Vakken:
- Jurist en recht
, Jurist en recht
Week 1
- de verschillende rechtsgebieden (genoemd in hoofdstuk 1 van Verheugt) benoemen;
Privaatrecht (verhouding tussen burgers onderling/ horizontaal)
Persoon- en familierecht
Regelt alle persoonlijke betrekkingen binnen en buiten het gezin.
Voorbeeld: scheiding, erfenis, geboorte, minderjarigheid.
Vermogensrecht
Heeft met geld te maken. Ieder natuurlijk persoon of rechtspersoon dat op geld waardeerbaar
is.
Voorbeeld: financiële problemen, beheer van erfgoed, huurovereenkomst, koopovereenkomst.
Rechtspersonenrecht
Een juridische samenwerkingsvorm die zelfstandig aan het rechtsverkeer kan deelnemen.
Voorbeeld: vereniging, stichting, naamloze vennootschap, besloten vennootschap,
universiteit.
Publiekrecht (verhouding tussen overheid en burger/ verticaal)
Staatsrecht
Bevat regels die betrekking hebben op de organisatie van de Staat en zijn organen en op de
bevoegdheden van die organen. Het omvat de verhouding van de burger tot de Staat en de
mogelijkheden die de burgers hebben om invloed uit te oefenen op het functioneren van de
diverse staatsorganen.
In het staatsrecht is de Grondwet de belangrijkste wettelijke regeling: recht op onderwijs, recht
op gezondheidszorg en rechts op sociale zekerheid.
Bestuursrecht/ administratief recht
Juridische bestuursactiviteit van de overheid. Heeft betrekking op de wijze waarop de
overheid de samenleving bestuurt. De belangrijkste wettelijke regeling van het bestuursrecht
is de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Strafrecht
Het plegen van een strafbaar feit, wie dader is en met welke sancties het plegen van die feiten
wordt bestraft.
Voorbeeld: moord, overtreding van de wet, aanrijding.