Taalkunde 2 GNGT 1 Bijeenkomst 5: Morfologie II
Aantekeningen bij weblecture via HUbl en de PowerPoint van de les.
Morfologie II: tjdd aspectd congruente.
Lexicaal en grammaticaal uitdrukken
Lexicaal uitdrukken = uitdrukken door middel van woorden/gebaren uit het lexicon
Gisteren was ik ziek.
Grammatcaal uitdrukken = Door het werkwoord te vervoegen
Gisteren was ik ziek.
Flexie (vervoeging)
Gaat over het algemeen over werkwoorden.
Vervoegen van werkwoordsvormen
= Het maken van verschillende werkwoordsvormen door middel van systematsche
vormveranderingen
- Steeds dezelfde vormverandering die steeds dezelfde (grammatcalee betekenis toevoegt
- Toepasbaar op een groot aantal woorden/gebaren (het is een regele
In gebarentaal
In het NGT d.m.v. index: werkwoorden worden vervoegd door het plaatsen van personen in de
syntactsche ruimte en de gebaren hun kant op te maken of van hun kant naar jou.
- De 2-index is altjd aanwezigd 3a/3b niet
- 1-index ben je zelf
- Vervoeging resulteert uiteindelijk in een hele zin
Congruente= vormovereenkomst: aan de vervoeging kan je zien welke persoon de handeling
uitvoert en welke persoon de handeling ondergaat. vs vervoeging (het maken van de werkwoord
vervoeginge
Flexie van tijd
Tijdstp van de situate of gebeurtenis in de zin ten opzichte van het moment van sprekend otewel:
- Hedend verledend toekomst
Hulpwerkwoorden helpen werkwoorden om in de juiste tjd te staan.
Nederlands
Lexicaal
Aparte woorden gebruiken om Tijd aan te gevend bijv. ‘gisteren’d ’nu’d ‘overmorgend ‘drie maanden
geleden’
Grammatcaal
= het werkwoord zo veranderen dat het een tjd uitdrukt.
- Vervoeging van werkwoorden voor Tijdd bijv. ‘ren-rende’ (hedend verledene
- Hulpwerkwoord van de toekomende tjd: zullen
Aantekeningen bij weblecture via HUbl en de PowerPoint van de les.
Morfologie II: tjdd aspectd congruente.
Lexicaal en grammaticaal uitdrukken
Lexicaal uitdrukken = uitdrukken door middel van woorden/gebaren uit het lexicon
Gisteren was ik ziek.
Grammatcaal uitdrukken = Door het werkwoord te vervoegen
Gisteren was ik ziek.
Flexie (vervoeging)
Gaat over het algemeen over werkwoorden.
Vervoegen van werkwoordsvormen
= Het maken van verschillende werkwoordsvormen door middel van systematsche
vormveranderingen
- Steeds dezelfde vormverandering die steeds dezelfde (grammatcalee betekenis toevoegt
- Toepasbaar op een groot aantal woorden/gebaren (het is een regele
In gebarentaal
In het NGT d.m.v. index: werkwoorden worden vervoegd door het plaatsen van personen in de
syntactsche ruimte en de gebaren hun kant op te maken of van hun kant naar jou.
- De 2-index is altjd aanwezigd 3a/3b niet
- 1-index ben je zelf
- Vervoeging resulteert uiteindelijk in een hele zin
Congruente= vormovereenkomst: aan de vervoeging kan je zien welke persoon de handeling
uitvoert en welke persoon de handeling ondergaat. vs vervoeging (het maken van de werkwoord
vervoeginge
Flexie van tijd
Tijdstp van de situate of gebeurtenis in de zin ten opzichte van het moment van sprekend otewel:
- Hedend verledend toekomst
Hulpwerkwoorden helpen werkwoorden om in de juiste tjd te staan.
Nederlands
Lexicaal
Aparte woorden gebruiken om Tijd aan te gevend bijv. ‘gisteren’d ’nu’d ‘overmorgend ‘drie maanden
geleden’
Grammatcaal
= het werkwoord zo veranderen dat het een tjd uitdrukt.
- Vervoeging van werkwoorden voor Tijdd bijv. ‘ren-rende’ (hedend verledene
- Hulpwerkwoord van de toekomende tjd: zullen