Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Overig

Bronnenlijst o&o

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
18
Geüpload op
21-03-2024
Geschreven in
2022/2023

Complete bronnenlijst voor het tentamen van Onderwijs- en ontwikkelingspychologie voor jaar 1 psychologie Universiteit Leiden

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 2

- Epigenesis: de vorming van nieuwe structuren en functies in het proces van ontwikkeling
- Gamets: voortplantingscellen - ei- en spermacellen - die de helft van het genetisch
materiaal bevatten van alle andere lichaamscellen
- Meiosis: celsplitsing die gameten produceert.
- Conception: de samensmelting van een ei- en spermacel.
- Zygote: een bevruchte eicel met 46 chromosomen.
- Embryo: het ontwikkelende organisme van de 3e tot de 8e week.
- Fetus: het ontwikkelende organisme van de 9e week tot de geboorte.
- Mitosis: celsplitsing die leidt tot twee identieke cellen.
- Embryonic stem cells: embryonic cellen, die kunnen ontwikkelen tot elke soort
lichaamscel.
- Celmigratie: het verplaatsen van cellen in de embryo.
- Apoptosis: genetisch geprogrammeerde celdood.
- Identical (monozygotic) twins: tweelingen geresulteerd uit het in tweeën splitsen van de
zygote, wat resulteerde in twee zygoten met exact dezelfde set genen.
- Fraternal (dizygotic) twins: tweelingen geresulteerd uit twee tegelijk bevruchte
vrijgekomen eicellen, helft gelijke genen.
- Neural tube: een groef in de bovenste laag van de gedifferentieerde cel van de embryo dat
uiteindelijk de hersenen en ruggengraat wordt.
- Amniotic sac (vruchtzak): een transparante, met vocht gevulde membraan die de foetus
omringt en beschermt.
- Placenta: een ondersteunend orgaan voor de foetus; het houdt de bloedsomloop van de
moeder en baby gescheiden, maar het semipermeabele membraan staat de uitwisseling van
bepaalde stoffen toe (zuurstof en voedingsstoffen vanaf de moeder en CO2 en afvalstoffen
vanaf de foetus.)
- Umbilical cord (navelstreng): een buis die aderen aan de placenta en foetus verbindt.
- Cephalocaudal development: het groeipatroon waarin gebieden rondom het hoofd sneller
groeien dan verder weg van het hoofd.
- Phylogenetic continuity: het idee dat door onze evolutionaire geschiedenis mensen
karakteristieken, gedragingen en ontwikkelingsprocessen delen met niet-mensen,
voornamelijk zoogdieren.
- Habituation: een simpele manier van leren waarbij er minder reactie optreedt naarmate een
stimulatie vaker wordt herhaald (snellere habituatie voorspelt hoger IQ op latere leeftijd.).
- Dishabituatie: de introductie van een nieuwe stimulus wordt verkozen boven een al
bekende stimulus.
- Teratogeen: een externe stof die schade of dood kan veroorzaken tijdens de prenatale
ontwikkeling.
- Sensitive period: de periode waarin het ontwikkelende organisme het kwetsbaarst is voor
externe factoren.
- Dose-response relation: een relatie waarin herhaalde blootstelling aan een element zorgt
voor een versterking van het effect van het teratogeen.

,- Sudden infant death syndrome: de onverwachte acute dood van een baby jonger dan 1
jaar zonder oorzaak.
- Fetal alcohol spectrum disorder: de schadelijke effecten van het drinken van alcohol
tijdens de zwangerschap op de baby. FAS bestaat uit een aantal effecten, zoals
gezichtskenmerken, hyperactiviteit en andere problemen. Fetal alcohol effects is een term die
wordt gebruikt voor individuen die een aantal, maar niet alle, standaard effecten laten zien.

