Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Overig

Werkgroep week 1

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
9
Geüpload op
30-06-2024
Geschreven in
2023/2024

werkgroep uitwerkingen PFJ week 1

Voorbeeld van de inhoud

Werkgroep Afstamming en Gezag – week 1 8 september 2023

Casus 1: Vesper
Eva en Anna zijn getrouwd en hebben samen een kinderwens. Eva vraagt hun goede vriend Tom of ze
zijn sperma mogen gebruiken om via kunstmatige inseminatie bij haar een zwangerschap mogelijk te
maken. Tom besluit akkoord te gaan en enkele maanden later raakt Eva inderdaad zwanger en weer
later bevalt Eva van een gezonde dochter die ze Vesper noemt. De relatie tussen Anna en Eva loopt
echter al een poosje niet zo lekker meer en vlak na de geboorte besluit Anna de relatie te verbreken.
Eva vindt dat Anna dan ook niets meer te maken mag hebben met de baby en zegt tegen Anna dat zij
juridisch gezien ook helemaal niets met Vesper te maken heeft. Anna schrikt hiervan en vraagt u om
advies.

Vraag 1a
Klopt het dat Anna juridisch gezien niets met Vesper te maken heeft? Ga zowel in op het juridisch
ouderschap over Vesper, als op het gezag.


Eva en Anna zijn getrouwd:
Tom een goede vriend van hun of ze zijn sperma mogen gebruiken.
Eva zwanger met zaad van Tom; bevalt van Vesper.
Vesper dus in huwelijk tussen Anna en Eva geboren.
Anna relatie verbreken na geboorte. Anna juridisch gezien iets met Vesper te maken?

Juridisch ouderschap over Vesper:
Vesper is geboren in het huwelijk tussen Anna en Eva. Eva is o.g.v. 1:198 de geboortemoeder en is
juridisch ouder met gezag. Anna zou van rechtswege juridisch ouder over Vesper worden aangezien zij
met de geboortemoeder getrouwd is, waar het niet dat zij gebruik hebben gemaakt van een bekende
donor. Op grtond van aritkel 1:198 lid 1 sub b is Anna daardoor geen juridisch ouder van rechtswege.
Dit betekent dat zij ofwel Vesper kan erkennen, op grond van artikel 1:204 lid 1 sub c de toestemming
van Eva nodig. Zij kan om vervangende toestemming vragen bij de rb wanneer Eva deze toestemming
weigert te geven. Dat kan op grond van lid 4, maar enkel wanneer de rechter dit in het belang van het
kind acht.
Gezag over Vesper: met betrekking tot het gezag over Vesper geldt dat Anna zonder juridisch ouder te
zijn, los van de vraag of zij vervangende toestemming toegewezen krijgt, heeft Anna van rechtswege
gezag over Vesper op grond van artikel 1:253sa  zij hebben gezamenlijk gezag over Vesper.

Vesper heeft dan 1 juridisch ouder en twee ouders met gezag.

Aantekeningen werkgroep
In het boek in literatuur wordt oude systeem gesproken over de nieuwe wet per 1 januari 2023 dat
erkenning gezag is.

1:198 BW  geboorte moeder is de juridische moeder.
Lid 1 sub b: als er sprake is van onbekende donor, in dat geval wordt duo-moeder automatisch
juridisch ouder maar is dus niet van rechtswege plaatsvindt.

Nu situatie dat Vesper wordt geboren en dus geen actie wordt ondernomen: Anna is geen juridisch
ouder maar de vraag is bij de geboorte Vesper zit zij in huwelijk met Eva, is geen juridisch ouder;
heeft zij dan wel gezag?
Artikel 1:253sa BW; gezamenlijk gezag.

Ouder in de wet = altijd juridisch ouder.
Omdat Anna niet van rechtswege juridisch ouder is kunnen zijn beroep doen op 253sa: 1 juridisch
ouder en twee ouders die gezag uitoefenen.

