Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Evoked Potentials

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
38
Geüpload op
18-11-2019
Geschreven in
2019/2020

Uitgebreide samenvatting van het vak Evoked Potentials uit leerjaar 2 van de opleiding KNF (klinische neurofysiologie) van de LOI

Voorbeeld van de inhoud

Evoked potentials
HS 1 Algemene aspecten evoked potentials
Evoke: oproepen, opwekken.
evoked potential: potentiaalverandering in perifeer/centraal ZS of spier na stimulatie zintuig/deel
zenuwstelsel

Typen EP’s
- Sensorisch:
- SEP: somatosensibel (stimulatie huidzenuw/gemengde zenuw, EP centraal/perifeer)
- VEP: visueel (visuele stimulatie retina, EP hersenschors)
- BAEP: brainstem auditory (stimulatie gehoororgaan, EP hersenstam)
- AEP: corticaal auditory (stimulatie gehoororgaan, EP hersenschors)
- Motor: EP in spier bij stimulatie motorische hersenschors/wortels
- ERP (event related potentials): voorbereiding op motorische respons of verwerking
sensorische prikkel

Sensorische/ERP amplitudes: klein in vergelijking met stoorsignalen -> averaging nodig.

Doel EP
- detectie & localisatie laesie. vb: visueel systeem (VEP), centrale motorische neuron (Motor
EP)
- gedetailleerd testen zintuig (gehoor BAEP)
- hogere cognitieve functies bestuderen (attentie, stimulusdiscriminantie, motorische
preparatie) dmv ERPs

Herhalingsfrequentie stimulus:
- sneller: onderzoek eerder afgelopen
- te snel: habituatie (gewenning, lagere amplitude), gestimuleerde structuur moet kunnen
herstellen
- vroege componenten (BAEP) korte hersteltijd (10 stimuli/seconde)
- late componenten (AEP) lange hersteltijd (1 stimulus/ 2 seconden)
- random stimulusinterval: willekeurig -> minder snel habituatie (mn late EP componenten)
- geen 50hz frequentie gebruiken -> storing wordt niet weggemiddeld

Volumegeleiding
- meting op afstand: ionenstromen waaieren uit in weerstandnetwerk (verschillende
structuren van het lichaam)
- verschillende weerstanden in verschillende weefsels (bot & vetweefsel: hoge weerstand,
spier iets lager, bloed nauwelijks weerstand)
- lichaamsonderdelen zijn elektrische weerstandsnetwerken (volumegeleiders), belangrijk bij
interpretatie potentiaalveranderingen & plaatsing elektroden.
- Hoe verder meetelektrode van stimulus af hoe kleiner en meer uitgesmeerd de potentiaal is,
nog kleiner bij hoge weerstand.
- uitzondering: far field potentialen-> bij dipool en langgerekte volumegeleider (arm/been) ->
potentiaal wordt niet kleiner bij lange afstand (vroege SEP componenten)
- voortgeleidende activiteit is geen dipool -> geen far-field -> bewegende bron -> afnemende
potentiaal bij toenemende afstand.
- abrupte overgang voortgeleiding (blokkade) of verandering volumegeleider (overgang arm-
romp): korte tijd niet bewegende dipoolbron -> far field potentialen

,Registratietechnieken
- gemiddelde signaalcomponenten
- posities 10-20 systeem met kleine verplaatsingen
- componenten kleiner dan bij EEG -> lage en gelijke elektrodeweerstanden belangrijk

Filteren
- zo hoog mogelijk signaalniveau zonder achtergrond EEG, versterkerruis,
bewegingsartefacten -> signaalmiddeling
- filteren signaal: alleen frequenties met relevante fysiologische informatie -> bandbreede
aanpassen -> banddoorlaatfilter (band pass) hoogdoorlaatfrequentie Fl,
laagdoorlaatfrequentie Fh
- afsnijfrequentie niet abrupt maar met bepaalde steilheid van de overgang.
- filteren zorgt voor tijdvertraging die verschilt per frequentie -> vervorming signaal.
standaardisatie noodzakelijk
- toename hoog/laagdoorlaatfrequentie -> verkorting latentietijd
- filter door computer = digitale filtering, hierbij geen tijdvertraging
- smoothen: extra digitaal laagdoorlaatfiltering -> signaal meer glad -> informatie verloren

Analoog-digitaal AD conversie
- bemonsteringsfrequentie: frequenties tot Fhz minimaal 2x Fhz nodig -> nyquisttheorema:
voorkomen signaalvervormingen (aliasing)
- Meestal hogere bemonsteringsfrequentie: 5x/10x Fhz
- amplitudenauwkeurigheid: N bits: 2^n amplitudeniveaus, signaal-ruisniveau bepaald de
nauwkeurigheid. Gebruikelijk: 12bits 2^12= 4096 niveaus

Middeling/averaging
- noodzakelijk bij neurofysiologische metingen
- precies dezelfde responsie in: golfvorm, amplitude, latentie = deterministisch
- bij langere latentie EP componenten is dit lastig -> sessie niet te lang en zo goed mogelijk
constant.
- uiteindelijke uitslag = gemiddelde van alle responsies
- achtergrondsignaal heeft constante eigenschappen EP responsie wordt hierbij opgeteld:
signaal + (stochastisch) ruis concept.

Artefacten
stimulusartefact
- Vele malen groter dan EP signaal.
- Belangrijk te bepalen waar het artefact stopt:
- moet voor de eerste EP responsie zijn
- zo niet: stimulusartefact van signaal aftrekken of goede elektrodeplaatsing

veroorzaakt door:
- potentiaalvelden bij elektrische stimuli
- elektromagnetische velden bij koptelefoon AEP


artefactrejectie
- stukken EEG waarin grote artefacten zoals oogknippers/oogbewegingen worden
overgeslagen.
- Detectie door amplitudeoverscheiding.
- Duur neemt toe: stukken met artefacten moeten overnieuw.

