2.1 Nerve Cells and Nerve Impulses
Anatomy of neurons and glia
Neuronen (=zenuwcel) krijgen informatie en geven dit door aan andere cellen.
Glia (=steuncel) hebben meerdere functies.
The structure of an animal Cell
De buitenkant van een cel is het celmembraan het bevat 2
lagen van vetmoleculen. Door speciale eiwitpoortjes kunnen
water, zuurstof, zout, calcium, chloride en andere belangrijke
chemicaliën de cel binnen.
Alle (dierlijke) cellen hebben een celkern bevat
chromosomen (DNA).
Mitochondria geeft energie aan de cel actief, dus heeft
zuurstof en energie nodig voor zijn functie.
Ribosomen Hier worden nieuwe eiwitten gemaakt.
ER transporteren nieuwe eiwitten naar andere locaties.
The structure of a neuron
Er zijn twee soorten neuron:
- Motorische neuronen (links). Het krijgt alleen informatie door andere neuronen door
de dendrieten.
- Sensorische neuron (rechts). Krijgt informatie door een hoge sensitieve stimulatie
(zoals warmte of licht).
De dendrieten hebben aan het oppervlak synaptische receptoren waardoor ze info krijgen van
andere neuronen. Hoe groter het oppervlak (vergroten door dendrieten spines) hoe meer info
het kan krijgen.
De soma bevat de kern, mitochondria, ribosomen, enz. Het integreert de informatie.
Axonen zijn de informatie zenders van een neuron. Het is om hult met meyeline voor de
versenelling van het doorgeven van informatie. Aan het eind vertakt de axon, wat een
presynaptische terminal vormt, waarbij het neurotransmitters doorgeeft om de boodschap door
te geven aan de volgende neuron.
, Informatieverwerking (Van? Naar?):
- Van de zintuigen naar de hersenen Afferent axon (voert informatie aan) (sensorische
neuron)
- Van de ene naar de andere plek in de hersenen Intrinsiek axon
- Van de hersenen naar de spieren Efferent axon (voert informatie af) (motorische neuron)
Variatons among neurons
Neuronen verschillen in lengte, vorm en functie. De vorm bepaald de functie (veel dendrieten,
meer info ontvangen)
Glia
Ondersteunen de functies van neuronen
De helft van het hersenvolume
Beinvloeden informatieverwerking
Verschillende gliacellen:
- Astrocyte (stervormig) wikkelt rondom de presynaptische terminals van een groep
van functionele gerelateerde axonen helpen de activiteit van axonen te
synchroniseren wat helpt om berichten in golven te versturen halen afval materiaal
weg controleren de bloedflow naar hersenen (en beïnvloeden)
- Microglia haalt afval, virussen en andere micro-organismen weg
- Oligodendrocytes en Schwann cel bouwen myeline voor om de axon heen.
- Radial glia rol in de ontwikkeling van neuronen
- Productie hersenvloeistof
The blood-Brain barrier
De hersenen vervangen geen beschadigde cellen. Om het risico te verkleinen tegen
beschadigingen door bijv. virussen heeft het lichaam een muur gemaakt rond de
hersenbloedvezels. Deze muur houdt de meeste virussen, bacterie en medicijnen maar ook
voedingsstoffen tegen.
De muur is gemaakt van endothelial cellen.
Sommige stoffen (kleine moleculen) kunnen zonder kosten door het membraan: Zuurstof,
CO2. Water gaan door eiwitkanaaltjes naar binnen. En sommige moleculen kunnen oplossen
in het vet van het membraan, zoals vitamine A en D.
Andere stoffen gaan via actief transport de barrière door: Glucose, aminozuren, sommige
vitaminen, ijzer.
De bloedhersen barrière kan worden aangetast worden en verkleinen door radiatie,
ziekte/infectie, microgolven en een trauma.
The nourishment of vertebreate neurons
Sommige cellen gebruiken als voeding vet of koolhydraten. De meeste cellen gebruiken
glucose. Glucose is de enige voedingsstof die die bloed-hersen barriere door kan. Glucose is
nodig voor het actief transport en energie.