Boek: Met nieuwe ogen, meervoudig verbinden in het sociale domein.
◦
Auteur: Marian Dries Martha van Endt-Meijling Erven
Uitgever: Coutinho
Nederlands Druk: 5 |9789046905814 |maart 2018 |
Hoofdstuk 1, 3, 4 en 9 samengevat t/m pagina 389.
,Intro:
Multiculturaliteit:
Door migratie samenleven van mensen uit verschillende tradities
Het etnisch landschap in Nederland laat een grote verscheidenheid zien aan sociaal-culturele
groepen. In totaal zijn er meer dan twee miljoen niet-westerse allochtonen, waarvan de vier
grootste groepen van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst.
H1: Diversiteitsbenaderingen en superdiversiteit
Een vijftal visies op diversiteit en benaderwijzen: (Essed & de Graaf, 1998)
Deze benadering wordt ook wel de 5 D’s genoemd:
◦ Deficit, Differentie, Discriminatie, Doelgroepen en Diversiteit.
Deficit (gelijke rechten en verdeling verworvenheden en achterstanden inhalen)
In de deficitbenadering hebben alle burgers het recht om naar vermogen te delen.
Differentie (gelijkwaardigheid en intentie van respect, zwakte culturalisende
benadering en cultuurrelativisme)
Alle culturen zijn in deze visie gelijkwaardig. Overbruggen van culturele verschillen.
Discriminatie (tegengaan van uitsluiting en paternalisme, al dan niet bewuste vorm
van uitsluiting, sterk hierin is de begrenzing van wat wel en wat niet)
Doelgroepen (drie in een gecombineerd, zwakte is alsnog uitsluiten van mensen
diezelfde behoefte hebben of de differentiatie in de doelgroep zelf)
In deze benadering wordt een combinatie gemaakt vd 3 voorgaande benaderingen.
Diversiteit (al datgene waarin mensen van elkaar verschillen, overstijgend)
Het principe van erkende gelijkheid en de erkende diversiteit, in plaats van het wij-zij
denken gaat het hier om inclusief denken en handelen.
, Twee concepten:
◦ Kruispunt denken (intersectionaliteit)
◦ Superdiversiteit
Intersectionaliteit: kruispunt denken (meervoudig kijkkader)
Kruispunt denken als identiteitstheorie
◦ Een identiteitstheorie die het sociaal functioneren van mensen in relatie tot hun
sociale positionering helpt analyseren en begrijpen. Hiermee doe je recht aan de
complexiteit van iemands werkelijkheid en de eigen betekenis hiervan.
Kern van Kruispunt denken
◦ Theorie waarmee maatschappelijke posities en maatschappelijke
uitsluitingsmechanismen kunnen worden beschreven.
◦ In relatie tot (super)diversiteit is het van belang om zoveel mogelijk
identiteitsaspecten met bijbehorende maatschappelijke betekenis op elkaar te
betrekken.
◦ Je zoekt waar bepaalde aspecten elkaar kruisen en beïnvloeden.
Verschilspiraal (Hoffman)
◦ Tussen lagen en dimensies van een bepaalde sociale categorie kunnen ontwikkelings-
en beïnvloedingsprocessen plaatsvinden. Deze processen brengen in hun onderlinge
samenspel identiteitsconstructies voort. Je overtuigingen en gevoelens (socialisatie
en internalisatie) ontwikkel je en geef je door (bewust en onbewust). Hierdoor
kunnen verschilspiralen ontstaan, versterkend of afdempend.
8 Sociale identiteitsaspecten
◦ Etniciteit (identiteit die bepaalde groep mensen (vrienden) verbindt op basis van
herkomst, taal, cultuur etc.)
◦ Klasse
◦ Levensfase
◦ Talent/handicap
◦ Religie/levensbeschouwing
◦ Sekse/gender
◦ Seksuele oriëntatie
◦ Socialisatie
, “Niet culturen, maar mensen ontmoeten elkaar”
(Hofstede, 1991; Hoffman, 2018, p. 128)
Toepassen van kruispuntdenken: Je kijkt met ‘intersectionele ogen’ zul je mensen niet snel
‘opsluiten’ in stereotiepe. Als je met iemand een gesprek voert realiseer je dan altijd dat iemand
meer deelidentiteiten heeft. Je focus dient meervoudig te zijn. Iemand is niet alleen de deelidentiteit
die jij ziet of die hij/zij zelf presenteert.
Superdiversiteit (superdiversity, Steven Vertovec, 2007)
◦ Geen synoniem voor Multiculturaliteit of diversiteit
◦ Geen nieuw woord voor dezelfde realiteit,
maar een nieuw concept voor een veranderende realiteit.
◦ Kwantitatieve en kwalitatieve dimensie (kwantitatieve dimensie = migratiecijfers.
Kwalitatieve = toenemende verschillen nog binnen alle diversiteit van de migratie)
Wie zijn bewoners met een Nederlandse afkomst? En wie met een migratieachtergrond? Het
wordt steeds complexer. (AMS officieel een majority-minority city)
◦ Wij-zij denken in tijden van superdiversiteit
◦ Wij-zij denken is zowel historisch als psychologisch een noodzakelijk kwaad en/of
houvast.
◦ Superdiversiteit: 1 van de grootste maatschappelijke uitdagingen van de 21 eeuw
volgens Dirk Geldof. Onze bevolking is nog nooit eerder zo divers geweest als nu.
Diversiteit in diversiteit (8 domeinen van Geldof)
◦ Aantal nationaliteiten (neemt in grote steden steeds meer toe)
◦ Meertaligheid
◦ Religieuze diversiteit
◦ Migratiemotieven
◦ Verblijfsstatus
◦ Sociaal economische positie
◦ Tussen en binnen groepen diversiteit
◦ Groeiend transnationalisme (door communicatiemiddelen leeft men hier+ander land)
Omgaan met superdiversiteit en meervoudige identiteiten is een van de belangrijkste
nieuwe uitdagingen voor elke sociaal werker. En de invloed van sociale media in dit verband.
Samengevat: Superdiversiteit verwijst naar de normalisering van diversiteit.
Technologische veranderingen infrastructuur voor superdiversiteit
◦ Verandering van leeromgevingen (internet oneindig)
◦ Verandering van het sociale leven (mobieltjes)
◦ Culturele veranderingen (via internet kennismaken met elke cultuur)
◦ Identiteitsveranderingen
◦ Politieke veranderingen (complexe vraagstukken op twitter)