70230375AY
,Inhoudsopgave
Thema 1: Grondleggers & Basisbegrippen.......................................................2
1.1 Grondleggers sociologie............................................................................................ 3
1.2 Basisbegrippen......................................................................................................... 5
Thema 2: Cultureel kapitaal............................................................................7
Thema 3: Kansengelijkheid...........................................................................13
Thema 4: Sociaal kapitaal.............................................................................18
Thema 5: Marktwerking en segregatie..........................................................24
Thema 6: Deviantie......................................................................................29
Verzin op basis van de volgende tekst 5 mpc vragen op universitair niveau met korte antwoord opties
Thema 1: Grondleggers & Basisbegrippen
Sociologie -> wetenschap van “sociale” =/ individuele mensen
, = Sociale relaties tussen mensen/groepen/organisaties/dingen
Relatie -> gelijkenis, verschil, macht, conflict, samenhang, onderschikking
Onderwijs en maatschappij hebben een onderlinge invloed op elkaar
Onderwijs -> maatschappij (verschil levensverwachting door opleiding en smaak die beïnvloed wordt
door sociale klasse/ opleidingsniveau)
Maatschappij -> onderwijs (burgerschap in onderwijs)
1.1 Grondleggers sociologie
Karl Marx
- 1818-1883
- Grondlegger communisme
- Voor (onderwijs) sociologie -> belang van sociale klasse
- Karl Marx schreef niet direct over het onderwijs maar volgers zoals (Bourdieu) wel
Marx ging over sociale dynamiek onderwijssysteem
Klasse, economie en maatschappelijke structuren
Marx over klassen
Marx’ denken: mens = arbeid (ingrijpen op natuur, omgeving)
Arbeid zag hij als een schepende activiteit
Sommigen: toe-eigenen van (resultaten van) arbeid -> bezitten productiemiddelen/kapitaal (bvb
bedrijven)
Klassen -> bezitters en niet-bezitters productiemiddelen
Wie de klassen zijn is historisch afhankelijk van productiewijze
Kapitalisme -> bezit van kapitaal, in een samenleving kapitalisten en proletariers (arbeiders)
Klassentegenstelling & klassenbelangen
Belangen van kapitalisten & arbeiders: tegengesteld -> hoe meer naar kapitaal, hoe minder naar
arbeiders en andersom
Klassenstrijd -> confrontatie
M aat
sch ap
p ij Bovenbouw: Superstructuur
-
O nde
r w ijs ,
r e lig i
P r o d u cetie
, w ijz e Onderbouw: infrastructuur
( P r o d u c tie
ju smtiti
id d e le n +
e ig e n d o m s ev e r h o u d in g )
Economische indeling vormt de basis voor andere sociale relaties en instituties, zoals onderwijs
De bovenbouw wordt beïnvloed en gevormd door de onderbouw -> onderwijs weerspiegelt
ongelijkheden machthebbers en niet-machthebbers
Onderwijsinstellingen kunnen bewust of onbewust sociale en culturele normen overdragen -> kan
kritisch denken dat kan leiden tot maatschappelijke veranderingen ontmoedigen
Marxisme implicaties
- Onderwijs weerspiegelt klassenongelijkheid
- Onderwijs inhouden en structuren: in functie van productiewijze
- Legitimering verhoudingen (Louis Althusser)
Heersende klassen in de maatschappij legitimeren verhouding door verspreiding en
mineralisatie van ideologieën
- Voorbereiding op productieproces -> correspondentieprincipe (Bowles & Gintis)
, Onderwijs weerspiegelt en reproduceert economische ongelijkheden die inherent zijn aan het
kapitalisme
Bias Marx -> focus op economische ongelijkheid
Boodschap -> er moet kritisch worden nagedacht over de manier waarop onderwijs wordt
gestructureerd en wie het dient
Denkt Marx dat onderwijs invloed heeft op de maatschappij? Ja, (wel beperkt) door bovenbouw ->
school heeft een indoctrinatie functie -> gericht op reproduceren
Schoolwegingen -> hoger -> meer kinderen van lage milieus en etnische achtergrond -> lager
streefniveau
Schoolweging bepaalt financiering
Max Weber
- 1864-1920
- Sociologie nier als natuurwetenschap (sociale feiten), maar –
Verstehen -> begrijpend/ interpreteren -> zin of betekenis handelen verklaren door
ideaaltypen (typologieen)
- Sociale handelingen -> gedrag waarin individu rekening houdt met gedrag van anderen
Weber ging over complexe sociale dynamieken die inherent zijn aan de onderwijsinstellingen en had
aandacht voor cultuur, religie en individuele handeling
Ideaaltypen van sociaal handelen
- Instrumenteel-rationeel handelen (doel-middel) -> moderniteit
- Waarde-rationeel handelen (middel doet er niet toe) -> ethische, religieuze of morele
overtuigingen
- Affectief handelen -> momentane impulsen/ emotie/ affect
- Traditioneel handelen -> volgens traditie (hoort zo, je bent het gewend)
Vele toepassingen in het onderwijs mogelijk
Ideaaltypen zijn nuttig voor het analyseren van gedrag in onderwijscontexten
Macht vs. autoriteit
Macht -> vermogen om wil op te leggen, zelfs tegen weerstand in
Autoriteit -> macht dat erkend en gerespecteerd wordt als legitiem
- Rationeel-legale autoriteit
Gebaseerd op rationele regels of wetten
- Charismatische autoriteit
Gebaseerd op het persoonlijke charisma en de kwaliteiten van een individu
- Traditionele autoriteit
Gebaseerd op tradtionele gebruiken
Goede leider verbindt drie soorten autoriteit
Macht vs. autoriteit -> toepassing op orde/discipline op school
Kapitalisme is volgens Weber zelf ontstaan uit cultuur & relgie (in tegenstelling tot Marx)
- Protestantse ethiek (calvinisme)
Predestinatieleer -> focus hard werken, discipline maar ook lezen (bijbel) -> kapitalisme (in
vergelijking tot Marx)
Emile Durkheim
- 1858-1917
- Grondlegger functionalisme
- Sociologie naar model van exacte wetenschappen (feiten, statistiek)
- Sociale als een zelfstandige realiteit (zelfdoding -> zelfdodingscijfer)
- Object van sociologie -> sociale feiten (beinvloeden gedrag)