Begrippenlijst:
- Materiele handelsbelemmeringen: kosten die gemaakt moeten worden voor vervoer/ handelstarieven.
- Immateriële handelsbelemmeringen: belemmeringen door verschillen in cultuur, taal, rechtssysteem.
- Globalisering: verwevenheid van internationale economieën neemt toe.
- Harde transactiekosten: formele kosten die goed waarneembaar zijn (denk aan transportkosten)
- Zachte transactiekosten: moeilijk meetbare kosten die bijvoorbeeld voortvloeien uit informatie-
zoekkosten.
- Productfragmentatie: in stukken opdelen van het productieproces
- Arbeidsmarkt:
- Outsourcing: het uitbesteden van taken die voorheen intern binnen een onderneming werden uitgevoerd.
- Offshore outsourcing: het uitbesteden van taken naar het buitenland
- Inhouse offshoring: door eigen investeringen (toedoen) je productie verplaatsen naar het buitenland.
- Horizontale buitenlandse investeringen: investeren in een buitenlandse markt/economie
- Verticale buitenlandse investeringen: het productieproces uitbesteden naar een buitenlandse markt.
- Transactiekosten: kosten om de verschillende schakels in de productieketens op elkaar af te stemmen.
- DBI: directe buitenlandse investeringen
- Harde technologie: product en procestechnologie
- Zachte technologie: management en marketingtechnieken
- Bounded rationality: zakelijke afwegingen maken met een begrenzing, je weet niet alles en je hebt
bepaalde voorkeuren.
- Trade in value added TIVA: ieder land/bedrijf voegt iets toe aan de production/chain (toegevoegde
waarde). It is useful to understand where economic activity and jobs are generated from.
- Stagnatie: trage economische groei
- Protectionisme: een stelsel van maatregelen van de overheid waarbij getracht wordt bescherming te
bieden aan de binnenlandse markt.
Hoofdstuk 17.1 internationalisering
Internationalisering -> het proces waarbij afzetmarkten en productieprocessen in verschillende landen in
toenemende mate met elkaar verweven raken. (Wordt ook wel globalisering genoemd).
Een belangrijk onderdeel van internationalisering is de toenemende mate van internationale handel in
goederen en diensten.
De totaalwaarde van de wereldexport bedroeg in 2014: 23,434 miljard. Het merendeel hiervan betreft
goederenexport (circa 80%).
Import en export
Import en export staan met elkaar in verband als bijvoorbeeld China voor €100 naar Nederland exporteert,
importeert Nederland voor €100. Deze import kan in Nederland dan weer omgezet worden naar export (naar
bijvoorbeeld Duitsland).
Import: het invoeren van goederen en diensten uit het buitenland
Export: het uitvoeren van goederen en diensten uit het buitenland
Investeren
Investeren in buitenlandse markten (als bedrijf zijnde) kun je doe om:
- Kosten te besparen (uitbesteding van werk)
- De lokale markt te voorzien.
- Een andere manier om je als bedrijf te vestigen op een buitenlandse markt is door middel van een
dochteronderneming op te richten.
, Ontwikkeling met betrekking op globalisering
Door verschillende ontwikkelingen in de wereld is globalisering mogelijk gemaakt, deze ontwikkelingen hebben
betrekking op:
Technologische ontwikkelingen
Communicatieve ontwikkelingen
Transport ontwikkelingen
Wat betreft de transport ontwikkelingen zijn er twee belangrijk: het gebruik van containers heeft een grote
productiviteitswinst opgeleverd in het internationale transport. Containers zijn geschikt voor massaproductie
en transport en hebben standaardmaten waardoor ze wereldwijd gebruikt kunnen worden. Daarnaast is
transport via containers relatief goedkoop waardoor de intercontinentale transportkosten verder dalen. Ten
tweede is ook de infrastructuur wereldwijd verbeterd waardoor treintransport of vliegtuig transport makkelijke
gaat.
Ontwikkeling van dienstverlening
Tegenwoordig bestaat de totale wereldhandel voor ongeveer 20% uit dienstenhandel. Dienstverlening kan
worden onderscheiden in persoonsgeboden en niet-persoonsgebonden dienstverlening.
Persoonsgebonden dienstverlening Niet-persoonsgebonden dienstverlening
- Het is noodzakelijk dat de consument naar het - Denk aan het aanbieden van softwarepakketten,
land van de producten van de dienst gaat of dat muziek of het ontwikkelen van apps.
de producent naar het land van afname gaat. - Er is sprake van het distribueren en verwerken
- Persoonsgebonden dienstverlening stelt eisen van informatie.
aan de mobiliteit van producent en consument - Dankzij de ontwikkeling van
communicatietechnologie is de internationale
handel in niet-persoonsgeboden dienstverlening
sterkt toegenomen.
17.2 motieven voor internationalisering
Het zijn niet de landen die internationaliseren, maar bedrijven die internationaliseren in die landen. De
motieven die bedrijven hebben om internationaal te gaan ondernemen, kunnen worden ingedeeld in 3
categorieën:
1. Kostenmotief
2. Markttoegangsmotief
3. Samenwerkingsmotief
Kostenmotief
Schaalvoordelen
Schaalvoordelen -> internationale handel maakt schaalvergroting mogelijk, waardoor de kosten per eenheid-
product afnemen. Door schaalvoordelen (door het betreden van buitenlandse markten) kunnen
productieontwikkelingen of bijvoorbeeld marketingkosten over meer productie worden verdeeld.
- Schaalvoordelen: grotere aantallen produceren is goedkoper
- Schaalnadelen: door de omvang krijg je steeds meer ellende
Productfragmentatie
Productfragmentatie -> het productieproces in stukken verdelen. De internationale handel maakt
productfragmentatie mogelijk. Door deze internationale handel kunnen bedrijven bepaalde onderdelen
(goedkoper) uit het buitenland halen en zo het productieproces fragmenteren.
Productorganisatie
Kostenbesparingen kunnen ook worden behaald door een deel van de productie naar het buitenland te
verplaatsen om zodoende te profiteren van bijvoorbeeld lagere loonkosten. Er zijn vier verschillende manieren
van productorganisatie deze worden afgebeeld in onderstaande tabel.