Psychopathologie semester 1
Inhoud
Psychopathologie 1 – Inleiding...............................................................................................................1
Psychopathologie 2 – Risico- en beschermende factoren.......................................................................5
Psychopathologie 3 – Verstandelijke beperking......................................................................................8
Psychopathologie 4 – Autisme spectrum stoornissen...........................................................................10
Psychopathologie 5 – ADHD.................................................................................................................13
Psychopathologie 6 – leerstoornissen..................................................................................................17
Psychopathologie 7 – begeleiden van kinderen met ontwikkelingspsychopathologie..........................19
Psychopathologie 8 – gedragsstoornissen............................................................................................20
Psychopathologie 10 – angststoornissen..............................................................................................28
Psychopathologie 11 - Bipolaire en depressieve stemmingsstoornissen..............................................31
Psychopathologie 12 – eetstoornissen.................................................................................................35
Psychopathologie 13 – alcohol- en middelengebruik...........................................................................38
Psychopathologie 1 – Inleiding
Praktijkopdracht, kind uit zoeken die mij puzzelt. Observeren, dossier lezen, voorbereiden voor les 7.
1
,Presenteren van dit kind voor vrije ruimte, groter uitpakken van het kind observeren en theorie
uitproberen OO.
Ontwikkelings-psycho-patho-logie
Ontwikkeling staat centraal
Wederzijdse beïnvloeding (transactie), een krijgt wel een stoornis andere niet.
Ontwikkelingsopgave en opvoedingstaak, ouders beïnvloeden het kind. Sociale problemen etc.
Normaal vs abnormaal
Wanneer spreken we van een psychische stoornis
- Abnormaal verschijnsel
o Verschilt per land
- Veroorzaakt ongemak, lijden of bezorgdheid
- Past binnen een psychopathologisch begrippenkader
o Wereldwijd
Gedrag -> probleem (CBCL/TRF) dimensionele classificatie -> stoornis (DSM/ICD) categorale
classificatie
Classificatie betekent: onderscheid maken en indelen.
Zoals onderscheid tussen allerlei soorten organismen, of grazers, of psychische stoornissen
sp
Het DSM-classificatiesysteem: voornamelijk categoriale classificatie
DSM: Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders.
- Nieuwere versies (5)
- Het ontwikkelt zich steeds verder, eerst ‘traditionele’ autist nu is er een spectrum.
Verschillende hoofdgroepen in DSM-5
- Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen
- Schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen
- Bipolaire-stemmingsstoornissen
- Depressieve stemmingsstoornissen
- Angststoornissen
- Obsessief-compulsieve en verwante stoornissen
- Psychotrauma- en stress gerelateerde stoornissen
- Dissociatieve stoornissen
- Somatisch-symptoom stoornissen en verwante stoornissen
- Voedings- en eetstoornissen
- Stoornissen in de zindelijkheid
- Slaap-waakstoornissen
- Seksuele disfucties
- Genderdysforie
- Disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen
- Middelgerelateerde en verslavingsstoornissen
- Neurocognitieve stoornissen
- Persoonlijkheidsstoornissen
- Parafiele stoornissen
- Overige psychische stoornissen
- Andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn
Dsm-systematiek
2
, - Dsm werkt traditioneel met vaststellen van wel of geen stoornis
- Sinds DSM 5 ook aandacht voor dimensionele classficatie
Classificatie
- Wat? Is er aan de hand
- Algemene kennis
- Beschrijvend
- Betreft groepen
- Gedragskenmerken
- Relatief snel te stellen
- Geeft enige richting aan de hulpverlening
Diagnostiek
- Hoe? Is het zo gekomen
- Specifieke kennis
- Verklarend
- Betreft individu
- Zijn meerdere niveaus van de persoon en context bij betrokken
- Tijdrovend proces
- Is voorwaardelijk voor (goede) hulpverlening
Bij diagnostiek zijn er 3 vragen belangrijk.
- Waarom juist toen/nu deze klachten gekregen?
- Waarom blijven de klachten bestaan?
- Waarom juist dit kind in deze omgeving? (dit gezin)
wat zijn de middelen om diagnostiek uit te voeren?
- Gesprek/ interview
- Observeren
- Vragenlijsten (CBCL)
Wat betekent het begrip epidemiologie?
- De epidemiologie is de wetenschappelijke studie van het vóórkomen en de verspreiding van
ziekten onder de bevolking.
Co-morbiditeit is een begrip dat slaat op: het tegelijkertijd voorkomen van stoornissen
Prevalentie: het aantal mensen van een groep dat aan een stoornis lijdt.
Verschillende psychologische stromingen:
- Psychoanalyse
o Freud, erikson, bowlby
Ervaringen eerste levensjaren
- Behaviorisme
o Pavlov, skinner, bandura
Waarneembaar gedrag
Tabula rasa
Leerprocessen (alle gedrag is aangeleerd)
- Humanistische psychologie
- Cognitieve psychologie
o Piaget, Albert Ellis (RET)
3
Inhoud
Psychopathologie 1 – Inleiding...............................................................................................................1
Psychopathologie 2 – Risico- en beschermende factoren.......................................................................5
Psychopathologie 3 – Verstandelijke beperking......................................................................................8
Psychopathologie 4 – Autisme spectrum stoornissen...........................................................................10
Psychopathologie 5 – ADHD.................................................................................................................13
Psychopathologie 6 – leerstoornissen..................................................................................................17
Psychopathologie 7 – begeleiden van kinderen met ontwikkelingspsychopathologie..........................19
Psychopathologie 8 – gedragsstoornissen............................................................................................20
Psychopathologie 10 – angststoornissen..............................................................................................28
Psychopathologie 11 - Bipolaire en depressieve stemmingsstoornissen..............................................31
Psychopathologie 12 – eetstoornissen.................................................................................................35
Psychopathologie 13 – alcohol- en middelengebruik...........................................................................38
Psychopathologie 1 – Inleiding
Praktijkopdracht, kind uit zoeken die mij puzzelt. Observeren, dossier lezen, voorbereiden voor les 7.
1
,Presenteren van dit kind voor vrije ruimte, groter uitpakken van het kind observeren en theorie
uitproberen OO.
Ontwikkelings-psycho-patho-logie
Ontwikkeling staat centraal
Wederzijdse beïnvloeding (transactie), een krijgt wel een stoornis andere niet.
Ontwikkelingsopgave en opvoedingstaak, ouders beïnvloeden het kind. Sociale problemen etc.
Normaal vs abnormaal
Wanneer spreken we van een psychische stoornis
- Abnormaal verschijnsel
o Verschilt per land
- Veroorzaakt ongemak, lijden of bezorgdheid
- Past binnen een psychopathologisch begrippenkader
o Wereldwijd
Gedrag -> probleem (CBCL/TRF) dimensionele classificatie -> stoornis (DSM/ICD) categorale
classificatie
Classificatie betekent: onderscheid maken en indelen.
Zoals onderscheid tussen allerlei soorten organismen, of grazers, of psychische stoornissen
sp
Het DSM-classificatiesysteem: voornamelijk categoriale classificatie
DSM: Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders.
- Nieuwere versies (5)
- Het ontwikkelt zich steeds verder, eerst ‘traditionele’ autist nu is er een spectrum.
Verschillende hoofdgroepen in DSM-5
- Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen
- Schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen
- Bipolaire-stemmingsstoornissen
- Depressieve stemmingsstoornissen
- Angststoornissen
- Obsessief-compulsieve en verwante stoornissen
- Psychotrauma- en stress gerelateerde stoornissen
- Dissociatieve stoornissen
- Somatisch-symptoom stoornissen en verwante stoornissen
- Voedings- en eetstoornissen
- Stoornissen in de zindelijkheid
- Slaap-waakstoornissen
- Seksuele disfucties
- Genderdysforie
- Disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen
- Middelgerelateerde en verslavingsstoornissen
- Neurocognitieve stoornissen
- Persoonlijkheidsstoornissen
- Parafiele stoornissen
- Overige psychische stoornissen
- Andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn
Dsm-systematiek
2
, - Dsm werkt traditioneel met vaststellen van wel of geen stoornis
- Sinds DSM 5 ook aandacht voor dimensionele classficatie
Classificatie
- Wat? Is er aan de hand
- Algemene kennis
- Beschrijvend
- Betreft groepen
- Gedragskenmerken
- Relatief snel te stellen
- Geeft enige richting aan de hulpverlening
Diagnostiek
- Hoe? Is het zo gekomen
- Specifieke kennis
- Verklarend
- Betreft individu
- Zijn meerdere niveaus van de persoon en context bij betrokken
- Tijdrovend proces
- Is voorwaardelijk voor (goede) hulpverlening
Bij diagnostiek zijn er 3 vragen belangrijk.
- Waarom juist toen/nu deze klachten gekregen?
- Waarom blijven de klachten bestaan?
- Waarom juist dit kind in deze omgeving? (dit gezin)
wat zijn de middelen om diagnostiek uit te voeren?
- Gesprek/ interview
- Observeren
- Vragenlijsten (CBCL)
Wat betekent het begrip epidemiologie?
- De epidemiologie is de wetenschappelijke studie van het vóórkomen en de verspreiding van
ziekten onder de bevolking.
Co-morbiditeit is een begrip dat slaat op: het tegelijkertijd voorkomen van stoornissen
Prevalentie: het aantal mensen van een groep dat aan een stoornis lijdt.
Verschillende psychologische stromingen:
- Psychoanalyse
o Freud, erikson, bowlby
Ervaringen eerste levensjaren
- Behaviorisme
o Pavlov, skinner, bandura
Waarneembaar gedrag
Tabula rasa
Leerprocessen (alle gedrag is aangeleerd)
- Humanistische psychologie
- Cognitieve psychologie
o Piaget, Albert Ellis (RET)
3