College 3
Het sluiten van kringlopen
1. Lineaire economie
2. Hergebruik economie
a. Iets wat kapot gaat: bepaalde
materialen gaan naar de
restafval stroom, bepaalde
materialen worden hergebruikt.
b. Wordt soms ‘verkocht’ door
bedrijven als circulair: dat is dit
NIET!
3. Circulaire economie
a. Materiaal wat hergebruikt wordt, wordt niet voor hetzelfde productieproces gebruikt, maar
voor een ander proces (een ander product).
Wat zijn systemen?
1. System level
a. Gebouwen: paal, wand, dak, vloer: dit vormt een
systeem
b. Kan op verschillende schaalniveaus: zelfs op
atoomniveau
c. Alles om ons heen bestaat uit systemen!
d. Ieder systeem bestaat uit objecten en ieder
systeem heeft een netwerk: een systeem wordt
pas een systeem als een bepaald object met een
ander object communiceert: netwerk
e. Ieder systeem heeft altijd een object, een netwerk en een objectlevel
2. Network level
a. Ieder systeem heeft een netwerk
b. We zoeken altijd naar een netwerk!
c. Hoe werken bepaalde objecten: dorpen, winkels, etc.
d. Er is altijd een relatie met andere gebieden!
3. Object level
Alles om ons heen maakt onderdeel uit van een systeem.
Ieder systeem bestaat uit objecten en heeft zijn eigen
netwerk. Systeem is pas als één object met een ander
object communiceert.
VB. een bank bestaat uit verschillende onderdelen: hout,
schroeven, etc. dit maakt het bankje (kleine schaal).
Op grotere schaal staat het bankje op een plek waar je
bijvoorbeeld uit kunt rusten of kan zitten maakt
onderdeel uit van een groter systeem = recreatie
bijvoorbeeld. Netwerk is hoe alle bankjes gericht zijn
bijvoorbeeld tot een plein.
Heeft te maken met op welke schaal je kijkt
Resilience re-design sprint (SHAPE, mapping)
- Welke stroom gaat het object in? (rood)
o Gas (uit Rusland of Groningen)
o Geladen stroom
- Welke stroom gaat er het object uit? (groen)
o Ongeladen stroom
- Bepaal waar de stromen vandaan komen (schaal)