Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting KTF 2; Ademhalingsstelsel, hormonen, endrociene stelsel, de huid en andere orgaanstelsels

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
18
Geüpload op
26-10-2019
Geschreven in
2018/2019

Deze samenvatting bevat veel verschillende soorten onderwerpen. Dit zijn de functies van het ademhalingsstelsel; de Farynx, Larynx, Trachea, Bronchiën, Alveoli en luchtwegen. De ademhalingsspieren staan er ook bij. Interne en externe respiratie komt ook aan bod. Ik vond zelf de ventilatie/perfusie verhouding moeilijk, ik heb deze zo goed mogelijk proberen te verwoorden en in mijn samenvatting geplaatst. De pathologie van het luchtwegstelsel staat er ook in, zoals acute en chronische bronchitis, longemfyseem en pneumonie. Het onderwerp hormonen komt er ook in terug, de belangrijke werking van de hypofyse, de bijnieren en de schildklier en hier de samenwerking van. Ook de invloed van stress en veroudering op hormonen heb ik omschreven. Het RAAS-systeem wordt ook altijd als een moeilijk onderwerp gezien, dit staat ook in de samenvatting. Verschillende ziektebeelden zullen ook terug komen, zoals Diabetes Mellitus, hypothyreoïdie, congenitale hypothyreoïdie, hyperthyreoïdie, thyreoïditis, ziekte van Addison, syndroom van Cushing en Feochromocytoom. De opbouw van de huid en de verschillende huidaandoeningen komen ook terug. Denk hierbij aan bacteriële huidinfecties, virale huidinfecties, schimmelinfecties en parasieten. In het laatste gedeelte van de samenvatting staat de aangeboren en adaptieve verdedigingsmechanismen, de immuniteit en het lymfestelsel.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Anatomie, fysiologie & pathologie
Ademhaling
Functies ademhalingsstelsel
Het ademhalingsstelsel bestaat uit structuren die zijn betrokken bij de fysieke verplaatsing
van lucht in en uit de longen en bij de gaswisseling. De vijf functies:
1. Het vormt een groot oppervlak voor de gaswisseling tussen de lucht en het bloed.
2. Het verplaatsen van lucht van en naar het gaswisselingsoppervlak in de longen.
3. Bescherming van de alveolaire oppervlakken tegen uitdroging en
temperatuurveranderingen en verdediging tegen binnendringende ziekteverwekkers.
4. De vorming van geluiden waardoor spraak, zang en andere vormen van
communicatie mogelijk zijn.
5. De reukzin bevorderen door de reukcellen in de neusholten.

Neus
De neus heeft als specifieke functie de lucht te reinigen en te verwarmen alvorens deze naar
de longen gaat. In de ingang van de neus zitten neusharen. Dit zijn kleine haartjes die
voorkomen dat grotere schadelijke deeltjes in de longen terechtkomen en die de
luchtstroming turbulent maken.

Farynx (keelholte)
De farynx is het bovenste deel van het ademhalings- en spijsverteringsstelsel van veel
gewervelden en volgt direct na de neus en mond, vlak voor de slokdarm. De farynx wordt
onderverdeeld in drie delen. Het hoogste gedeelte, dat zich direct achter de neus bevindt,
wordt de nasofarynx genoemd. Het iets lagere, direct achter de mond gelegen gedeelte heet
de orofarynx. Nog iets lager bevindt zich de hypofarynx, die loopt tot aan de larynx.

Larynx (strottenhoofd)
Het orgaan in de hals van mensen dat betrokken is bij de ademhaling, bescherming van de
luchtpijp en het maken van geluid. De larynx bevindt zich in de hypofarynx, beneden op dat
punt in de keel waar luchtweg en voedselweg gescheiden worden (orofarynx). In de larynx
bevinden zich de ware stemplooien of ware stembanden. De larynx bestaat uit een aantal
kraakbenen onderdelen die verbonden zijn met pezen en spieren. Het strottenhoofd is in de
hals opgehangen aan het tongbeen. De voorzijde van de larynx is in de hals zichtbaar als de
ademsappel.

Trachea (luchtpijp)
De trachea is een buisvormige verbinding tussen de stembanden in de larynx en de carina
(de vertakking van de trachea in de rechter en linker hoofdbronchus). Door de trachea
stroomt lucht naar de bronchi en naar de longblaasjes in de longen, waar gasuitwisseling
met de bloedcirculatie plaatsvindt. De trachea is bekleed met kleine haartjes ter
bescherming. Deze haartjes zijn zeer gevoelig.

Bronchiën
Lucht die we inademen, gaat via de luchtpijp naar de bronchiën en zo de longen in. De
bronchiën vertakken zich in de longen weer verder, steeds kleiner en verder. Aan het einde
van de bronchiën liggen de longblaasjes, die ervoor zorgen dat er zuurstof in het bloed komt.
De bronchiën zijn van binnen bekleed met een slijmvlies en kleine kraakbeenringen. Die
zorgen ervoor dat de bronchiën open blijven staan, net als bij de luchtpijp. Glad spierweefsel
in de bronchiën zorgt ervoor dat de bronchiën zich ontspannen bij inademing en weer
uitstrekken bij uitademing. Het slijmvlies in de bronchiën bevat veel zogenaamde trilhaartjes,
die ingeademde stofdeeltjes en bacteriën afvoeren naar de keel. Daar kan het slijm worden
ingeslikt of uitgespuugd. Als de bronchiën zijn ontstoken, dan begint het slijmvlies met een
overproductie van slijm. Dit maakt benauwd en leidt tot hoesten.

, Alveoli (longblaasjes)
Pulmonaire alveolen zijn de uiteinden van de luchtpijpvertakkingen, waar de uitwisseling van
ademhalingsgassen plaatsvindt; CO2 wordt er afgegeven aan de lucht, O2 wordt er
opgenomen door het bloed. Ze bestaan uit alveolaire dekcellen en septale cellen. Dikwijls
wordt met het algemene woord alveolen deze longblaasjes bedoeld.

Luchtwegen
De luchtwegen kunnen worden verdeeld in een gedeelte voor de geleiding van lucht en een
gedeelte voor gaswisseling. Het gedeelte voor geleiding van lucht begint bij de ingang van
de neusholte en loopt door tot de farynx, de larynx, de trachea, de bronchiën en de grotere
bronchiolen. Het gedeelte voor de gaswisseling bestaat uit de kleinste en kwetsbaarste
bronchiolen en de alveoli in de longen. De luchtwegen brengen de lucht niet alleen naar de
longen, maar filtreren, verwarmen en bevochtigen de lucht ook. Daardoor worden de alveoli
tegen celresten, ziekteverwekkers en extreme uitwendige omstandigheden beschermd.
Het respiratoire slijmvlies bekleedt de buizen van het ademhalingsstelsel. Een slijmvlies is
een dekweefsel met slijmcellen. Het respiratoire slijmvlies bestaat uit het respiratoir epitheel:
dit is een cilinderepitheel met trilharen dat veel slijmcellen bevat en ondergelegen losmazig
bindweefsel dat slijmklieren bevat die hun klierproduct afgeven op het oppervlak van het
dekweefsel.

Longen
De longen vullen het grootste deel van de borstkas. We hebben een linker- en een
rechterlong. De linkerlong bestaat uit 2 lobben: de bovenste en de onderste linkerlonglob. De
rechterlong heeft 3 lobben: de bovenste, de middelste en de onderste rechterlonglob. De
rechterlong is iets groter omdat in de linkerlong een uitsparing is voor het hart.

Ademhalingsspieren
- Het diafragma of middenrif
o Het middenrif is een spierige structuur die de borstholte van de buikholte
scheidt. Het diafragma is niet recht maar koepelvormig: het buigt naar boven
toe. Bij samentrekking van de spier wordt het middenrif rechtgetrokken
waardoor het volume van de borstholte toeneemt, de druk erin verlaagt en de
lucht via mond en/of neus de longen ingezogen wordt. Het middenrif is
verantwoordelijk voor ongeveer de helft van de lucht die in de longen treedt.
- De intercostale spieren of tussenribspieren
o De intercostale spieren verhogen het volume in de borstkas door de ribben
omhoog te trekken. Er zijn 3 lagen intercostale spieren. De buitenste laag
verhoogt het volume in de borstkas door de ribben omhoog te trekken. De
binnenste laag trekt de ribben omlaag en kan gebruikt worden tijden het
uitademen. Deze spieren staan in voor ongeveer een vierde van de lucht die
in de longen komt bij het inademen.
- De hulpademhalingsspieren
o Deze worden enkel gebruikt bij een verhoogde zuurstofnood. De belangrijkste
zijn de scalenus spieren of scheve spieren die lopen van de nekwervels tot de
bovenste ribben en de borstbeen-sleutelbeen-tepelspier die aanhecht op het
borstbeen, het sleutelbeen en achter het oor op de schedel. De
hulpademhalingsspieren trekken de eerste ribben omhoog en verhogen op die
manier het volume in de borstkas.

Interne respiratie
De opname van O2 en afgifte van CO2 door de weefsels.
Inademen: lucht met O2 richting de longblaasjes  longblaasje  gaswisseling van O2 naar
rode bloedcellen  bloedplasma  longhaarvaten  rode bloedcel met O2 naar de
weefsels  weefselvloeistof  cellen van weefsel.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
26 oktober 2019
Aantal pagina's
18
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€4,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
lincyjanssen
2,0
(1)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
lincyjanssen Fontys Hogeschool
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
2
Documenten
4
Laatst verkocht
3 jaar geleden

2,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
1
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen