paragraaf 2.2 (blz. 24, 25 en 26), inleiding van paragraaf 2.3 (blz. 33), en ‘In de praktijk’
(blz. 34), inleiding van paragraaf 2.4 (blz. 37) en inleiding van paragraaf 2.5 (blz. 39).
Inleiding
De meeste geneesmiddelen grijpen aan op cellen en hebben hun uitwerkingen op biochemische
processen in cellen.
Veel termen uit dit hoofdstuk kom je in veelgebruikte naslagwerken tegen, zoals het
Farmacotherapeutichhkompai en het geneesmiddelenrepertorium.
2.1 (inleiding) Waarom zijn eiwitten goede aangrijpingspunten voor
geneesmiddelen?
De meeste geneesmiddelen grijpen aan op eiwiten die zich meestal op en in het celmembraan
bevinden. Deze kunnen in vier categorieën worden ingedeeld:
Receptoren
Ionkanalen
Enzymen
Transporteiwiten
Er volgt een therapeutsch efect (bijv. de ontsteking of pijn wordt minder, het cholesterol in het
bloed daalt).
Er zijn drie redenen waarom eiwiten geschikte aangrijpingspunten zijn voor geneesmiddelen:
2.1.1 Er zijn talloze verschillende soorten eiwitten
2.1.2 Eiwitten spelen een belangrijke rol bij fysiologische processen
2.1.3 Elk orgaan en elk weefsel heeft een eigen, specifek eiwit dat kenmerkend is
voor dat orgaan en weefsel
2.2 (inleiding) Eiwitten waarop geneesmiddelen aangrijpen (1):
Receptoren
Communicate is zeer belangrijk voor het goed functoneren van het lichaam.
Fysiologische processen (met hun vele biochemische reactes) moeten op de juiste plaats en op het
juiste moment plaatsvinden.
Hersendelen communiceren met elkaar en met de organen en weefsels die ze besturen.
Klieren (bijv. hypofyse en pancreas) moeten communiceren met cellen en weefsels om te garanderen
dat het inwendige milieu van het lichaam stabiel blijf. homeostase = inwendige
reguleringsmechanismen die ervoor zorgen dat fysiologische functes (zoals de bloeddruk,
lichaamstemperatuur en concentrate van gassen in het bloed) stabiel blijven.
Communicate wordt mogelijk gemaakt door chemische boodschappers die worden afgegeven door
Zenuwcellen
Kliercellen
Een heleboel andere soorten cellen