Hoofdstuk 2: Kennismaken met didactische route
Voorwaarden voordat je een route kunt invullen
- Bepaal waarover de les of de activiteit moet gaan, dus welke leerinhouden
behandeld moeten worden
- Stel vervolgens leerdoelen voor de leerlingen vast die je wilt halen door
uitvoering van de les of activiteit.
Samenvatting
- Om je onderwijs goed voor te bereiden, ontwerp je voor jezelf
handelingsstappen en voor de leerlingen leerstappen
- Didactische routes vormen een reeks opeenvolgende activiteiten
(leerstappen) van leerlingen om vooraf gestelde leerdoelen te halen
- De leef- en belevingswereld van leerlingen hoort een plaats te krijgen in elk
onderwijsproces
- Er bestaan vele en beproefde manieren om de leefwereld in het onderwijs te
betrekken
- Aandacht voor de leefwereld verdiept het leren en motiveert de leerlingen
- Didactische routes voor leerlingen ontwerp je door drie componenten in het
leerproces te gebruiken; leerstof-leerling-leefwereld
- In elke route moet zo mogelijk worden gependeld tussen de drie componenten
leerstof, leerling en leefwereld, om een zinvol leerproces voor kinderen te
creëren
- Je kunt niet altijd alle drie componenten in een didactische route gebruiken,
maar de component ‘leerling; moet er altijd toe behoren
, Hoofdstuk 3: Routes ontwerpen
Meer over de drie componenten
Leerstof
- In de handboeken staan de kerndoelen en tussendoelen.
- Je kunt zelf leerstof eraan toevoegen dat heel zelf gebonden leerstof:
voorbeelden, het winkelcentrum in de buurt waar je een project kunt maken,
een natuurgebied in de omgeving van de school waarin je een natuurpad kunt
uitzetten en onderzoekjes laten doen.
- Voor het schema; ‘onderwijs ontwerpen’ gelden de volgende afspraken
▪ Aangeboden leerstof hoort thuis in de component ‘leerstof’ links
in het schema. Zelf gevonden leerstof uit bronnenboeken en
andere literatuur ook
▪ Zelf gevonden leerstof in de leefwereld, materieel of digitaal,
plaats je in het schema rechts onder de component ‘leefwereld’
Leerling
- Kinderen kunnen groot verschillen
- Kinderen blijken ook een eigen leerstijl te hebben en kunnen daarin onderling
verschillen
- Kinderen zijn dus geen onbeschreven blaadjes papier. Ze dragen al heel wat
mee in hun brein als ze naar school komen
o Kennis over verschijnselen en gebeurtenissen in hun eigen leven en
dat van anderen, ongedaan uit eigen ervaring of via media
o Allerlei vaardigheden, zowel in bewegen en denken
o Meningen of opvattingen over van alles en nog wat, al of niet
doorgedacht
o Waarden en normen, waarvan ze zich meestal niet bewust zijn, maar
die een flinke rol kunnen spelen in hun gedrag en denken
o Specifieke interesses of voorkeuren
o Leerstijlen en leergedrag
o Positieve of negatieve gevoelens over zichzelf, over leren en over
schoolgaan
Leefwereld
- In het schema ‘onderwijs ontwerpen’ heeft de component ‘leefwereld’ twee
functies:
o Leerstof ontlenen aan de werkelijkheid van alledag, dichtbij of veraf
o Aangeboden leerstof uit bijvoorbeeld methodes toepassen in de
leefwereld die voor de leerlingen het meest bekend is.
Activiteiten van leerlingen
Leerstof
- De aandacht richten
- De aandacht vasthouden
- Oefenen
- Meedenken en meedoen, meelezen en nadoen
- Betrokken zijn
- Ontdekken en onderzoeken
- Ordenen
- Vragen beantwoorden of zelf vragen stellen
Leerling
- Vertellen