Hoofdstuk 11

- Harry Harlow: deed onderzoek naar binding van rhesusaapjes.
- Attachment: een emotionele band met een specifieke persoon die doorgaat door tijd en
ruimte.
- Attachment theory: een theorie gebaseerd op John Bowlby’s werk dat stelt dat kinderen
biologisch zijn gemaakt om binding te ontwikkelen aan verzorgers om de kans op overleving
te vergroten.
- Secure base: verwijst naar het idee dat de aanwezigheid van een vertrouwde verzorger zorgt
voor een gevoel van veiligheid voor het kind wat het kind in staat stelt om de omgeving te
verkennen.
- Internal working model of attachment: de mentale representatie van een kind zelf,
verzorgers en relaties in het algemeen, dat resulteert in ervaring met verzorgers.
- Strange situation: een procedure ontwikkeld door Mary Ainsworth om de binding van kind
en primaire verzorger vast te stellen.
- Secure attachment: een patroon van binding waarin jonge kinderen een positieve en
vertrouwde relatie hebben met hun verzorger. in de Strange Situation, een zeker gebonden
kind mag teleurgesteld zijn als de verzorger weggaat, maar blij als deze weer terug komt en
hersteld dus snel van stress. Als kinderen zeker gehecht zijn, kunnen kinderen verzorgers
gebruiken als basis voor ontdekking.
- Insecure/resistant attachment: een type onzekere binding waarin jonge kinderen
aanhankelijk en dichtbij hun verzorger blijven in plaats van ontdekken. In de Strange
Situation worden onzeker gehechte kinderen onzeker en opstandig als hun verzorger ze alleen
laat en niet snel gerustgesteld als deze weer terugkomt. Deze weigert ook comfort
aangeboden door de verzorger.
- Insecure/avoidant attachment: een type onzekere hechting waarin jonge kinderen
afstandelijk zijn tov hun verzorger. Het kind wordt boos als het alleen wordt gelaten en hij of
zij wordt even makkelijk gerustgesteld door een vreemde als door de verzorger.
- Disorganized/disoriented attachment: een type onzekere binding waarbij jonge kinderen
geen standaard manier van omgang hebben met stress of de Strange Situation. Hun gedrag is
verward of tegenstrijdig.
- Parental sensitivity: verzorgend gedrag dat bestaat uit het uiten van warmte en
voorwaardelijke reacties op kinderen zoals hulp bieden bij paniek.

Hoofdstuk 3

, - Genome: de complete set van DNA van een organisme, inclusief alle genen.
- Genotype: het genetische materiaal dat een individu bezit.
- Fenotype: de observeerbare expressie van het genotype, inclusief zowel lichaams
karakteristieken als gedrag.
- Environment: elke onderdeel van een individu en zijn/haar omgeving anders dan de genen.
- Chromosomes: DNA moleculen die genetische informatie doorgeven, chromosomen
bestaan uit DNA.
- DNA: moleculen die alle biochemische instructies dragen betrokken bij de formatie en
functioneren van een organisme.
- Genes: secties van chromosomen die het basisdeel zijn van de erfelijkheid van alle levende
wezens.
- Crossing over: het proces waarbij secties van DNA wisselen van chromosoom, dit zorgt
voor verschillen tussen individuen.
- Mutation: een verandering in een stukje DNA.
- Sex chromosomes: de X en Y chromosomen die het geslacht van een persoon bepalen.
- Endophenotypes: gevorderde fenotypen, inclusief hersenen en zenuwstelsel, die niet
betrokken zijn bij geuit gedrag.
- Regulator genes: genen die de activiteit van andere genen controleren.
- Alleles: twee of meer verschillende vormen van een gen.
- Dominant allel: het allel dat altijd tot uiting komt.
- Recessief allel: het allel dat niet tot uiting komt als het samen met een dominant allel
voorkomt.
- Homozygoot: het hebben van twee dezelfde allelen voor een eigenschap.
- Heterozygoot: het hebben van twee verschillende allelen voor een eigenschap.
- Polygenic inheritance: overervingspatroon waarbij eigenschappen worden bepaald door
meer dan één gen.
- Phenylketonuria (PKU): een stoornis gekoppeld aan een niet werkend gen op chromosoom
12 waardoor het aminozuur phenylalanine niet wordt verwerkt.
- Carrier genetic testing: genetisch testen dat wordt gebruikt om te bepalen of toekomstige
ouders dragers zijn van bepaalde stoornissen.
- Prenatal testing: genetische testen die worden gebruikt om foetussen te testen op het risico
op genetische stoornissen.
- Newborn screening: testen die worden gebruikt om pasgeboren baby’s te screenen op
genetische en niet-genetische stoornissen.
- Epigenetics: de studie van stabiele veranderingen van genen die worden veroorzaakt door
de omgeving.
- Behavior genetics: de studie die gaat over hoe variatie in gedrag en ontwikkeling resulteert
van de combinatie van genetica en omstandigheden.
- Heritable: verwijst naar de karakteristieken en eigenschappen die genetisch worden
doorgegeven.
- Heritability: een statistische schatting van de proportie van de gemeten variantie van een
eigenschap binnen individuen in een gegeven populatie die te linken is aan de genetische
verschillen tussen deze individuen.

Documentinformatie

Geüpload op
21 maart 2024
Aantal pagina's
18
Geschreven in
2022/2023
Type
OVERIG
Persoon
Onbekend
€6,07
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
VicWijk Universiteit Leiden
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
19
Lid sinds
2 jaar
Aantal volgers
4
Documenten
37
Laatst verkocht
2 weken geleden

1,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen