Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Biologie samenvatting VWO 4 (Biologie voor jou) thema: Ecologie

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
6
Geüpload op
19-10-2019
Geschreven in
2018/2019

Biologie samenvatting VWO 4 (Biologie voor jou) thema: Ecologie

Voorbeeld van de inhoud

Biologie samenvatting H6
Ecologie
Paragraaf 6.1: Een ecoloog aan het werk
Een min of meer begrensde eenheid (sloot, plas, rivier, bos), waarin een wisselwerking
tussen de verschillende biotische (levende)- en abiotische(niet-levende) factoren optreedt,
het een ecosysteem. Dieren die invloed uitoefenen op de abiotische factoren van een
ecosysteem, heten ecosystem engeneers. Het kantelpunt is het punt waarbij een ecologisch
evenwicht (evenwicht tussen soorten organismen in een ecosysteem) uit balans raakt, en
doorschiet naar een extreme waarde.

Paragraaf 6.2: De organisatieniveaus van de ecologie
De verschillende organisatieniveaus in de ecologie zijn:
1) Organisme (merel)
2) Populatie (alle merels die samen leven en voortplanten)
3) Levensgemeenschap (verschillende populaties leven hier samen)
4) Ecosysteem (de combinatie van abiotische- en biotische factoren, samen met de
levensgemeenschap)
5) Biosfeer (aarde en dampkring)

Een emergente eigenschap is een eigenschap die 1 organisatieniveau heeft, maar de
organisatieniveaus daaronder niet (bij populatie bijvoorbeeld dichtheid, geslachtsverhouding
en sterftecijfer). Het genoom is de verzameling van alle DNA-moleculen in een cel. De tak
van de biologie die zich bezig houdt met de ecologie van het genoom, heet de ecogenomica.

Paragraaf 6.3: Individuen
Tolerantie is het vermogen van een organisme om schommelingen in een abiotische factor
te verdragen. Iedere soort heeft een gebied waar de soort voorkomt, een
verspreidingsgebied (areaal). Een uiterste waarde waarbij individuen van een soort kunnen
overleven is een tolerantiegrens. Een abiotische factor werkt dan als de beperkende factor.
Iedere soort heeft een tolerantiegebied (in dit gebied kunnen ze overleven, voor guppy’s
tussen de 5-38 °C). Als je het aantal organismen van een soort, uitzet over een abiotische
factor, krijg je een optimumkromme. De stresszone is het gebied van de optimumkromme
waar het aantal organismen gevaarlijk laag wordt.
Het klimaat is een combinatie van verschillende abiotische factoren. Grote gebieden met
vrijwel hetzelfde klimaat, heten macroklimaten. Elk plekje in een ecosysteem heeft een
eigen microklimaat.
Poikilotherme dieren zijn koudbloedig. Homoiotherme dieren zijn warmbloedig.
Homoiotherme dieren hebben een groter tolerantiegebied voor temperatuur, omdat hun

, kerntemperatuur relatief constant is (en dus hun enzymactiviteit ook). Zij kunnen dus
overleven onder 0 °C.
Zonplanten groeien het best bij een hoge lichtintensiteit. Schaduwplanten groeien het best
bij een beperkte lichtintensiteit. De daglengte heeft een invloed op de voortplanting van de
dieren.
De beweging van de lucht is van invloed op planten. Bij windbloemen zorgt de wind voor
bestuiving en het verspreiden van zaden. Ook verdampt water sneller van de bladeren bij
harde wind. De samenstelling van de lucht is ook van belang voor alle organismen.
In zee, zijn de abiotische factoren vrij constant. Organismen in oppervlaktewateren
(rivieren, sloten, meren en plassen) kennen wel een grote schommeling in abiotische
factoren zoals O2-concentratie of de concentratie van zouten. Planten in een droog milieu
hebben een dikke cuticula (waslaag), een beter ontwikkelde wortelstelsel en weinig
huidmondjes. In een vochtig milieu, hebben planten veel huidmondjes en een dunne
cuticula. Waterplanten hebben weinig stevige delen en een wortelstelsel is klein of afwezig.
Voor waterdieren zijn het O2-gehalte en zoutgehalte van het water belangrijk. Stromend
water heeft een hoger O2-gehalte dan stilstaand water. Veel landdieren leven in een vochtig
milieu, bij amfibieën, slakken en wormen kan water door de huid verdampen. Deze dieren
zoeken daarom vochtige plekken op om te voorkomen dat ze uitdrogen. Dieren in een droog
milieu, zijn aangepast om zo min mogelijk water te verliezen.
Voor planten is het gehalte aan humus (een mengsel van organische- en anorganische
stoffen en micro-organismen) in de bodem van belang. Uit humus ontstaat door reducenten
(bacteriën en schimmels) en vormt een bron van voedingszouten voor planten. Hoe meer
humus er in zand voorkomt, hoe beter de structuur van het zand en hoe beter jet zand water
kan vasthouden. Hoe meer humus er in klei voorkomt, hoe makkelijker de wortels van
planten erin kunnen doordringen. De meeste humus bevindt zich in de bovenste laag van de
bodem. In een humusarme bodem zakt het regenwater snel weg (uitspoeling). Humus gaat
uitspoeling tegen. Ook de grondwaterstand, pH en mineralenconcentratie is van invloed op
planten.

Paragraaf 6.4: Populaties
Binnen een populatie kan er concurrentie (competitie) en samenwerking (coöperatie)
plaatsvinden.
De grootte van een populatie wordt weergegeven als de populatiedichtheid: aantal
individuen per oppervlakte (land) of aantal individuen per volume (water). Een te hoge
populatiedichtheid kan een ecosysteem uitputten van voedsel en kan ziekten snel
verspreiden. Een te lage populatiedichtheid maakt de voorplantingskansen kleiner. Van de
populatiedichtheid kan je niet afleiden waar je de individuen aantreft, omdat individuen zich
kunnen verspreiden. Een populatie heeft dus een verspreidingspatroon (gegroepeerd,
regelmatig verspreid of willekeurig verspreid).
Dichtheidsafhankelijke factoren (predatie, parasitisme, voedselconcurrentie…) zijn
afhankelijk van de populatiedichtheid. Deze beïnvloeden de dichtheid door negatieve

Geschreven voor

Instelling
Middelbare school
School jaar
102

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H6
Geüpload op
19 oktober 2019
Aantal pagina's
6
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING
€3,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
VWO 6 toetsweek 2 biologie
-
1 6 2019
€ 15,99 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
pietervandendries Wittenborg
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
84
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
73
Documenten
9
Laatst verkocht
11 maanden geleden
VWO samenvattingen voor onder andere geschiedenis, biologie en social studies

4,1

20 beoordelingen

5
9
4
6
3
4
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen