Scheikunde §13.1
Kunststoffen zijn polymeren (‘poly’ betekent veel). Je noemt de kleine moleculen waar het
polymeer uit is opgebouwd monomeren. Het koppelen van monomeren kan op twee
verschillende manieren, namelijk via een additiepolymerisatie of via een
condensatiepolymerisatie.
Additiepolymerisatie:
Stap 1: De reactie wordt opgestart door het vormen van radicaalmoleculen.
Stap 2: De radicaalmoleculen reageren weer met een bepaald molecuul, waarbij de keten
langer wordt. Dit proces herhaalt zich vele malen. Er wordt steeds eenzelfde molecuul aan
de keten toegevoegd. In de structuurformule noem je het fragment tussen de haakjes de
repeterende eenheid en dat komt in de structuur n keer voor. De repeterende eenheid noem
je de monomeereenheid.
Stap 3: De reactie stopt wanneer twee radicaalmoleculen met elkaar reageren. Op
deze manier ontstaat het additiepolymeer.
Om een deel van de structuur van een polymeer te tekenen gebruik je golfjes (aan het
begin en eind) om te laten zien dat dat het molecuul nog verder doorloopt.
Scheikunde §13.2
Condensatiereactie:
Je noemt een reactie waarbij uit twee moleculen een groter molecuul wordt gevormd en een
klein molecuul wordt afgesplitst een condensatiereactie. Een voorbeeld van een
condensatiereactie is de estervorming uit een zuur en een alcohol. De vorming van een ester
is een evenwichtsreactie. De ester kan dus weer reageren met water om het zuur en de
alcohol te vormen. Reacties waarbij moleculen door een reactie met water ontleden zijn
hydrolysereacties.
Om het verloop van een condensatiereactie te begrijpen heb je het reactiemechanisme
nodig. Hierin geef je de moleculen weer in lewisstructuren en de verplaatsing van de
elektronen met pijlen. Het reactiemechanisme van de estervorming verloopt in 4 stappen.
Stap 1: Ethaanzuur neemt een proton op van H3O+, afkomstig van het zwavelzuur.
Stap 2: Er treedt een reactie op van het ion met ethanol.
Stap 3: Een proton (H+) verplaatst van het ene naar het andere O-atoom.
Stap 4: Er splitst water af en een watermolecuul neemt een proton op.
Polymeren die worden gemaakt door een condensatiereactie noem je
condensatiepolymeren. Net als bij additiepolymerisatie wordt een groot aantal moleculen
aan elkaar gekoppeld. Dit kan door:
Eén stof te nemen waarvan de moleculen zowel een zuurgroep als alcoholgroep
bevatten.
Twee stoffen met elkaar te reageren, een dizuur en een diol.
Als de monomeereenheden via esterbindingen aan elkaar zitten, noem je een polymeer
een polyester. Een polymeer dat is ontstaan uit verschillende monomeren noem je een