Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Blok 3.4 Depressie en Psychose 2018/2019 Korte Samenvatting Probleem 1

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
7
Geüpload op
04-02-2019
Geschreven in
2018/2019

Korte samenvatting van de belangrijkste resultaten uit alle artikelen van het schooljaar 2018/2019. Handig als je alles van probleem 1 even kort op een rijtje wil hebben! Geschreven in het Nederlands.

Voorbeeld van de inhoud

Probleem 1 Schizofrenie

Hengeveld & van Balkom (2009)
Hersenziekte met positieve en negatieve symptomen
 Positieve symptomen: wanen, hallucinaties, cognitieve psychomotorische desorganisatie
(onsamenhangende spraak, katatoon gedrag)
 Negatieve symptomen: affectieve vervlakking, spraakarmoede, sociale terugtrekking,
apathie. Moeilijker te beïnvloeden dan positieve symptomen.

Prevalentie: 0,3-0,7 % in DSM, 1 % in artikelen
Beginleeftijd 20-25 jaar, begin voor adolescentie is zeldzaam, bij vrouwen later. Meer bij mannen dan
vrouwen. Slecht prognose bij mannelijk geslacht, gradueel begin, vroege beginleeftijd, slecht
premorbide functionering, familiegeschiedenis van schizofrenie en stressvolle events.

DSM criteria
A. Maandlang twee of meer vd symptomen, waarbij één van deze 1, 2 of 3 moet zijn:
1. Wanen
2. Hallucinaties
3. Desorganiseerde spraak
4. Ernstig desorganiseerde of katatonisch gedrag
5. Negatieve symptomen
B. Niveau van functioneren ligt op een of meer belangrijke levensgebieden (school, werk,
relaties) onder het niveau van het begin van de stoornis.
C. Symptomen gedurende 6 maanden ononderbroken aanwezig.
D. Uitgesloten zijn van schifzoaffectieve stoornis en een stemmingsstoornis (bipolair en
depressie) met psychotische kenmerken.
E. De stoornis kan niet worden toegeschreven aan de fysiologische effecten van een middel of
aan een somatische aandoening.
F. Indien er een voorgeschiedenis is met autisme, wordt de aanvullende diagnose schizofrenie
alleen gesteld indien er één maand opvallende wanen of hallucinaties zijn.

Subtypen Schizofrenie (ook uit Walker)
 Paranoïde type: vooral wanen en hallucinaties.  beste prognose
 Gedesorganiseerde type: onsamenhangende spraak, chaotisch gedrag, vlak affect. Geen
katatone kenmerken.  slechtste prognose
 Katatone type: motorische onbeweeglijkheid, overmatig motorische activiteit, extreem
negativisme, mutisme, vreemd willekeurig bewegingen, echolalie of echopraxie
 Ongedifferentieerde type: combi van enkele symptomen voorgaande typen
 Resttype (residual): geen volledige psychotische episode, wanen, hallucinaties,
onsamenhangende spraak of chaotisch gedrag (positieve symptomen). Alleen vreemde
overtuigingen of ongewoonlijke zintuiglijke ervaringen.
 Schizophreniform stoornis: wel symptomen maar niet 6 maanden, soms geheel herstellen
 Schifzoaffectieve stoornis: hybride tussen stemmingsstoornissen (bipolair of major depressie
met psychotische kenmerken) en schizofrenie.

Artikel Walker et al (2004)
Emil Kraepelin (1856–1926): dementia praecox= jonge dementie.
Eugen Bleuler (1857–1939) schizofrenie (splitsing geest en emotionele stabiliteit). Fundamentele
symptomen (alle patiënten) en accessory symptomen (niet alle patiënten Nadruk op negatieve
symptomen.

,Kurt Schneider midden 20e eeuw: first rank symptomen; bepaalde hoofdsymptomen typisch voor
schizofrenie, zoals verschillende soorten wanen en hallucinaties. Nadruk op positieve symptomen.

Slecht in cognitief functioneren zoals simpel tot complexe taken, sensorische informatieverwerking
prepulse inhibition etc. en sociale problemen begrijpen en oplossen, verbale emoties uitdrukken etc

Genetische oorzaken (25-50% bij monozygote tweelingen), (serotonine, dopamine, en meerdere
chromosomale regio’s,22q deletion syndrome), Verloskundige complicaties, maternale infecties en
postnatale factoren en stressfactoren, zoals familie met negatieve houdingen

Structurele abnormaliteiten: grotere breinventrikels, minder grijze massa, minder frontaal,
temporaal en whole-brain volume, en kleinere thalamus en hippocampus.
Functionele abnormaliteiten: verminderde activiteit in de frontale en temporale regio’s, het limbisch
systeem

Neurotransmitters: meer dopamine, minder of abnormale Glutamaat NMBA, abnormale GABA

Antipsychotische medicatie  Atypical tweede generatie: dopamine-antagonist en beïnvloeden
andere neurotransmitters zoals serotonine. Risperdal (risperidone), Zyprexa (olanzapine), Seroquel
(quetiapine) en Geodon (ziprasidone).
Psychosociale behandelingen: familietherapie, social skills training, CGT, vulnerability-stress model,
beroepsmatig functioneren (wel lastig) en Assertive community treatment (ACT): multidisciplinair
team (zuster, casemanager, huisarts en psychiater); vergroot tevredenheid, maar geen bewijs voor
verbetering.

