1. DIABETES MELLITUS
1.1 OORZAKEN EN VERSCHIJNSELEN
Diabetes wordt veroorzaakt door een tekort aan het hormoon insuline. Diabetes wordt in de
volksmond ook wel suikersziekte genoemd. Dit hormoon wordt in de eilandjes van Langerhans in de
alvleesklier gemaakt. De alvleesklier wordt ook wel Pancreas genoemd. Het hormoon insuline is
nodig voor de verwerking van Glucose in het lichaam.
Hormonen zijn chemische stoffen, die door het lichaam gemaakt worden om bepaalde processen in
het lichaam te regelen. Deze chemische stoffen worden altijd via de bloedstroom naar de plaats
gebracht waar de hormonen hun werk doen. Een hormoon is altijd een stof die alleen effect heeft op
bepaalde organen of cellen.
Je kunt een hormoon eigenlijk vergelijken met een sleutel die alleen werkt op het slot waarop deze
past. Zo past de sleutel van het hormoon insuline op de sloten van alle cellen die glucose als
brandstof gebruiken. Hormonen worden in het algemeen pas gemaakt als het lichaam ze nodig heeft.
Bijvoorbeeld: Ik heb net gegeten, Dan pas wordt een signaal gegeven aan het lichaam: Maak het
hormoon insuline vrij. Als het glucosegehalte van het bloed daalt, wordt een tweede hormoon
gemaakt. Deze hormoon heet glucagon. Dit hormoon werkt precies tegenovergesteld dan het
hormoon insuline.
, Inge Slotman
ZO GAAT HET TE WERK:
Je eet voedsel Zetmeel en suiker (Koolhydraten) worden afgebroken in de darm tot kleine
glucosedelen die in het bloed wordt opgenomen Er komen dan extra glucose in het bloed Dan
gaan de eilandjes van Langerhans insuline produceren De insuline zorgt er daarna voor dat de
glucose uit het bloed verdwijnt, bijvoorbeeld door de glucose de lichaamscellen in te loodsen
Daarna kunnen de cellen de glucose als brandstof gebruiken.
Insuline zorgt er ook voor dat er een voorraad glucose in de vorm van glycogeen in de spieren en de
lever wordt opgeslagen. Als er teveel aan glucose in het lichaam is, dan wordt dit als vet opgeslagen.
De bloedglucosespiegel is de hoeveel glucose in het bloed. In een gezond lichaam ligt het:
bloedglucosegehalte binnen bepaalde grenzen, namen tussen de 4 en 8 mmol/L. Als het dus hoger
ligt zit er dus al meer suiker in je bloed.
dus onder de 4 laag en boven de 8 hoog.
DE WERKING VAN INSULINE
Bij diabetes is er een tekort aan insuline of werkt de insuline onvoldoende en gebeurt al het
bovengenoemde niet. Na het eten van koolhydraten blijft de bloedglucose (bloedglucosespiegel)
hoog. Maar veel erger is dat de glucose niet in de cellen kunnen komen. De cellen zullen moeten
overschakelen op de verbranding van vetten. Het nadeel van de verbranding van vetten is dat er
gifstoffen vrijkomen, bijvoorbeeld aceton. Hierdoor ontstaat verzuring van het lichaam. Een ander
probleem is dat hersencellen niet kunnen overschakelen op vetten. Als er geen insuline is om glucose
de hersencellen in te helpen, kunnen de hersencellen onvoldoende werken. en hierdoor wordt de
zorgvrager suf, verward en daarna kan hij/zij in een coma raken.
Als er te veel glucose in het bloed blijft, scheiden de nieren dit uit. De glucose wordt noodgedwongen
uitgeplast. Om de glucose goed opgelost te kunnen uitplassen, gaat er ook veel water mee. De
zorgvrager plast dus veel. Hierdoor krijgt hij dorst, de zorgvrager drinkt dus ook veel. Door het
uitplassen van de glucose (= energie) en het verbranden van vet in plaats van glucose valt men af,
ook als de zorgvrager goed eet.
Als door te veel vetverbranding aceton ontstaat, is dit in de uitademingslucht te ruiken en ook in de
urine aan te tonen.
Door de verzuring die ontstaat, gaat de zorgvrager hyperventileren. Dit wordt ook wel de ademhaling
van Kussmaul genoemd. Een zorgvrager met diabetes mellitus die hyperventileert omdat hij verzuurt,
mag nooit behandeld worden door hem in een zakje te laten blazen. Het lichaam probeert namelijk
van de giftige zure stoffen af te komen door te gaan hyperventileren.