. ego.
Eten, roken, etc. Ideaal-ik
Moet
Belangrijke driften: behoeftebevrediging Geweten straft ons met
seksuele en agressieve. uitstellen. schuldgevoel bij overtreding
Gaat om alles wat Moet rekening houden Werkt volgens het morele
‘’lekker’’ is. Genieten. met werkelijkheid en principe
anderen.
Is uit op Te streng superego: te
behoeftebevrediging. N.b. zelfbeheersing!! weinig behoeftebevrediging.
Nee kunnen verdagen!! Last voor jezelf
Is irrationeel, impulsief Leren wachten!!
en uit op genot. Te zwak superego: teveel
Werkt volgens het aan jezelf denken: geen of
Werkt volgens het realiteitsprincipe weinig inlevingsvermogen.
lustprincipe. Last voor anderen.
Overheerst bij baby’s
Afweermechanismen verdringen de ‘verboden’ impuls.
Het ego moet behoeften uit het es ‘netjes’ bevredigen en rekening houden met de
eisen van het superego.
Freud had een zeer pessimistisch mensbeeld. Volgens hem was de mens het
agressiefste wezen op aarde.