Variabelen:
- Afankelijk: De uitkomstmaat
- Onafankelijk: Heef invlooe o e uitkomstmaat
Zonnebran (onafankeloiik) o e mate van roo hei /verbran hei (afankeloiik)
IQ (onafankeloiik) o het welo of niet nemen van een tatoo (afankeloiik)
Meetniveau:
- Nominaal: Kun ie niet mee rekenen, biivoorbeelo haarkloeur, automerken, oloiteke artien,
man/vrouw ( ichotoom)
- Ordinaal: Zit een rangor e in, biivoorbeelo ‘heloemaalo eens’ tot ‘heloemaalo oneens’
- Metrisch: Kun ie mee rekenen, biivoorbeelo ciifers van een bookingsite
Verschillende onderzoeksgroepen:
- Meerdere groepen:
- Ex erimenteloe groe
- Controloe groe : Ploacebo
- Enkele groepen:
- Biivoorbeelo cohort
- Pros ectef cohort: Voor in e ti
- Retros ectef cohort: Terug in e ti
- Groote van de groep
- Samenstelling van de groep
Onderzoeksdesign: Pirami e EBP
1. SR
2. RCT
3. Cohorton erzoek
4. Patiënt-controloe on erzoek
5. Cross-sectoneelo on erzoek
6. Patiëntenserie
7. Mening ex ert
Verschilvraag: Is er een verschilo in verbran ing bii het welo of niet gebruiken van zonnebran crème?
Verbandvraag: Is er een verban tussen het gebruik van zonnebran en e mate van verbran ing?
Oorzaak-gevolog rinci e
RC2 Database aanmaken SPSS
Beschrijvende statstek: Weergeven van waarnemingen
Inducteve statstek: Mannen en vrouwen afzeten tegenover elokaar over het hoogste IQ, an ga ie
het toetsen. In ucteve is een toetsen e statstek
Is bij een ordinaal meetniveau de afstand tussen de verschillende categorieën altjd gelijk?
Nee, er zit maar 1 sta tussen. Het verschilo tussen Mbo en Hbo is biivoorbeelo niet geloiik aan Hbo en
Universiteit. Dit is niet te vergeloiiken.
Likertschaal: Een schaalo met heloemaalo eens, beetie eens, neutraalo
, RC3 Correlatetoetsen
1. Omschrijf in je eigen woorden wat een correlatecoëëciënt is.
Correloate is e samenhang/verban /reloate tussen twee variabeloen. Kun ie us gebruiken alos ie wilo
weten hoe sterk het verban tussen twee variabeloen is.
Voorbeelden van correlates:
- Negatef: Werktevre enhei en ziekteverzuim. Alos
- Geen correlate: Aantalo ooievaars en aantalo baby’s
- Positef: O loei ingsniveau en wat ie loater ver ien
Voorbeelden correlates:
- Aantalo ooievaars en het aantalo baby’s Geen correloate
- O loei ingsniveau en gelo wat ie loater ver ien Positef
2. Wat is het verschil tussen een correlatecoëëciënt en causaal verband?
Causaalo: Oorzaak gevolog. Alos een irecte oorzaak gevolog verban . Alos ie ie bran , kriig ie een
bran loek
Correloate: Samenhang, maar wilo niet aloti zeggen oorzaak gevolog
3. Welke type correlates bestaan er en teken deze uit
1. Positef: 1
2. Negatef: -1
3. Geen verband: 0
Zwak ositef: 0 < R < 0,3
Gemi elo : 0,3 < R < 0,5
Sterk: ≥ 0,5