Psychologie; een praktijkgerichte benadering voor sociaal werk
Hoofdstuk 2; psychologische stromingen en hun toepassing in de praktijk
Er zijn vijf verschillende psychologische stroming die op hun eigen manier naar de mens kijken:
1. De psychoanalyse
2. Het behaviorisme
3. Het humanisme
4. Het cognitvisme
5. De biologische benadering
2.1 De psychoanalyse
Sigmund Freud is de grondlegger van de psychoanalyse. Freuds opvatngen zijn in het werkveld nog
altjd actueel;e de nadruk ligt op de onbewuste processen en het belang van de kindertjd voor
verdere ontwikkeling. Volgens Freud worden mensen met twee onmisbare basisbehoefen geboren:
een behoefe aan seks en een behoefe aan agressie. De agressieve behoefe zorgt ervoor dat
iemand zijn territorium kan verdedigen en de seksuele behoefe zorgt voor nageslacht. In Freuds
ogen bezaten baby’s deze behoefenn doorgegeven via de evolute (ature-opvatngn aangeboren
eigenschappen).
2.1.1 Hoe ziet de psyche er volgens Freud uit?
De behoefen van een mens vormden een onderdeel van de psyche. Freud noemt deze drifen:
innerlijke krachten die het individu aanzeten tot gedrag. Het onderdeel waar deze drifen zich
bevinden noemt hij het Id. deze drifen zijn aangeboren. Een baby heef dus veel behoefen deze
moeten afgeleerd worden. Zo ontstaat het geweten. Hierin zijn alle aangeleerde normen en regels
opgenomen het superego). Volgens Freud was de kindertjd van cruciaal belang op iemands vedere
ontwikkelingn deze gedachtenis heef veel aanhangers. Soms wordt het soms ondersteund vanuit de
biologische hoekn omdat de hersenen in de eerste jaren erg plastsch zijn en prikkels dus een
zwaardere stempel kunnen drukken.
Volgens Freud is er nog een derde instanten namelijk het ego. Deze zoekt een middenweg tussen de
tegengestelde eisen die het id en het superego aan ons stellen. Ook dient het voor om alle
verontrustende en negateve gedachten over onszelf en de omgeving hebben naar het onbewuste te
verbannen. Freud ziet de menselijke geest als een ijsbergn je ziet alleen het topje. Zo gezegt is volgens
Freud de mens gedoemd om ongelukkig te zijn door dat we behoefes hebben waar we niks mee
kunnen. Som worden deze bevredigtn wat tjdelijk plezier oplevert. Daarnaast laten we deze
behoefes niet naar het bewuste toen omdat de mens zich niet als kwaadaardig gewenst ziet.
2.1.2 De afweermechanismes
Volgens Freud heef ieder mens zogenaamde afweermechanismes. Hiermee kunnen wij met onze
behoefen omgaan zodat we een positef beeld van onszelf hebben. Het belangerijkste is voor Freud
verdringing¸ dit betekend dat bepaalde onpretge gedachtes uit het bewustzijn worden geweerd
traumatsche gebeurtenissenn omdat ze te veel pijn doen).
, Bij het afweermechanisme rationalisatie gebeurt volgens Freud iets vergelijkbaar met verdringing.
Bij ratonalisate praten we onze eigen handelingen goed. Bij verplaatsing uiten we onze behoefes in
een afgezwakte vorm Call of Duty). Deze verplaatsing maakt ons niet gelukkign want het is een slap
afreksel van echt iemand slaan of vermoorden. Een betere manier om behoefes te uiten is volgens
Freud sublimatie. Hierbij uit iemand op een manier die door de maatschappij toegejuicht en zelfs
beloont tandartsn leger..).
Een ander afweermechanisme is reactieformatie. Hierbij uiten we een behoefe door precies het
tegenoverstelde te doen van wat we werkelijk willen zieke vrouw verzorgen terwijl je haar eigenlijk
dood wilt). Als laatst heef Freud projectie bedachtn deze houdt in dat je je eigen negateve
eigenschappen in iets of iemand anders waarneemt.
2.1.3 Hoe te behandelen?
Behandelen is volgens Freud een lang en complex proces waar bewustwording van de onbewuste
gedachten en behoefes centraal staat. Freud deed hypnose en de freudiaanse behandelmethode
woord zeggen en cliënt moet direct de gedachtes zeggen). Deze wordt bij de hulpverlening nog
steeds gebruikt narratef werken).
2.1.4 Overdracht en tegenoverdracht bij de behandeling
Overdracht heef betrekking op de onbewuste manier waarop een cliënt op zijn hulpverlener
reageertn wat verbonden is met interactepatronen van het verleden van de cliënt. Overdracht kan
positeve en negateve gevolgen hebben;e een cliënt kan bij het vertellen van zijn levensverhaal
behoefe aan waardering of goedkeuring hebben die alleen een hulpverlener die niet kritsch is naar
de cliënt kan bevredigen. Dit kan een sterke band tussen de cliënt en de hulpverlener verzorgen.
Maar een cliënt die zich altjd afgewezen heef gevoeld door zijn oudersn kan teleurgesteld zijn als jij
zijn afspraak moet afzeggen. Tegenoverdracht heef betrekking op onbewust reactepatronen van de
hulpverlener ten opzichte van zijn cliënt.
2.1.5 Discussies rondom de psychoanalyse
- Effectviteit van de behandelmethode
- De processen waarover Freud spreekt vinden vaak plaats op onbewust niveau en laten zich
moeilijk meten. Ook is zijn theorie zo breed dat je al het gedrag van ieder mens ermee kunt
vergelijken.
- Zijn theorie is niet geschikt om voorspellingen mee te doen.
2.2 Het behaviorisme
Het behaviorisme probeert alles te herleiden tot prikkels in de omgeving. Deze stroming wordt ook
wel de black box stroming genoemdn de menselijke geest wordt gezien als een black box waarvan de
inhoud er niet zoveel toe doet.
VOORBEELD
Input: Een meisje dat de heletjd romy macaroni genoemd wordt. Output: nauwelijks eten en
calorieën tellen. Waarom de input heef geleid tot de output is voor een behaviorist geen
Hoofdstuk 2; psychologische stromingen en hun toepassing in de praktijk
Er zijn vijf verschillende psychologische stroming die op hun eigen manier naar de mens kijken:
1. De psychoanalyse
2. Het behaviorisme
3. Het humanisme
4. Het cognitvisme
5. De biologische benadering
2.1 De psychoanalyse
Sigmund Freud is de grondlegger van de psychoanalyse. Freuds opvatngen zijn in het werkveld nog
altjd actueel;e de nadruk ligt op de onbewuste processen en het belang van de kindertjd voor
verdere ontwikkeling. Volgens Freud worden mensen met twee onmisbare basisbehoefen geboren:
een behoefe aan seks en een behoefe aan agressie. De agressieve behoefe zorgt ervoor dat
iemand zijn territorium kan verdedigen en de seksuele behoefe zorgt voor nageslacht. In Freuds
ogen bezaten baby’s deze behoefenn doorgegeven via de evolute (ature-opvatngn aangeboren
eigenschappen).
2.1.1 Hoe ziet de psyche er volgens Freud uit?
De behoefen van een mens vormden een onderdeel van de psyche. Freud noemt deze drifen:
innerlijke krachten die het individu aanzeten tot gedrag. Het onderdeel waar deze drifen zich
bevinden noemt hij het Id. deze drifen zijn aangeboren. Een baby heef dus veel behoefen deze
moeten afgeleerd worden. Zo ontstaat het geweten. Hierin zijn alle aangeleerde normen en regels
opgenomen het superego). Volgens Freud was de kindertjd van cruciaal belang op iemands vedere
ontwikkelingn deze gedachtenis heef veel aanhangers. Soms wordt het soms ondersteund vanuit de
biologische hoekn omdat de hersenen in de eerste jaren erg plastsch zijn en prikkels dus een
zwaardere stempel kunnen drukken.
Volgens Freud is er nog een derde instanten namelijk het ego. Deze zoekt een middenweg tussen de
tegengestelde eisen die het id en het superego aan ons stellen. Ook dient het voor om alle
verontrustende en negateve gedachten over onszelf en de omgeving hebben naar het onbewuste te
verbannen. Freud ziet de menselijke geest als een ijsbergn je ziet alleen het topje. Zo gezegt is volgens
Freud de mens gedoemd om ongelukkig te zijn door dat we behoefes hebben waar we niks mee
kunnen. Som worden deze bevredigtn wat tjdelijk plezier oplevert. Daarnaast laten we deze
behoefes niet naar het bewuste toen omdat de mens zich niet als kwaadaardig gewenst ziet.
2.1.2 De afweermechanismes
Volgens Freud heef ieder mens zogenaamde afweermechanismes. Hiermee kunnen wij met onze
behoefen omgaan zodat we een positef beeld van onszelf hebben. Het belangerijkste is voor Freud
verdringing¸ dit betekend dat bepaalde onpretge gedachtes uit het bewustzijn worden geweerd
traumatsche gebeurtenissenn omdat ze te veel pijn doen).
, Bij het afweermechanisme rationalisatie gebeurt volgens Freud iets vergelijkbaar met verdringing.
Bij ratonalisate praten we onze eigen handelingen goed. Bij verplaatsing uiten we onze behoefes in
een afgezwakte vorm Call of Duty). Deze verplaatsing maakt ons niet gelukkign want het is een slap
afreksel van echt iemand slaan of vermoorden. Een betere manier om behoefes te uiten is volgens
Freud sublimatie. Hierbij uit iemand op een manier die door de maatschappij toegejuicht en zelfs
beloont tandartsn leger..).
Een ander afweermechanisme is reactieformatie. Hierbij uiten we een behoefe door precies het
tegenoverstelde te doen van wat we werkelijk willen zieke vrouw verzorgen terwijl je haar eigenlijk
dood wilt). Als laatst heef Freud projectie bedachtn deze houdt in dat je je eigen negateve
eigenschappen in iets of iemand anders waarneemt.
2.1.3 Hoe te behandelen?
Behandelen is volgens Freud een lang en complex proces waar bewustwording van de onbewuste
gedachten en behoefes centraal staat. Freud deed hypnose en de freudiaanse behandelmethode
woord zeggen en cliënt moet direct de gedachtes zeggen). Deze wordt bij de hulpverlening nog
steeds gebruikt narratef werken).
2.1.4 Overdracht en tegenoverdracht bij de behandeling
Overdracht heef betrekking op de onbewuste manier waarop een cliënt op zijn hulpverlener
reageertn wat verbonden is met interactepatronen van het verleden van de cliënt. Overdracht kan
positeve en negateve gevolgen hebben;e een cliënt kan bij het vertellen van zijn levensverhaal
behoefe aan waardering of goedkeuring hebben die alleen een hulpverlener die niet kritsch is naar
de cliënt kan bevredigen. Dit kan een sterke band tussen de cliënt en de hulpverlener verzorgen.
Maar een cliënt die zich altjd afgewezen heef gevoeld door zijn oudersn kan teleurgesteld zijn als jij
zijn afspraak moet afzeggen. Tegenoverdracht heef betrekking op onbewust reactepatronen van de
hulpverlener ten opzichte van zijn cliënt.
2.1.5 Discussies rondom de psychoanalyse
- Effectviteit van de behandelmethode
- De processen waarover Freud spreekt vinden vaak plaats op onbewust niveau en laten zich
moeilijk meten. Ook is zijn theorie zo breed dat je al het gedrag van ieder mens ermee kunt
vergelijken.
- Zijn theorie is niet geschikt om voorspellingen mee te doen.
2.2 Het behaviorisme
Het behaviorisme probeert alles te herleiden tot prikkels in de omgeving. Deze stroming wordt ook
wel de black box stroming genoemdn de menselijke geest wordt gezien als een black box waarvan de
inhoud er niet zoveel toe doet.
VOORBEELD
Input: Een meisje dat de heletjd romy macaroni genoemd wordt. Output: nauwelijks eten en
calorieën tellen. Waarom de input heef geleid tot de output is voor een behaviorist geen