Samenvatting Radiologie
H1
Wanneer straling met een voorwerp/levend wezen in aanraking komt, kunnen er drie
verschijnselen optreden:
De stralen worden teruggekaatst
De stralen gaan er dwars doorheen
De stralen worden geabsorbeerd
De mate van doordringbaarheid van straling hangt af van deze factoren:
Het soort stof (materiaal of weefsel) Als een stof minder dicht is of de atomen een
laag atoomnummer bezitten, zal de doordringbaarheid groter zijn.
Het soort straling Hoe kleiner de deeltjes of hoe korter de golflengte, des te groter de
doordringbaarheid
De meegevoerde energie naarmate de door de straling meegevoerde energie groter
is, zal de doordringbaarheid groter zijn.
Straling
Bij energierijke straling, levert dit gevaar op voor de mens dringt dieper door in
weefsels.
Straling met lage energie is gevaarlijker deze kan met het overgebleven energie cellen
kapotmaken nadat het door het lichaam is gedrongen ionisatie.
Ionisatie: elektronen worden losgemaakt uit hun banen rond de kern van het atoom en
komen dus vrij, met alle gevolgen van dien.
Vijf soorten straling
Alfa-straling
Beta-straling
Röntgenstraling
Gamma-straling
Neutronen-straling
Röntgenstraling kan een beschadigend effect hebben en kan 4 consequenties hebben:
Groeibelemmeringen
Epitheelverwoesting
Veroorzaken van ontstekingen
Veroorzaken van genbeschadiging
Het soort beschadiging hangt af van verschillende factoren:
Het diersoort een vis is gevoeliger voor straling dan wij.
Het orgaan
o Bloedvormende organen rode beenmerk leidt tot verminderde aanmaak
van witte bloedcellen.
o Geslachtsorganen verminderde vitaliteit of abnormale vrucht of sterfte van
het embryo.
o Ooglens er kan lenstroebeling ontstaan.
o Melkklieren tumoren kunnen ontstaan.
o Maagdarmkanaal beschadiging van het snelgroeiende maagdarmvlies kan
misselijkheid, braken en diarree veroorzaken.
o De huid roodheid, haaruitval, verlies toename pigment, huidontsteking of
tumorvorming.
1
, Drempelwaarde: de minimale waarde die je nodig hebt voor een bepaald effect je merkt
niets tot de drempel is overschreden.
Biologisch effect: röntgenstraling heeft een schadelijk effect in het menselijk of dierlijk lichaam.
Drie dingen die gebeuren als röntgenstraling door materiaal dringt:
Ongehinderde passage van de straling door het lichaam
Absorptie
Verstrooiing
Verzwakking hangt af van:
De dikte van het object de buik van een bouvier verzwakt straling meer dan die van
een poedeltje
Het gemiddelde atoomnummer bot heeft een hoger atoomnummer dan weke delen.
De dichtheid van het object weefsel van longen en spieren hebben hetzelfde
atoomnummer, maar spieren hebben meer atomen/cm3.
De energie-inhoud van de straling laag-energetische straling met een lage
golflengte wordt meer geabsorbeerd dan de hoogenergetische stralen met een korte
golflengte.
2
H1
Wanneer straling met een voorwerp/levend wezen in aanraking komt, kunnen er drie
verschijnselen optreden:
De stralen worden teruggekaatst
De stralen gaan er dwars doorheen
De stralen worden geabsorbeerd
De mate van doordringbaarheid van straling hangt af van deze factoren:
Het soort stof (materiaal of weefsel) Als een stof minder dicht is of de atomen een
laag atoomnummer bezitten, zal de doordringbaarheid groter zijn.
Het soort straling Hoe kleiner de deeltjes of hoe korter de golflengte, des te groter de
doordringbaarheid
De meegevoerde energie naarmate de door de straling meegevoerde energie groter
is, zal de doordringbaarheid groter zijn.
Straling
Bij energierijke straling, levert dit gevaar op voor de mens dringt dieper door in
weefsels.
Straling met lage energie is gevaarlijker deze kan met het overgebleven energie cellen
kapotmaken nadat het door het lichaam is gedrongen ionisatie.
Ionisatie: elektronen worden losgemaakt uit hun banen rond de kern van het atoom en
komen dus vrij, met alle gevolgen van dien.
Vijf soorten straling
Alfa-straling
Beta-straling
Röntgenstraling
Gamma-straling
Neutronen-straling
Röntgenstraling kan een beschadigend effect hebben en kan 4 consequenties hebben:
Groeibelemmeringen
Epitheelverwoesting
Veroorzaken van ontstekingen
Veroorzaken van genbeschadiging
Het soort beschadiging hangt af van verschillende factoren:
Het diersoort een vis is gevoeliger voor straling dan wij.
Het orgaan
o Bloedvormende organen rode beenmerk leidt tot verminderde aanmaak
van witte bloedcellen.
o Geslachtsorganen verminderde vitaliteit of abnormale vrucht of sterfte van
het embryo.
o Ooglens er kan lenstroebeling ontstaan.
o Melkklieren tumoren kunnen ontstaan.
o Maagdarmkanaal beschadiging van het snelgroeiende maagdarmvlies kan
misselijkheid, braken en diarree veroorzaken.
o De huid roodheid, haaruitval, verlies toename pigment, huidontsteking of
tumorvorming.
1
, Drempelwaarde: de minimale waarde die je nodig hebt voor een bepaald effect je merkt
niets tot de drempel is overschreden.
Biologisch effect: röntgenstraling heeft een schadelijk effect in het menselijk of dierlijk lichaam.
Drie dingen die gebeuren als röntgenstraling door materiaal dringt:
Ongehinderde passage van de straling door het lichaam
Absorptie
Verstrooiing
Verzwakking hangt af van:
De dikte van het object de buik van een bouvier verzwakt straling meer dan die van
een poedeltje
Het gemiddelde atoomnummer bot heeft een hoger atoomnummer dan weke delen.
De dichtheid van het object weefsel van longen en spieren hebben hetzelfde
atoomnummer, maar spieren hebben meer atomen/cm3.
De energie-inhoud van de straling laag-energetische straling met een lage
golflengte wordt meer geabsorbeerd dan de hoogenergetische stralen met een korte
golflengte.
2