Ouderperspectief
1. Inleiding
De normen van de SW hoort niet leidend te zijn. Maar behoefte van ouders zelf. Durf te
luisteren naar ouders zelf.
2. Wat is normaal?
We weten niet meer wat normaal is. De suggestie is dat ouders niet meer vanzelf goede
ouders zijn. Ze hebben wetenschappelijk verantwoorde kennis nodig om dit vorm te geven.
Veel mensen roepen zelfs dat het verplicht moet worden om een opvoedcursus te nemen.
3. Wie bepaald wat goed ouderschap is?
Steeds vaker wordt door anderen bepaald wat goed is voor hun kind. Goed-genoeg
ouderschap is niet meer goed genoeg: niet alleen de directe omgeving van het kind moet
tevreden zijn maar ook de hele samenleving. Ouders zijn meer dan potentiele
kindermishandelaars. Ouders gaan om die reden minder in op uitnodigingen van
consultatiebureaus.
4. Ouders ben je van nature, met vallen en opstaan
Goede professional herkent zichzelf in de anders. Ouders zijn mensen met wie je een relatie
aan kunt/moet gaan. Wanneer je weet hoe het is om een ouder te zijn van het kind kun je
iets voor hen betekenen. Ouder zijn ben je van nature. Het is geen vak. Opvoeden is elke
keer opnieuw uitvinden wat goed en haalbaar is. Ruis in huis/
ongehoorzaamheidsdialoog: dialoog tussen ouder en kind om de juiste aanpak te vinden.
Dit gaat gepaard met trekken en duwen. Maar dat is normaal zo leren kinderen en ouders
elkaars grenzen kennen.
5. Niet weten wat normaal is, maakt onzeker
Ouders en jeugdprofessional kunnen normaal ouder-kind gedrag als problematisch
beschouwen. Denk aan seksueel gedrag en ongehoorzaam gedrag. Ouders en SW leven
met een ideaalbeeld van kinderen. Kinderen moeten alle grenzen van gezag figuren
accepteren. Als jouw kind niet aan dit ideaal plaatje voldoet heb je als ouder gefaald.
6. Paradijsfantasie
Nostalgische paradijsfantasie: paradijs waarin ouders responsief zijn. Het leven draait om die
van je kind. Echter zijn ouders ook gewone mensen naast hun ouderschap. Ouders vinden
diep in hun hart dat ze eigenlijk altijd beschikbaar moeten zijn.
7. Ondermijning van het zelfvertrouwen
Goed-genoeg- ouderschap is voor veel ouders niet goed genoeg. Ouders willen het beste
voor hun kinderen. Deze ambitie maakt ouders kwetsbaar. Het zelfvertrouwen van ouders
wordt ook minder. Het normale leven is moeilijk genoeg. Laatste jaren worden veel dingen
gezien als kindermishandeling denk aan roken in het bij zijn van kinderen. Hierdoor voelen
ouders zich klemgezet. Elk ouder wordt gezien als risico-ouder tot het tegendeel bewezen is.
Waarom laten we de rechten van ouders dan nog i de weg staan van de veiligheid van
kinderen?
1. Inleiding
De normen van de SW hoort niet leidend te zijn. Maar behoefte van ouders zelf. Durf te
luisteren naar ouders zelf.
2. Wat is normaal?
We weten niet meer wat normaal is. De suggestie is dat ouders niet meer vanzelf goede
ouders zijn. Ze hebben wetenschappelijk verantwoorde kennis nodig om dit vorm te geven.
Veel mensen roepen zelfs dat het verplicht moet worden om een opvoedcursus te nemen.
3. Wie bepaald wat goed ouderschap is?
Steeds vaker wordt door anderen bepaald wat goed is voor hun kind. Goed-genoeg
ouderschap is niet meer goed genoeg: niet alleen de directe omgeving van het kind moet
tevreden zijn maar ook de hele samenleving. Ouders zijn meer dan potentiele
kindermishandelaars. Ouders gaan om die reden minder in op uitnodigingen van
consultatiebureaus.
4. Ouders ben je van nature, met vallen en opstaan
Goede professional herkent zichzelf in de anders. Ouders zijn mensen met wie je een relatie
aan kunt/moet gaan. Wanneer je weet hoe het is om een ouder te zijn van het kind kun je
iets voor hen betekenen. Ouder zijn ben je van nature. Het is geen vak. Opvoeden is elke
keer opnieuw uitvinden wat goed en haalbaar is. Ruis in huis/
ongehoorzaamheidsdialoog: dialoog tussen ouder en kind om de juiste aanpak te vinden.
Dit gaat gepaard met trekken en duwen. Maar dat is normaal zo leren kinderen en ouders
elkaars grenzen kennen.
5. Niet weten wat normaal is, maakt onzeker
Ouders en jeugdprofessional kunnen normaal ouder-kind gedrag als problematisch
beschouwen. Denk aan seksueel gedrag en ongehoorzaam gedrag. Ouders en SW leven
met een ideaalbeeld van kinderen. Kinderen moeten alle grenzen van gezag figuren
accepteren. Als jouw kind niet aan dit ideaal plaatje voldoet heb je als ouder gefaald.
6. Paradijsfantasie
Nostalgische paradijsfantasie: paradijs waarin ouders responsief zijn. Het leven draait om die
van je kind. Echter zijn ouders ook gewone mensen naast hun ouderschap. Ouders vinden
diep in hun hart dat ze eigenlijk altijd beschikbaar moeten zijn.
7. Ondermijning van het zelfvertrouwen
Goed-genoeg- ouderschap is voor veel ouders niet goed genoeg. Ouders willen het beste
voor hun kinderen. Deze ambitie maakt ouders kwetsbaar. Het zelfvertrouwen van ouders
wordt ook minder. Het normale leven is moeilijk genoeg. Laatste jaren worden veel dingen
gezien als kindermishandeling denk aan roken in het bij zijn van kinderen. Hierdoor voelen
ouders zich klemgezet. Elk ouder wordt gezien als risico-ouder tot het tegendeel bewezen is.
Waarom laten we de rechten van ouders dan nog i de weg staan van de veiligheid van
kinderen?