,Reproduceerbaarheid/betrouwbaarheid
- 2 middelingen onder identieke omstandigheden over elkaar projecteren
- nadeel: ongewenste veranderingen
- andere manier: stimuli (even/oneven) in verschillende geheugens (buffers)
middelen.
- dummy average: registratie met losgekoppelde stimulatieelektroden -> vlakke curve ->
technische stimulusgebonden artefacten opsporen
- plus-minus average: responsies afgewisseld op en aftrekken van het gemiddelde -> indruk
ruis die niet aan stimulus gebonden is
- prestimulus interval: interval voorafgaand aan stimulus meemiddelen -> ruisniveau
voorafgaand aan stimulus inschatten. interval: 20% van de gehele curve

Analyse EP-componenten
component: positieve of negatieve potentiaalverandering

voorwaarden EP component:
- reproduceerbaar
- boven ruisniveau uit
- geen artefact

Latentie
- tijdsverschil stimulatie en top component (begin component vaak lastig af te grenzen)
- hangt af van fysiologisch factoren zenuwstelsel (leeftijd, lengte, geslacht) en
pathofysiologische factoren (demyelinisatie)
- normaal: kleine spreiding en normaal verdeeld

Amplitude
- bepaald ten opzichte van:
- top vorige component (meest gebruikt)
- top volgende component
- de basislijn (technische 0 niveau AD versterker of gemiddelde niveau
prestimulusinterval)
- amplitude overschat bij: EP component superponatie op langzame potentiaalverandering
(stimulusartefact)
- hangt af van:
- fysiologische en pathofysiologische factoren (ook axonale schade)
- huid en schedeldikte, diepte zenuw onder de huid (volumegeleiding)
- normaal: grote spreiding niet normaal verdeeld

Benoeming EP componenten (nomenclatuur)
- Naar polariteit en gemiddelde latentie in normale populatie
- afhankelijk van lichaamslengte, eerste negatieve corticaal gegenereerde SEP
component: in NL: N20, in scandinavie N21, in japan N17
- Naar polariteit en volgorde van latentie: P1, N1, P2 etc
- BAEP: volgorde van latentie: piek I t/m V

, Analysetechnieken

topografisch
ingewikkelde verdeling polariteit en amplitude over het hoofd die veranderd in de tijd. Wel 32, 64 of
128 registraties nodig -> door vele curven moeilijk te interpreteren -> topografische analyse,
spatiotemporele mapping, brainmapping.

Spatiële sampling
- zelfde wet als nyquistcriterium: hoogste frequentie max de helft frequentie waarmee wordt
bemonsterd
- spatiele (ruimtelijke) frequentieverdeling: EEG veranderd per plaats en ook het afgeleide EP
signaal
- hoe sneller het signaal veranderd (van 1 positie naar ander) -> hogere spatiële frequenties
- niet voldoen aan nyquist -> vervormingen brainmap: spookfrequenties, spatiele aliasing,
terugvouwing.
- lastig in praktijk te brengen: niet mogelijk aantal elektroden te verdubbelen
- 32 elektroden = minimum gehele hoofd, of dichter bij elkaar in 1 gebied

Brainmap maken
- posities elektroden EP signaal geprojecteerd op een vlak (boven/zijaanzicht van het hoofd)
- vlak verdeeld in kleine vierkantjes, klein deel = elektrodeposties andere deel =
geïnterpoleerd, ligt er tussenin
- amplitude EP signaal dat overeenkomt met een elektrodepostie wordt op 1 moment in de
tijd weergegeven in het bijbehorende vierkantje.
- De amplitude van de geinterpoleerde vierkantjes wordt geschat dmv interpolatietechnieken
-> dus niet daadwerkelijk gemeten, alleen hulpmiddel, extra elektroden is beter!

Interpolatietechnieken:
- nearest neighbour methode (meest gebruikt)
- geschat obv dichtstbijzijnde elektroden.
- neemt liniair of met een macht af met afstand tot elektrode.
- Maxima en minima op elektroden gelegen
- nadeel: onnatuurlijk scherpe potentiaalbergen -> hoge spatiele frequenties
- Spline interpolation
- lijn of oppervlak word zo soepel mogelijk door gemeten amplituden gebogen

Brainmapping
instantane map (op 1 tijdstip) van ampliutudeverdeling door:
- isopotentiaallijnen: vierkanten met gelijke amplitude door lijn verbonden
- kleuren: kleurcodering vierkantjes. regenboog (blauw,groen,geel,rood,wit)
- symmetrisch: amplitude negatief= rood en wit, 0= geel, positief blauw en groen
- individueel/genormeerd: blauw en wit sterkste positieve en negatieve amplituden,
hoeven niet een zelfde waarde te hebben -> niet symmetrisch: geel kan zowel pos
als neg zijn.

Sequentiele mapping:
- regelmatige tijdstippen instantane map maken -> veranderingen spatiele en temporele
domein EP
- symmetrische en gelijke kleurenschaal iedere ma. Alleen uitersten: individuele schaal

Documentinformatie

Geüpload op
18 november 2019
Aantal pagina's
38
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING
€9,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
thamarpelgrim LOI - Leidse Onderwijsinstellingen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
99
Lid sinds
7 jaar
Aantal volgers
49
Documenten
11
Laatst verkocht
7 maanden geleden

4,3

12 beoordelingen

5
6
4
4
3
1
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen