Alineagebruik toets criteria:
1. Lengte is tussen de 5 – 8 zinnen (uitzondering kan)
Alinea’s zijn eenheden van tekst die groter zijn dan een zin, maar kleiner dan een paragraaf. Ze
vormen de gedachte-eenheden van een tekst. De richtlijn is om 5 -8 samenhangende zinnen te
schrijven.
2. Sléchts één onderwerp per alinea (geen uitzonderingen)
Begin een nieuw alinea bij een nieuw deelonderwerp van jouw tekst, een nieuw argument (bij betoog)
of een nieuw te beantwoorden sub-vraag. Als alinea erg lang is, dan kun je een deelonderwerp over
twee alinea’s verdelen. Alleen twee deelonderwerpen in een alinea behandelen als die te kort is.
3. Markering – Geef duidelijk aan wanneer een nieuwe alinea begint
Begin alinea’s op een nieuwe regel en laat de eerste regel inspringen (met een tab). Maar spring niet
na een kopje, witregel of boven een nieuwe pagina. Scheid de alineagroepen dus met een witregel.
4. Iedere alinea heeft een duidelijke kernzin
Formuleer de hoofdgedachte van een alinea zo scherp mogelijk in één zin en gebruik de rest van de
alinea om deze zin verder uit te werken. Je kunt de kernzin zetten aan:
- Als eerste zin (scanbaar voor snellezenden)
- Als tweede zin, na een korte aanloopzin
- In het midden als er sprake is van een sterke wending (uitzondering)
- Als laatste zin bij wijze van conclusie
, Taalverzorging
Letten op:
- Werkwoordspelling
- Voornaamwoorden en verwijswoorden
- Inversie, beknopte bijzin, samentrekking
- Incongruentie
- Contaminatie, tautologie, pleonasme
- Hoofdletters en interpunctie
- Samenstellingen en afleidingen
Taalgereedschap
- www.vandale.nl
- www.woordenlijst.org
- www.synoniemen.net
- www.spreekwoord.nl
Voor taaladvies:
- www.taaladvies.net
- www.onzetaa.nl/taaladvies/
Voor taaltraining:
- www.hogeschooltaal.nl
- www.beterspellen.nl