Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019
Vragenstok Psychologie
Emma Blaauw, L1B,
Propedeuse jaar 2018-2019
Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019
, Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019
Vragenstok psychologie Propedeuse 2018-2019
Hoofdstuk 1
1. Geef de relatie aan tussen psychologie en het vak lichamelijke opvoeding
(college).
Gedragsverklaring gedragsbeïnvloeding pedagogisch klimaat
Beschrijven – begrijpen – voorspellen – beïnvloeden
2. Tegenwoordig wordt uitgegaan van een holistisch mensbeeld. Leg uit wat
daarmee wordt bedoeld.
Vorming van het functioneren van de mens worden heden ten dage
beschouwd als een complex geheel van psychische, somatische en
sociale factoren. We spreken hier van een socio-psychosomatische
eenheid, of kortweg van een holistisch mensbeeld (holo = geheel).
Hoofdstuk 2
1. Welke factoren kunnen de aandacht beïnvloeden?
- Zorgen: als je bijvoorbeeld zorgen hebt over thuissituatie kan dit op school
concentratieproblemen veroorzaken.
- Vermoeidheid: slaapgebrek en gemis aan ontspanning zijn niet bevorderlijk
voor het kunnen opbrengen van aanhoudende concentratie.
- Angst of spanning: door nervositeit kan het zijn dat je maar 30% van de
informatie hebt begrepen of onthouden hebt. (Denk aan een gesprek bij
ziekenhuisopname). Angst of spanning kan ook je aandacht verscherpen,
extra op je hoede.
- Motivatie: ouder slaapt overal doorheen, als baby huilt ineens wel alert
kunnen zijn. Wij beschikken over bijzonder vermogen om selectief prikkels uit
onze omgeving op te nemen.
- Verandering: wanneer de zachte klok ophoudt met tikken wordt dat pas
opgemerkt of als we van ruimte wisselen valt ons de geur van het nieuwe
vertrek op.
2. Noem 6 factoren die het waarnemen van een observator kunnen beïnvloeden.
Geef een korte uitleg bij elke factor die je noemt.
- Functioneren van de zintuigen: bij ouder worden neemt zintuigscherpte af.
- Aandacht: kijk vraag 1
- Kennis- en ervaringsniveau: boer zal al zijn schapen onderscheiden,
dirigent zal alle instrumenten apart horen.
- Verwachtings- en wensbeeld: ben je onkritisch en bevooroordeeld, dan zul
je vaak zien wat je wilt zien en het tegendeel negeren.
- Participerende observatie: alleen al de aanwezigheid van de observator
kan de te onderzoeken persoon in hun gedrag beïnvloeden.
- Gestaltwetten: figuur en achtergrond, het geheel is meer dan de som der
delen; vorm, kleur, grootteconstantie; groepering
3. Geef bij elke factor die waarnemen kan beïnvloeden een voorbeeld uit een les LO,
waaruit blijkt dat objectief waarnemen voor een docent lastig is.
1. Als je een specifiek doel hebt dan moet je niet te veel
omgevingsfactoren hebben dan wordt het lastiger om je daarop te
kunnen focussen.
2. Als een leerling spanning heeft voor een bepaalde beweging kan
hij/zij zich heel erg gaan focussen en na gaat denken over de
beweging waardoor het geen goede beweging zal worden door het
vele nadenken.
Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019
Vragenstok Psychologie
Emma Blaauw, L1B,
Propedeuse jaar 2018-2019
Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019
, Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019
Vragenstok psychologie Propedeuse 2018-2019
Hoofdstuk 1
1. Geef de relatie aan tussen psychologie en het vak lichamelijke opvoeding
(college).
Gedragsverklaring gedragsbeïnvloeding pedagogisch klimaat
Beschrijven – begrijpen – voorspellen – beïnvloeden
2. Tegenwoordig wordt uitgegaan van een holistisch mensbeeld. Leg uit wat
daarmee wordt bedoeld.
Vorming van het functioneren van de mens worden heden ten dage
beschouwd als een complex geheel van psychische, somatische en
sociale factoren. We spreken hier van een socio-psychosomatische
eenheid, of kortweg van een holistisch mensbeeld (holo = geheel).
Hoofdstuk 2
1. Welke factoren kunnen de aandacht beïnvloeden?
- Zorgen: als je bijvoorbeeld zorgen hebt over thuissituatie kan dit op school
concentratieproblemen veroorzaken.
- Vermoeidheid: slaapgebrek en gemis aan ontspanning zijn niet bevorderlijk
voor het kunnen opbrengen van aanhoudende concentratie.
- Angst of spanning: door nervositeit kan het zijn dat je maar 30% van de
informatie hebt begrepen of onthouden hebt. (Denk aan een gesprek bij
ziekenhuisopname). Angst of spanning kan ook je aandacht verscherpen,
extra op je hoede.
- Motivatie: ouder slaapt overal doorheen, als baby huilt ineens wel alert
kunnen zijn. Wij beschikken over bijzonder vermogen om selectief prikkels uit
onze omgeving op te nemen.
- Verandering: wanneer de zachte klok ophoudt met tikken wordt dat pas
opgemerkt of als we van ruimte wisselen valt ons de geur van het nieuwe
vertrek op.
2. Noem 6 factoren die het waarnemen van een observator kunnen beïnvloeden.
Geef een korte uitleg bij elke factor die je noemt.
- Functioneren van de zintuigen: bij ouder worden neemt zintuigscherpte af.
- Aandacht: kijk vraag 1
- Kennis- en ervaringsniveau: boer zal al zijn schapen onderscheiden,
dirigent zal alle instrumenten apart horen.
- Verwachtings- en wensbeeld: ben je onkritisch en bevooroordeeld, dan zul
je vaak zien wat je wilt zien en het tegendeel negeren.
- Participerende observatie: alleen al de aanwezigheid van de observator
kan de te onderzoeken persoon in hun gedrag beïnvloeden.
- Gestaltwetten: figuur en achtergrond, het geheel is meer dan de som der
delen; vorm, kleur, grootteconstantie; groepering
3. Geef bij elke factor die waarnemen kan beïnvloeden een voorbeeld uit een les LO,
waaruit blijkt dat objectief waarnemen voor een docent lastig is.
1. Als je een specifiek doel hebt dan moet je niet te veel
omgevingsfactoren hebben dan wordt het lastiger om je daarop te
kunnen focussen.
2. Als een leerling spanning heeft voor een bepaalde beweging kan
hij/zij zich heel erg gaan focussen en na gaat denken over de
beweging waardoor het geen goede beweging zal worden door het
vele nadenken.
Emma Blaauw vragenstok Halo 2018-2019