Management
Bronvermelding
Titel : Vlottend Financieel Management
Druk : 9e druk, 2010
Auteur : A.B. Dorsman
Uitgever : Convoy Uitgevers BV
ISBN (boek) : 9789059017740
Aantal hoofdstukken (boek) : 9
Aantal pagina’s (boek) : 338
De inhoud van dit uittreksel is met de grootste zorg samengesteld. Incidentele onjuistheden kunnen niettemin voorkomen.
Je dient niet aan te nemen dat de informatie die Students Only B.V. biedt foutloos is, hoewel Students Only B.V. dat wel
nastreeft. Dit uittreksel is voor persoonlijk gebruik en is bedoeld als wegwijzer bij het originele boek. Wij raden altijd aan
het bijbehorende studieboek erbij te kopen en dit uittreksel als naslagwerk erbij te houden. In dit uittreksel worden diverse
verwijzingen gemaakt naar het studieboek op basis waarvan dit uittreksel is gemaakt.
Dit uittreksel is een uitgave van Students Only B.V. Copyright © 2010 StudentsOnly B.V. Alle rechten
voorbehouden. De uitgever van het studieboek is op generlei wijze betrokken bij het vervaardigen van dit
uittreksel. Voor vragen kan je je wenden per email aan .
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 Inleiding 3
Hoofdstuk 2 De kostenvoet 6
Hoofdstuk 3 Investeringsselectie 9
Hoofdstuk 4 Investeringsselectie onder onzekerheid 13
Hoofdstuk 5 Planning en control 17
Hoofdstuk 6 Werkkapitaalmanagement 22
Hoofdstuk 7 Risicomanagement 27
Hoofdstuk 8 Financiële instrumenten 30
Hoofdstuk 9 Prestatiemeting 32
www.studentsonly.nl Voor de beste uittreksels ! 2
Bron : Vlottend Financieel Management – A.B. Dorsman
, Hoofdstuk 1 Inleiding
1.1 Inleiding
Peer group = Soortgelijke bedrijven.
Earnings management = Winststuring: de bedrijfsleiding hoeft niet de maximale winst te
behalen zodat er volgend boekjaar nog speling is. De bedrijfsleiding tracht wel een grotere
winst te behalen dan de peer group. Als de winst van vergelijkbare ondernemingen stijgt met
5% en de winst van bedrijf A met 10%, dan doet bedrijf A het goed. Immers men doet het
beter dan de concurrenten. De winst van bedrijf A hoeft ook niet te stijgen met 20%, want dan
wordt het volgend jaar veel moeilijker om die winststijging te behouden of te overtreffen.
Voorzichtigheidsprincipe = Winsten worden genomen op het moment dat het zeker is dat
deze behaald worden, dus wanneer het economische eigendom ligt bij de koper. Verliezen
worden genomen als deze geconstateerd worden, ook als achteraf blijkt dat het nergens voor
nodig was.
Ondernemingsfinanciering = Het beheren en beheersen van geldstromen tussen de
onderneming en andere relevante partijen voor de onderneming, zoals bijvoorbeeld de bank,
leveranciers, afnemers en fiscus.
Bij sommige ondernemingen worden de posten ‘crediteuren’ en ‘nog te betalen bedragen’
gerubriceerd aan de debetzijde van de balans omdat deze primair verbonden zijn aan de
operationele activiteiten van de onderneming, net zoals de overige posten aan de debetzijde
van de balans. Aan de creditzijde van de balans staan de financieringsgrootheden.
1.2 Tijdvoorkeur
Iedereen wil liever vandaag geld ontvangen dan morgen. Ook wil iedereen zo weinig
mogelijk risico’s lopen, dit wordt risicoaversie of risicoafkerigheid genoemd en houdt
verder in dat men voor het lopen van risico’s een vergoeding eist. Stel iemand kan vandaag
€ 5.000 krijgen of volgend jaar. Echter volgend jaar is deze € 5.000 geen € 5.000 waard, maar
minder doordat men de rente van de bank erover is misgelopen. Men wil wel op dit moment
afstand van een geldbedrag doen als dit bedrag over een bepaalde tijd hoger kan zijn. Stel
iemand kan over een jaar € 2.000 ontvangen en eist daarvoor een vergoeding van 5%. Om uit
te rekenen wat de waarde van de € 2.000 op dit moment is, dient het bedrag contant te worden
gemaakt. Dit wordt ook wel disconteren genoemd en ziet er als volgt uit:
€ 2.000/(1+0,05) = € 1.904,76
In formulevorm:
CW = K/(1+k)^N
CW = Contante waarde;
K = Het te ontvangen bedrag;
k = Disconteringsvoet per periode;
N = Aantal perioden waarover contant wordt gemaakt.
In sommige situaties wordt gewerkt met halfjaarlijkse rentebetaling. Gegeven de situatie dat
€ 60.000 over 5 jaar wordt ontvangen en de disconteringsrente 2,5% per halfjaar bedraagt, ziet
de formule er dan als volgt uit:
CW = 60.000/(1.025)^10 = € 46.871,90
www.studentsonly.nl Voor de beste uittreksels ! 3
Bron : Vlottend Financieel Management – A.B. Dorsman