,Inhoud
Week 1 gezondheid en epidemiologisch................................................................................................3
Week 2 stofwisseling..............................................................................................................................5
Week 3 zenuwstelsel en psychische aandoening...................................................................................7
Week 4 het zenuwstelsel deel 2 en neurologische aandoeningen.......................................................11
Week 5 Het hart en hart en vaatziekten...............................................................................................13
Week 6 longen en longaandoeningen..................................................................................................15
Week 7 gewrichten en gewrichtaandoeningen....................................................................................17
Week 8 verouderen..............................................................................................................................20
, Week 1 gezondheid en epidemiologisch
Epidemiologie = factoren die invloed kunnen hebben op ziekte
Etiologisch = factoren die de gezondheidsproblemen veroorzaken, waarom roken, overgewicht
erfelijk, hartaanval
Prognostisch = factoren die als het gezondheidsprobleem er al is, het verloop positief of negarieg
beïnvloed, verloop of verwachting borstkanker, leeftijd tumorgrote
Diagnostisch = factoren die indicatie geven aan aanwezigheid van ziekte onderzoek doen +
uitkomst
Gezondheidsindicatoren = het effect van leefstijl, gezondheidsrisico’s
1. Levensverwachting resterende levensduur van een individu
2. Verloren levensjaren sterfte na resterende levensverwachtingen
3. Morbiditeit
- incidentie specifieke populatie waarin nieuwe getallen in een periode zijn. nieuw
- prevalentie ziekte populatie op bepaald moment. bestaand
4. mortaliteit sterfte gevallen in bepaalde periode op gebied
5. ervaren gezondheid subjectieve gezondheidsmaat
6. rookgedrag
7. overgewicht
8. mentale gezondheid
Preventie
Primaire preventie
Doel: voorkomen dat mensen gezondheids problemen of ongeval krijgen
Voorbeeld: vaccinaties zuigelingen (baby’s)
Secundaire preventie
Doel: vroege opsporing van ziekte of afwijking, genetische aanleg
Voorbeeld: screening hypertensie
Tertiaire preventie
Doel: richten op verbetren van gezondtoestand met aandoening, herstel
Voorbeeld: medicijnen
Gezondheid volgens WHO = optimaal lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden
Sence of coherence = kijken of iemand gezond blijft/wordt of niet drie elementen
1. Comprehensibility begrijpbaarheid
2. Manageability beheersbaarheid
3. Meaningfulness wat betekend het voor mij
Positieve gezondheid = waarom is iemand wel gezond
Model van lalonde kijkt naar populatie
- intern mulieu = van binnen
- extern milieu = fysieke omgeving, gebouwen