Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Lessen in Onderzoek door A.A.J. van Peet, H.A.M. Everaert

Beoordeling
4,0
(2)
Verkocht
11
Pagina's
10
Geüpload op
01-12-2018
Geschreven in
2018/2019

Samenvatting uit het boek Lessen in Onderzoek. Gebruikt voor de toets. Alle hoofdstukken samengevat behalve hoofdstuk 11, 14 en 17.

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1 – Praktijkgericht onderzoek.

5 kenmerken praktijkgericht onderzoek:
1. Probleemstelling: onderzoeksvraag. Kan beschrijvend, verklarend of ontwerpend zijn.
2. Systematiek: systematisch handelen.
3. Onafhankelijkheid van de persoon.
4. Openbaarheid, verslaglegging
5. Weerlegbaarheid

Onderzoek is een dynamisch, systematisch proces waarin men een volgorde van stappen kan
onderscheiden.
Empirische cyclus (denken over onderzoek):
1. Probleemstelling
a. Beschrijvingsproblemen
b. Verklaringsproblemen
c. Ontwerpproblemen.
2. Informatieverzameling: bestuderen literatuur of zelf informatie verzamelen (= beschrijvingsprobleem).
3. Inductie: afleiden van theorie of het zoeken van theorie dat past bij de verzamelde informatie (=
verklaringsprobleem).
4. Deductie: uit de theorie hypothesen afleiden, mogelijk antwoord op de onderzoeksvraag.
Voorspelling maken wat er zal gebeuren (= ontwerpprobleem).
5. Toetsing/evaluatie.

Zes fases van praktijkgericht onderzoek (lineair proces, vooral over de praktische werkzaamheden).
1. Formuleren en doordenken van een probleemstelling.
2. Uitwerken van de onderzoeksopzet.
3. Verzamelen van gegevens
4. Verwerken van gegevens.
5. Interpreteren van gegevens en conclusies trekken.
6. Rapporteren.

Fundamenteel wetenschappelijk onderzoek:
- Produceert theorie of verklaring over onderwerpen.
- Gericht op de ontwikkeling en toetsing van theorie die een brede algemene geldigheid hebben en
dus niet alleen van toepassing zijn op slechts één situatie.
- Gericht op de theorie.
Praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek:
- Startpunt is een probleem dat moet worden opgelost.
- Oplossen van het praktische probleem (doel).
- Voldoen aan de 5 pijlers van wetenschappelijk onderzoek.
- Kennis willen verkrijgen om praktische problemen op te lossen.
- Veel overleg.

Causaliteit (moet aan 3 eisen voldoen, verklaring dat Y door X wordt veroorzaakt).
1. Er moet een samenhang zijn tussen X en Y
2. X moet aan Y voorafgaan in tijd.
3. Er is geen derde verschijnsel dat de samenhang tussen X en Y ook kan verklaren.
Om causaliteit vast te stellen in een onderzoek hangt af van de onderzoeksopzet.
Methodologie: de theorie over hoe onderzoek dient te worden uitgevoerd, uitsluiten van biases.
1. Dataverzamelingsmethoden (vragenlijsten, interviews etc.)
2. Data-analyse, methoden (frequentie, percentage etc.)

Onderzoeksstrategieën (belangrijkste verschil zijn de tijdstippen van metingen):
1. (quasi-)experiment: causale verbanden te onderzoeken en kent duidelijk van elkaar gescheiden
tijdstippen waartussen vaak een interventie wordt toegepast. Experimentele proefopzetting heeft
een experimentele en controle groep (vaak moeilijk te realiseren). 2 waarnemingen: voor- en
nameting. Quasi-experimentele designs zijn de proefpersonen niet at random worden toegewezen
aan een groep. Experimentele designs meer interne validiteit.
2. Survey-onderzoek: systematisch verzamelen van gegevens (kwantiteit), waarna de stand van zaken
met behulp van statistische technieken wordt beschreven of geanalyseerd. Ook wel survey-enquête
genoemd. Geschikt voor opinieonderzoek.

, 3. Case-study: intensief (kwalitatief) onderzoek van één geval dat in al zijn complexiteit wordt
onderzocht. ‘geval’ kan ook cultuur, samenleving etc. zijn. Veel open interviews en observaties.
a. Actie-onderzoek: participatie van de onderzochten in het onderzoeksproces sterker
benadrukt (conciousness raising en voicing). Vooral de persoon van de onderzoeker die zich
bewust is van zijn eigen achtergrond, uiterlijk, opvatting etc. tijdens het onderzoek.
b. Ontwerpgericht onderzoek: interventie herhaaldelijk doorlopen en aangepast. Kan op 2
manieren: procesevaluatie (wat gebeurt er tijdens de invoering?) of productevaluatie (wat is
het uiteindelijke effect?).

Hoofdstuk 2 – Probleemstelling en onderzoeksfasen

Probleemstellig (is niet altijd hetzelfde als de onderzoeksdoel, vaker kunnen kleinere, specifiekere
probleemstellingen een brede doelstelling beantwoorden). Belangrijk dat de probleemstelling vooral
éénduidig/duidelijk is.

3 soorten probleemstellingen (praktisch belang staat voorop):
1. Beschrijvingsproblemen (‘wat is’): gaat om een beschrijving, wordt geen verklaring gevraagd.
2. Verklaringsproblemen (‘hoe komt het dat’): wil de oorzaken weten. Wetenschappelijk onderzoek
van een verklaringsprobleem beschikt vaak over theorie/model.
3. Ontwerpproblemen (‘wat is er aan te doen’): het bedenken van maatregelen die een gewenste
toestand kunnen realiseren.

Persoonlijke betrokkenheid en belangstelling mogen niet resulteren in een subjectief onderzoek verhaal dat
niet nader is te verifiëren.

Een probleemstelling moet voldoen aan …
- Inhoudelijke verankerd: duidelijk wat het onderzoeksgebied en thema is. Theoretische oriëntatie,
keuzes en vooronderstellingen beargumenteerd en uitgewerkt.
- Precies: omvat zoveel mogelijk het gene waar u antwoord op wilt.
- Relevant: aanpak heeft een oplossing voor het probleem.
- Methodisch herkenbaar: volgt de theorie van onderzoek doen.

Onderzoeksfases:
1. Formuleren en doordenken van de probleemstelling: concrete probleemstelling. De waarom van
het onderzoek wordt uitgelegd. Onderzoeksdoelstelling wordt uitgewerkt in deze fase.
2. Uitwerken van de onderzoeksopzet: uitwerken van de probleemstelling. Gaat tussen 1 en 2 heen en
weer. Ook wordt er gezocht naar theorie of verklaringen. Je doordenkt de gehele onderzoeksopzet.
Wordt ook een tijdpad gemaakt. Wat, waarom en wanneer worden beantwoord. Geef de
populatie weer en legt uit of u een steekproef afneemt.
a. De verzameling van alle onderzoekseenheden noemen we in de statistiek de populatie
(onderzoekseenheid, één leerling; populatie, de gehele klas). Steekproeven worden gedaan
uit de populatie als deze te groot is. Moeten representatief zijn voor de populatie. Aselecte
steekproef/kans steekproef/random steekproef als iedereen kans heeft om mee te doen.
3. Verzamelen van gegevens
4. Verwerken van gegevens
5. Interpreteren van gegevens en conclusies trekken
6. Rapporteren: iedereen moet het rapport kunnen repliceren.

Schrijven van een onderzoeksplan (tussen stap 1 & 2 van de onderzoeksfases).
1. Praktijkprobleem: praktische probleem dat je door middel van het onderzoek wilt oplossen
2. Onderzoeksvraag: de vraag die u door middel van het onderzoek gaat beantwoorden.
3. Theoretische verkenning: bestuderen van andermans werk. Vanuit de theorie interventies afleiden,
let op de variabelen.
4. Onderzoeksstrategie: op welke manier de gegevens die u nodig heeft om de onderzoeksvraag te
beantwoorden, gaat meten (=operationalisatie) en gaat produceren.
5. Planning: wanneer.

Hoofdstuk 3 – populaties en steekproeven.

Belangrijk onderdeel van het onderzoeksplan is de onderzoeksopzet: een serie instructies voor het
verzamelen en interpreteren van gegevens.
Onderzoek ontwerp: manier waarop we denken kennis te verkrijgen.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1,2,3,4,5,6,7,8,9,10,12,13,15,16
Geüpload op
1 december 2018
Aantal pagina's
10
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€5,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 2 reviews worden weergegeven
1 jaar geleden

1 jaar geleden

4,0

2 beoordelingen

5
1
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
jitskeee Hogeschool Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
11
Lid sinds
7 jaar
Aantal volgers
6
Documenten
1
Laatst verkocht
8 maanden geleden

4,0

2 beoordelingen

5
1
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen