Par. 5.1 Lenzen
Als je slecht zicht hebt, kun je lenzen gebruiken om je zicht te verbeteren.
Met lenzen kun je de loop van de lichtstralen veranderen door de breking
van het licht. Er zijn positieve (bolle) en negatieve (holle) lenzen. De
sterkte van de lens hangt af van het brandpunt, bij brillenglazen noemen
we de we de sterkte, lenssterkte.
Een positieve lens zit bijvoorbeeld in een beamer of fototoestel.
De bundel achter een positieve lens heeft een convergerende werking.
Het snijpunt van alle stralen heet het brandpunt (F).
Bij een positieve lens liggen er twee brandpunten als er een evenwijdige
lichtbundel op de lens valt. Als er van de ene kant en van de andere kant
van de lens een evenwijdige lichtbundel valt.
Positieve lens:
Een positieve lens is in het midden dikker dan aan de rand.
Een positieve lens heeft een convergerende werking.
Het brandpunt van een positieve lens is het snijpunt van de
lichtstralen achter de lens als een evenwijdige lichtbundel op
de lens valt.
Een negatieve lens zit bijvoorbeeld in een bril voor mensen die niet goed
in de verte kunnen zien.
De bundel achter een negatieve lens heeft een divergerende werking. Bij
een negatieve lens ligt het brandpunt voor de lens, het brandpunt is dus
virtueel.
Ook bij een negatieve lens heb je twee brandpunten. Als je van de ene
kant en van de andere kant van de lens een evenwijdige lichtbundel laat
vallen.
Negatieve lens:
Een negatieve lens is in het midden dunner dan aan de rand.
Een negatieve lens heeft een divergerende werking.
Het brandpunt van een negatieve lens is het snijpunt van de
lichtstralen vóór de lens als een evenwijdige lichtbundel op
de lens valt.
In tekeningen teken je de lens als een verticale lijn. Bij een positieve lens
zet je er een ‘+’ boven. Bij een negatieve lens zet je er een ‘-‘ boven. De
horizontale lijn door de twee brandpunten heet de hoofdas. Het midden
tussen de twee brandpunten heet het optisch midden (O). De afstand van
het optisch midden tot een brandpunt heet de brandpuntafstand (f). Bij
een positieve lens is de brandpuntafstand positief, bij een negatieve lens
is de brandpuntafstand negatief.
Hoofdas, optisch midden en brandpuntafstand: