Week 1: H15 Brahn. Totstandkoming van de overeenkomst
Boek 3 BW Iedere overeenkomst is een rechtshandeling en in titel 3.2 staan algemene
bepalingen voor alle rechtshandelingen.
Boek 6 BW Titel 6.5 bevat algemene regels voor alle overeenkomsten
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan, aldus art.
6:217 lid 1 BW.
Aanbod
Van een aanbod is sprake wanneer de verklaring de voornaamste elementen van de inhoud
van de eventueel te sluiten overeenkomst bevat. (een eenvoudige ‘ja’ van de wederpartij is
dan voldoende om de overeenkomst tot stand te doen komen).
Hofland/Hennis een advertentie van een huis in een woongids wordt aangemerkt als een
uitnodiging om in onderhandeling te treden.
Art. 6:219 lid 1 BW gaat er van uit dat een aanbod herroepelijk is, tenzij uit het aanbod zijn
onherroepelijkheid volgt.
Een aanbieder kan een herroepelijk aanbod zijn werking ontnemen door er op tijd op terug
te komen. Art. 6:219 lid 2 BW, herroeping is slechts mogelijk zolang het aanbod niet is
aanvaard en evenmin een tot aanvaarding strekkende mededeling is verzonden. Bij een
onherroepelijk aanbod ontbreekt de mogelijkheid het aanbod rechtsgeldig te kunnen
herroepen, art. 6:219 BW
Bij een vrijblijvend aanbod kan je op grond van art. 6:219 lid 2 BW nog na aanvaarding op
zijn aanbod terugkomen door haar ‘onverwijld’ te herroepen.
Verval aanbod
De aanbieder kan een tijdsbepaling opnemen in het aanbod waardoor het komt te vervallen
wanneer het niet tijdig is aanvaard. Dit is dan een onherroepelijk aanbod, art. 6:219 lid 1
BW.
Mondeling en schriftelijk aanbod (art. 6:221 lid 1 BW)
- Een schriftelijk aanbod vervalt pas als dezen niet ‘binnen een redelijke tijd’ wordt
aanvaard.
- Een mondeling aanbod vervalt indien het niet ‘onmiddellijk’ wordt aanvaard.
Een aanbod vervalt ook als deze wordt verworpen, art. 6:221 lid 2 BW. Of als er een
afwijkende aanvaarding is gedaan, art. 6:225 BW.
Een aanbod vervalt niet door de dood of het verlies van handelingsbekwaamheid van één
van de partijen.
1
,Aanvaarding
De aanvaarding moet in overeenstemming zijn met de inhoud van het aanbod en dat zij
dient te zijn gedaan op een moment dat het aanbod nog van kracht was.
Wanneer de aanvaarding te laat is kan deze nog gerechtvaardigd worden door art. 3:37 lid 2
BW. Als het niet tijdig bereiken het gevolg was van zijn eigen handeling, door de handeling
van personen voor wie hij aansprakelijk is of van andere omstandigheden die zijn persoon
betreffen en rechtvaardigen dan hij het nadeel draagt.
Art. 6:244 BW, de overeenkomst komt dan toch tot stand.
De aanvaarding moet aansluiten op het aanbod, bij een kleine/ondergeschikte afwijking
(bijv. een bel van een fiets) van het aanbod kan de aanbieder bezwaar maken (art. 6:225 lid
2 BW). Een stuur van een fiets is niet ondergeschikt wanneer er dan een aanvaarding wordt
gedaan, maar dan zonder stuur dan is er wel een nieuw aanbod gedaan (art. 6:225 lid 1 BW)
Wil, verklaring en gerechtvaardigd vertrouwen
Een overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling. Een rechtshandeling vereist een op
een rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard, aldus art. 3:33
BW.
Wilsontbreken Wilsuitingen worden anders opgevat terwijl zij door de verklarende
persoon niet zo waren bedoeld.
Gevolg: Wil en wilsverklaring lopen uiteen. Er is dan geen sprake van een geslaagde
rechtshandeling.
Maar: Art. 3:35 BW, Gerechtvaardigd vertrouwen.
De wederpartij moet daarvoor vertrouwd hebben op de verklaring. De vertrouwde
moet de verklaring van de ander hebben opgevat “overeenkomstig de zin die hij
daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen.
Gerechtvaardigd vertrouwen houdt ‘goede trouw’ in als omschreven in art. 3:11 BW
Uitzondering: redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 lid 2 BW). Partijen hadden er op
vertrouwd dat de ander de verklaring ook zo bedoelde als hij hem opvatte.
Wilsontbreken ten gevolge van een geestelijke stoornis, art. 3:34 BW. Er moet dan
aangetoond worden dat ten tijde van het verrichten van de rechtshandeling zijn
geestvermogens waren gestoord. Daarnaast moet de stoornis de relevante wil onderbroken
hebben. Wilsontbreken ten gevolge van een geestelijke stoornis maakt de rechtshandeling
vernietigbaar (art. 3:34 lid 2 BW). (Eelman/Hin)
Wilsgebreken bedrog, dwaling, bedreiging enzv. De overeenkomst is dan vernietigbaar.
Wilsontbreken de overeenkomst is dan nietig.
Wil en verklaring spelen dus mee in de precontractuele fase
2
, Precontractuele fase
Jurisprudentie stappenplan
Afbreken van de onderhandelingen
Hierbij dient allereerst gekeken te worden naar het arrest CBB/ JPO. Als uitgangspunt geldt
dat er contractsvrijheid is. De rechtsregel van CBB/ JPO is dan ook dat ieder van de
onderhandelende partijen (die verplicht zijn hun gedrag mede door elkaars gerechtvaardigde
belangen te laten bepalen (= Baris/Riezenkamp)) vrij zijn de onderhandelingen af te breken,
tenzij dit op grond van het gerechtvaardigde vertrouwen van de wederpartij in het tot stand
komen van de overeenkomst of in verband met andere omstandigheden van het geval
onaanvaardbaar zou zijn (= VSH/Shell en MBO/ de Ruiterij).
- Of het afbreken van de onderhandelingen onaanvaardbaar is, moet worden
beoordeeld aan de hand van het volgende:
- De mate waarin en de wijze waarop de partij die de onderhandelingen afbreekt tot
het ontstaan van het vertrouwen heeft bijgedragen
- De gerechtvaardigde belangen van deze partij
- De onvoorziene omstandigheden tijdens de onderhandelingen MBO/ de Ruiterij
- Het gerechtvaardigde vertrouwen moet beoordeeld worden op het moment van het
afbreken van de onderhandelingen tegen de achtergrond van het gehele verloop van
de onderhandelingen (ABB/ de Staat)
- De Hoge Raad vindt wel dat deze norm erg streng en terughoudend moet worden
getoetst (CBB/JPO)
Indien er geconstateerd wordt dat er niet afgebroken mag worden, moet er gekeken worden
naar het arrest Plas/Valburg
Aan de hand van dit arrest wordt de schadevergoeding bepaald drie verschillende stadia:
1) Fase 1: Het staat partijen vrij de onderhandelingen af te breken
- Kosten betalen die zijn gemaakt bij de eerste onderhandeling
2) Fase 2: Het staat partijen vrij de onderhandelingen af te breken
- Schadeplichtigheid gemaakte kosten negatief contracts-belang
3) Fase 3: Het staat partijen niet vrij de onderhandelingen af te breken
- Door- onderhandelen of schadevergoeding positief contracts-belang gederfde
winst.
Huurdersvereniging / Koot
Het ging hier om een veroordeling om in overleg te treden omtrent vaststelling van huren op
basis van gemaakte afspraken. De omstandigheid dat partijen nog verdeeld waren over de
concrete resultaten waartoe de in de overeenkomst vervatte afspraken moesten leiden,
sloot, aldus de Hoge Raad, niet uit dat partijen tegenover elkaar verplicht waren om, met
inachtneming van de eisen van de goede trouw, mee te werken aan het tot volkomenheid
brengen van deze afspraken in overeenstemming met wat reeds was overeengekomen.
Polak / Zwolsman
Er was al een rompovereenkomst (voor een arbeidsovereenkomst), over de aanhangsels
(pensioen) moet nog verder onderhandeld worden.
3