EDEMUNDO BEDRIJFSECONOMIE
Hoofdstuk 1 De beginbalans
De uitwerking van een idee van een ondernemer wordt gedaan in een ondernemingsplan.
Het ondernemersplan dwingt de ondernemer om goed na te denken over de kansen en
risico’s voor zijn nieuwe onderneming.
In een ondernemingsplan formuleert de ondernemer doelstellingen, strategie, een
omgevingsanalyse (met kansen en bedreigingen), een marketingplan, een managementplan
en een financieel plan.
Het financieel plan bestaat uit:
Het investeringsplan
Het financieringsplan
De beginbalans
De resultatenbegroting
De liquiditeitsbegroting
De eindbalans
1.1 Het investeringsplan
Investeringsplan: een plan met de lijst van benodigde middelen / bezittingen, ook wel activa
genoemd bijvoorbeeld een pand, kasgeld en voorraden
Staan de benodigde bezittingen in die bij de start van het bedrijf nodig zijn om het
bedrijf te kunnen runnen en het daarvoor benodigde totaalbedrag
We maken onderscheid tussen vaste activa en vlottende activa.
Vaste activa: het duurt langer dan 1 jaar om vaste activa liquide te maken (in geld om
te zetten), het gaat langer dan 1 productieproces mee. Voorbeelden: inventaris,
bestelauto, bedrijfspand en machines
Vlottende activa: wordt binnen 1 jaar in geld omgezet. Het duurt dus korter dan 1
jaar voordat vlottende activa liquide worden gemaakt. Voorbeelden: voorraden,
debiteuren, kas, bank RC, vooruitbetaalde huur, nog te ontvangen huur, nog te
ontvangen belasting en nog te ontvangen rente
, Bij een investeringsplan staan de minst liquide middelen bovenaan en de meest liquide
middelen onderaan.
Inventaris: de waarde van de kantoorbenodigdheden
Voorraden: de waarde van de handelsgoederen die de onderneming in bezit heeft
Debiteuren: het bedrag dat nog tegoed is van klanten. Het wordt tot de bezittingen
gerekend, bij de start zijn er nog geen debiteuren ontstaan. Is gelijk aan aankoop voorraden
Vooruitbetaalde huur: is een bezitting, want het geld is al betaald en de prestatie hebben
we nog tegoed
Bank RC (rekening courant): het saldo van de lopende rekening van de onderneming bij een
bank. Wordt ook wel de betaalrekening genoemd, er kunnen direct betalingen mee worden
verricht. Als een bedrijf rood staat, staat de bank RC niet op de investeringsbegroting
Kas: de waarde van het kasgeld
Bezittingen die als post op het investeringsplan kunnen voorkomen:
Lening u/g: uitgeleend geld, dit is een vordering
Effecten: verhandelbare rechten die een financiële waarde vertegenwoordigen
Vooruitbetaalde verzekeringen
Nog te ontvangen bedragen, dit is een vordering
1.2 Het financieringsplan
Financieringsplan: geeft de manier aan waarop de bezittingen worden gefinancierd. Dit kan
door middel van eigen vermogen of vreemd vermogen
Eerst eigen vermogen, dan lang vreemd vermogen en dan kort vreemd vermogen
Financieringsbehoefte: het bedrag dat nodig is om een onderneming te kunnen opstarten,
wordt afgeleid uit het totaalbedrag van het investeringsplan. Er zijn grofweg twee manieren
om aan dit bedrag te komen:
1. Eigen vermogen (EV])/ permanent vermogen : financieren met eigen geld of eigen
middelen
Spaargeld door de eigenaar
Bezittingen zoals een deel van de inventaris
Schenking/gift ontvangen