Leerdoelen %
De student kan een fnancieel plan opstellen zodanig dat de netto
vermogensbehoefte en de afossingscapaciteit van een organisatie bepaald kan
worden.
10-20%
De student kan verschillende investeringsselectiescriteria berekenen en
interpreteren zodanig dat een analyse gemaakt kan worden van de impact van
een investeringsvoorstel op verschillende stakeholders.
10-20%
De student kan een onderbouwde beslissingen nemen over de samenstelling en
omvang van het geinduceerd netto werkkapitaal zodanig dat de operationele
processen duurzaam blijven verlopen en de druk op de vermogensbehoefte
beperkt blijft. 10-20%
FOR 1 De student weet hoe vermogensverstrekkers naar het risico van een
fnancieringsaanvraag kijken en op welke manier dit risico gemitigeerd kan
worden zodanig dat er aan de vermogensbehoefte voldaan kan worden met
gebruik van verschillende fnancieringsbronnen. 10-20%
De student kan analyseren welke consequenties een bedrijfsuitbreiding heeft
voor het HR-proces van een organisatie zodanig dat dit vastgelegd kan worden
in relevante administraties,
5-10%
De student kan uittleggen welke gegevens er in in verschillende processen van
1 eenFOR
Tentamenstof dienstverlende
– blok 1 onderneming moeten worden vastgelegd zodanig dat de
inrichting van de administratieve organisatie hierop aansluit.
10-20%
Leerdoelen curriculumboek:
Maakt een afgewogen en onderbouwd investerings- en fnancieringsplan,
1 uitmondend in een keuze voor een fnancierings- en kostenstructuur
Maakt een afgewogen en onderbouwd operationeel plan: human resources,
2 supply chain, logistiek, enzovoorts.
Legt alle voorkomende, ook operationele, processen in relevante systemen vast
3 die leiden tot betekenisvolle rapportages
Toetsvormen Weging
Schrifelijke casustoets:
Toepassing, berekening en interpretate van specifeke modellen, rato's en 100%
kengetallen.
Inhoud FOR 1:
, Week 1 – fnanciële planning
Onderwerpen: Vakintroducte
Herhaling propedeuse
Vakgebied fnanciering
Kasstromen / winst
Indirect Kasstroomoverzicht (start)
Literatuur: Financieel management en Financiering: H1
Materiaal:
FOR - Week 1 - Casus Bootsma - Casus Bootsma -
WC.pptx Begroting 2016(1).doc
Achtergrondinformatie opdracht A(1).doc
Kasstroomoverzichten:
Overzicht van operatonele, investerings- en fnancieringskasstromen ( 3 soorten) van een
organisate waarmee:
o Terugkijkend de mutate liiuide middelen verklaard kan worden
o Vooruitkijkend, bij een gewenste omvang van de liiuide middelen, de
fnancieringsbehoete bepaald kan worden
Het belang van een kasstroomoverzicht:
Beoordeling van investeringsprojecten:
De vrije kasstroom (in geval van een geheel nieuwe investering) of de mutate van de vrije
kasstroomFOR
2 Tentamenstof (in geval
– blokvan
1 een vervangings- of uitbreidingsinvestering) is uitgangspunt.
Financiële planning:
Geet inzicht in afossingscapaciteit of hoeveelheid aan te trekken vermogen.
Bedrijfswaardering:
De verwachte vrije kasstroom is uitgangspunt voor de waardering van een organisate (DCF-
methode).
Onderdelen van een kasstroomoverzicht:
• Operationele kasstromen
Kasstromen voortkomende uit de operatonele actviteiten van de organisate.
• Investeringskasstromen
Uitgaven en ontvangsten i.v.m. investeringen en desinvesteringen.
• Financieringskasstromen
Kasstromen gerelateerd aan het aantrekken, de vergoeding of het terugbetalen van vreemd-/
eigen vermogen.
2 methode van overzichten:
1. Directe methode (saldo ontvangst en uitgave) wat gaat er uit en wat komt er in
2. Indirecte methode
o Doe je vanuit een W&V rekening, je begint met het bedrijfsresultaat