, Werkt eigenlijk beetje hetzelfde als twee juridische ouders in huwelijk zitten: 1:251 BW.
Verschil: lid 2 sa  die bepalingen die zien op gezamenlijk gezag in huwelijk overeenkomstig op deze
situatie, lid 2 uitgesloten 251 lid 2  Als duo moeders uit elkaar gaan dan hebben ze niet van
rechtswege gezamenlijk gezag blijven uitoefenen. Dat moet de rechter dat bepalen; betekent niet dat
het wel kan maar is niet automatisch doorgaan als zij uit elkaar gaan zoals bij echtscheiding van man
en vrouw.

De geboorte moeder is altijd juridisch moeder.
De sociale ouder voedt het kind in praktijk op.

 Tom is een goede vriend.
Eva en Anna zijn getrouwd.
Eva wordt zwanger en is de geboortemoeder en hiermee juridisch ouder. Zij heeft automatisch gezag.
Vlak na de geboorte verbreekt Anna de relatie, Eva vindt dat Anna niets meer te maken mag hebben
met de baby en zegt dat Anna juridisch gezien niets met de baby te maken heeft.
Anna is nooit de juridisch moeder geweest omdat zij van de donorverklaring wist wie de donor was.
Omdat zij niet de juridisch ouder is heeft Anna toestemming nodig van Eva om het kind te erkennen.
Omdat Vesper net geboren en dus onder de 12 jaar is, is hiervoor enkel de toestemming van de
geboortemoeder (Eva) van belang.
Als Eva de toestemming tot erkenning weigert, dan kan Anna om vervangende toestemming vragen.

Met betrekking tot het gezag:

Er zijn twee getrouwde vrouwen die gezag hebben over het kind. Op grond van artikel 1:253sa BW
hebben zij allebei gezag; 1 juridisch ouder en de ander is een niet-ouder met gezag.


Erkennen van het kind = gezag hebben over het kind sinds 1 januari 2023.

Onthouden: De gerechtelijke vaststelling van het ouderschap kan alleen door de geboortemoeder of
door het kind worden verzocht!
Indien de duo-moeder, die door de geboortemoeder wordt geweigerd het kind te erkennen, het kind
alsnog wil erkennen moet dit via een verzoek van vervangende toestemming.

Vervolg casus Vesper
Ga er voor het vervolg van de casus vanuit dat Anna geen juridisch ouder is van Vesper. Anna komt bij
u en vraagt u of u een mogelijkheid ziet haar ouderschap juridisch vast te leggen.

Vraag 1b
Wat zou u Anna antwoorden?

1:203 BW zij kan erkennen.
Hadden samen kinderwens + zijn getrouwd dus levensgezel zijn getrouwd. Wel opmerken dat zij
levensgezel is en dat zij daarom onder lid 4 valt.
Lid 3 door verwekker (biologisch vader die seks heeft gehad met moeder) en biologische vader die
niet seks gehad heeft met moeder door bijvoorbeeld kunstmatige inseminatie  minder strenge toets.
Vervangende toestemming sowieso gegeven tenzij dit de belangen moeder ongestoorde verhouding
schaadt of ontwikkeling kind in het gedrang komt.
In lid 4 belang voor het kind een zwaardere toets; in jurisprudentie niet heel streng mee omgegaan.

Op grond van jurisprudentie zal het waarschijnlijk worden toegewezen.

Artikel 1:207 BW gerechtelijke vaststelling is hier geen optie omdat het op verzoek van moeder en
kind moet; dus gaat niet op.

Documentinformatie

Geüpload op
30 juni 2024
Aantal pagina's
9
Geschreven in
2023/2024
Type
OVERIG
Persoon
Onbekend

Onderwerpen

€7,96
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
lenasteur

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
lenasteur Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
4
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
13
Laatst verkocht
8 maanden geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen