HOOFDSTUK 11: MEMBRAME STRUCTURE
Alles van een cel zit in een plasma membraan, bestaande uit een twee-laags vel lipide moleculen. Het
functoneert als een barrirre voor de cel, maar laat wel voedingsstofen toe en afvalstofen kunnen eruit.
Hiervoor is het membraan geperforeerd door proteïnen die kanalen vormen in het membraan die
specifeke kleine moleculen en ionen door kunnen laten.
Andere eiwiten in het membraan zijn sensoren en receptoren, waar via de cel informate over zijn
omgeving krijgt en erop kan reageren. Eukaryotsche cellen hebben ook nog inwendige membranen om
bepaalde organellen heen (endoplastsch retculum, olgi apparaat en mitochondrien).
The Lipid Bilayer
Membrane lipids form bilayers in water
Elke lipide heef een hydrofele en hydrofobe kant. Dit soort moleculen
zijn amfipathisch.
De meest voorkomende lipiden zijn fosfolipiden. Een voorbeeld
hiervan is fosfatidylcholine, wat een choline aan de fosfaat groep
heef als hydrofele kop.
Het is het meest energiegunstg als hydrofobe moleculen in water
samen klompen. Amfpatsche moleculen in water gaan dan ook met
de hydrofobe staarten naar elkaar toe liggen, resulterend in de
vorming van een lipide twee-laag. Deze zelfde eigenschap zorgt er ook
voor dat kleine scheurtjes in de laag uit zichzelf weer dicht gaan. Bij
grote scheuren kan het gebeuren dat de lipide twee-laag volledig uit
elkaar valt en meerdere nieuwe, gesloten lagen vormt. Open eindes
heb je dus nooit voor lang.
The lipid bilayer is a feeible two dimensional fuid
Door de waterachtge omgeving kunnen de lipide het membraam niet ontsnappen, maar ze kunnen wel
onderling bewegen en van plek veranderen, maar ze wisselen bijna nooit van laag (flip-flop). Het is ook
erg fleeibel.
,
Alles van een cel zit in een plasma membraan, bestaande uit een twee-laags vel lipide moleculen. Het
functoneert als een barrirre voor de cel, maar laat wel voedingsstofen toe en afvalstofen kunnen eruit.
Hiervoor is het membraan geperforeerd door proteïnen die kanalen vormen in het membraan die
specifeke kleine moleculen en ionen door kunnen laten.
Andere eiwiten in het membraan zijn sensoren en receptoren, waar via de cel informate over zijn
omgeving krijgt en erop kan reageren. Eukaryotsche cellen hebben ook nog inwendige membranen om
bepaalde organellen heen (endoplastsch retculum, olgi apparaat en mitochondrien).
The Lipid Bilayer
Membrane lipids form bilayers in water
Elke lipide heef een hydrofele en hydrofobe kant. Dit soort moleculen
zijn amfipathisch.
De meest voorkomende lipiden zijn fosfolipiden. Een voorbeeld
hiervan is fosfatidylcholine, wat een choline aan de fosfaat groep
heef als hydrofele kop.
Het is het meest energiegunstg als hydrofobe moleculen in water
samen klompen. Amfpatsche moleculen in water gaan dan ook met
de hydrofobe staarten naar elkaar toe liggen, resulterend in de
vorming van een lipide twee-laag. Deze zelfde eigenschap zorgt er ook
voor dat kleine scheurtjes in de laag uit zichzelf weer dicht gaan. Bij
grote scheuren kan het gebeuren dat de lipide twee-laag volledig uit
elkaar valt en meerdere nieuwe, gesloten lagen vormt. Open eindes
heb je dus nooit voor lang.
The lipid bilayer is a feeible two dimensional fuid
Door de waterachtge omgeving kunnen de lipide het membraam niet ontsnappen, maar ze kunnen wel
onderling bewegen en van plek veranderen, maar ze wisselen bijna nooit van laag (flip-flop). Het is ook
erg fleeibel.
,