Conclusie
Diathese-stress model: kwetsbaarheid voor schizofrenie kan voortkomen uit erfelijke en natuurlijk-
verkregen factoren, zoals genetica en prenatale en postnatale gebeurtenissen. In beiden gevallen is
de kwetsbaarheid aangeboren (constitutional). Ook de neuro-ontwikkeling in de adolescentie wordt
gezien als een hoofdelement. Dit is namelijk een kritieke periode voor de uiting van schizofrenie.
Daarbij wordt verwacht dat externe stress invloed heeft op de uiting van de kwetsbaarheid. Dit wil
niet zozeer zeggen dat patiënten meer psychosociale stress ervaren dan gezonde mensen tijdens de
premorbide periode, maar dat ze hier gevoeliger voor zijn.

, Sommer et al (2016)
Interventies in adolescenten met ultra hoge risico (UHR) voor psychose zijn veelbelovend om het
omzetten naar overt (openlijke) ziekte te verminderen, maar het heeft alleen invloed op functionele
uitkomsten. Cognitie gaat niet verder achteruit, maar sociale en cognitieve beperkingen worden er
niet beter op.

Verbeteren van suboptimale breinrijping van neurale paden
 Glutamaat verbindingen (handif voor kinderen met 22q deletion syndrome): NMDA
receptor met agonist D-cycloserine kan zorgen voor verergering of verlichting positieve
symptomen, en verbetering van negatieve symptomen. Niet effectief voor cognitieve
symptomen. Hoewel als je het veel eerder toepast (wanneer abnormaliteiten in glutamaat
transmissies beginnen) zou hun werkzaamheid kunnen verhogen. Meer onderzoek nodig
naar effecten, bijwerkingen en timing.
 Studie: D-serine op breinfunctie in knockout mice zorgde voor genormaliseerde
effect, alleen wanneer het toegepast werd op pasgeborenen, niet tijdens de
volwassenheid.
 GABA: Zelfde verhaal als glutamaat, indien eerder toegepast zou het kunnen helpen. Meer
onderzoek nodig!
 Choline perinatale toediening: Dus choline verbeterde dieet tijdens zwangerschap zorgt voor
positieve effecten op cholinerge functie en vergemakkelijkt ontwikkeling van adequate
corticale remming.
 Anti-oxidanten en agenten die de immuunreactie aantasten: N-acetylcysteine (NAC) kan
anti-oxidant aanvullen  tijdens eerste ontwikkelingsfases kan het negatieve effecten van
stress op brein verzachten, en redden van sociale of cognitieve tekortkomende fenotypes
veroorzaakt door vroege sociale isolement.

Andere interventies: verminderen van omgevingsbeledigingen of hun impact, sociale skills training
om pesterijen en sociale uitsluiting te voorkomen (handig voor dragers van andere copy nummer
varianten (CNVs) en vroege interventies om drugsmisbruik te voorkomen

Verbeteren van weerstand (handig voor dragers van andere copy nummer varianten (CNVs):
Cognitieve remediation CR (effect groter op jongere leeftijd) en lichamelijke oefeningen: verandering
in genen expressie gerelateerd aan brein aanpassing, en verbetering in brein structuur en brein
connectiviteit (bewijs voor dezelfde effecten in jeugd).

Kinderen met eerste graad familieleden; ook met bipolaire ouders  interventies gericht op
voorkomen ontwikkeling van cognitieve gebreken.
Kinderen met ernstige psychotische ervaringen; vooral als ze aanhoudend zijn, meer dan 1 kenmerk
aanwezig is, of 1 ernstige psychotische kenmerk aanwezig is.

De Paula et al (2015)
Methode vinden voor vroege schizofrenie herkenning gericht op basis en sociale cognitie bij
individuen in At Risk Mental States ARMS vs First episode psychose (FEP) en multiple psychose
episode (MPE).

Basis cognitie
 Vergeleken met gezonde groep:
Gebrek in werkgeheugen, verbale geheugen, visuele geheugen, episodische geheugen,
executieve functies, verwerkingssnelheid, visueel en verbaal leren, intelligentie, semantische
verbale vlotheid en aandacht.
 Wordt erger met de tijd met een onset van Frank Psychose Disorder.

Documentinformatie

Geüpload op
4 februari 2019
Aantal pagina's
7
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€3,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
mbsyed

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Bundel probleem 1 t/m 4 Blok 3.4 Depressie en Psychose 2018/2019
-
2 4 2019
€ 7,49 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
mbsyed Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
3
Documenten
10
Laatst verkocht
7 jaar geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen