Persoonlijke noot
Nederland kent op dit moment ongeveer 1300 tbs-gestelden.1 Het inwonersaantal van Nederland
bedraagt ongeveer 17 miljoen. Dat betekent dat ongeveer 1 op de 13.076 Nederlanders een tbs-
maatregel opgelegd heeft gekregen wegens een psychische stoornis. Daarmee impliceer ik niet dat
de rest van de Nederlanders niet lijdt aan een psychische stoornis. De ongeveer 1300 tbs-gestelden
zijn de fout ingegaan, waardoor zij opgenomen zijn in een psychiatrische instelling. De verdachte
(hierna: Bart van U.) in mijn uitspraak valt onder de ongeveer 1300 tbs-gestelden in Nederland. Bart
van U. heeft politicus Els Borst vermoord en enige tijd later heeft hij zijn zus Loïs vermoord. In eerste
aanleg wordt Bart van U. volledig ontoerekeningsvatbaar verklaard door de rechtbank. Hierdoor
wordt Bart van U. ontslagen van alle rechtsvervolging (hierna: OVAR). De rechter legt een bevel tot
verpleging van overheidswege op. In hoger beroep wordt Bart van U. veroordeeld voor doodslag. Hij
krijgt een gevangenisstraf van 8 jaar en een tbs-maatregel met dwangverpleging opgelegd door het
hof.2 Mijn noot gaat over het verschil tussen de eindconclusie van de rechtbank in vergelijking met
die van het hof en de hoogte van de gevangenisstraf.
Er bestaan verschillende gradaties in de toerekenbaarheid van een strafbaar feit die gebruikt kunnen
worden binnen de forensische psychiatrie. Beginnend met volledig toerekeningsvatbaar. Vervolgens
kan iemand enigszins verminderd toerekeningsvatbaar worden verklaard. Daarna volgt verminderd
toerekeningsvatbaar. Gevolgd door sterk verminderd toerekeningsvatbaar. Als laatste kan iemand
volledig ontoerekeningsvatbaar worden verklaard.3
Een Pro Justitiarapportage wordt opgesteld om de vast te stellen in welke mate het misdrijf is toe te
rekenen aan een verdachte. In deze zaak is Bart van U. tweemaal geobserveerd door
gedragsdeskundige Vermeulen en Rijnders in het Pieter Baan Centrum. Bart van U. heeft geweigerd
om mee te werken aan het onderzoek. Toch is het maken van een Pro Justitiarapportage mogelijk op
grond van artikel 37 lid 3 jo. artikel 37a lid 3 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: WvSr).4 Op
basis van de volgende aspecten wordt bij een weigerende verdachte de Pro Justitiarapportage
opgesteld: toont de verdachte vreemd gedrag, waarvoor is de verdachte in het verleden veroordeeld
en wat vertellen mensen uit de omgeving over de verdachte. Volgens de Pro Justitiarapportages is
Bart van U. sterk verminderd toerekeningsvatbaar verklaard. De gedragsdeskundigen hebben
geconstateerd dat Bart van U. lijdt onder een chronische paranoïde psychose in het kader van
schizofrenie. Deze stoornis gaat gepaard met wanen waarin Bart van U. verkeerde. De waan bij het
doden van het eerste slachtoffer was dat het zijn dood zou worden als hij naar een psychiatrische
instelling zou moeten. Bij het doden van het tweede slachtoffer verkeerde Bart van U. in een waan
dat hij de opdracht kreeg om de verantwoordelijke voor de euthanasiewetgeving te doden. De
gedragsdeskundigen hebben in de Pro Justitiarapportages geadviseerd om hem sterk verminderd
toerekeningsvatbaar te verklaren. De gedragsdeskundigen kunnen een volledige
ontoerekeningsvatbaarheid niet onderbouwen.
Op 30 april 2016 heeft de rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan over de moord op de zus van Bart
van U. en de moord op Els Borst.5 De rechtbank kan de feiten niet verwijten aan hem, omdat hij lijdt
aan psychotische stoornis. De rechtbank verklaarde Bart van U. volledig ontoerekeningsvatbaar. De
rechtbank heeft in deze zaak zelf een besluit genomen over de toerekenbaarheid van de feiten aan
Bart van U. Dat besluit is tegenstrijdig met het advies van de gedragsdeskundigen. De rechtbank is
van oordeel dat ‘door het ontbreken van objectieve (of objectiveerbare) gegevens die het bestaan
van reële componenten op enigerlei wijzen ondersteunen niet aan het oordeel in de weg hoeven te
staan dat de verdachte als volledig ontoerekeningsvatbaar moet worden beschouwd’. De rechtbank
1
tbsnederland.nl (Zoeken op Hoeveel tbs-patiënten zijn er in Nederland).
2
Gerechtshof Den Haag 16 maart 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:684.
3
B.C.M. Raes, F.A.M. Bakker, De psychiatrie in het Nederlandse recht, Deventer: Wolters Kluwer
2017, p. 129.
4
B.C.M. Raes, F.A.M. Bakker, De psychiatrie in het Nederlandse recht, Deventer: Wolters Kluwer
2017, p. 135.
5
Rechtbank Rotterdam 30 april 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:2699.
Nederland kent op dit moment ongeveer 1300 tbs-gestelden.1 Het inwonersaantal van Nederland
bedraagt ongeveer 17 miljoen. Dat betekent dat ongeveer 1 op de 13.076 Nederlanders een tbs-
maatregel opgelegd heeft gekregen wegens een psychische stoornis. Daarmee impliceer ik niet dat
de rest van de Nederlanders niet lijdt aan een psychische stoornis. De ongeveer 1300 tbs-gestelden
zijn de fout ingegaan, waardoor zij opgenomen zijn in een psychiatrische instelling. De verdachte
(hierna: Bart van U.) in mijn uitspraak valt onder de ongeveer 1300 tbs-gestelden in Nederland. Bart
van U. heeft politicus Els Borst vermoord en enige tijd later heeft hij zijn zus Loïs vermoord. In eerste
aanleg wordt Bart van U. volledig ontoerekeningsvatbaar verklaard door de rechtbank. Hierdoor
wordt Bart van U. ontslagen van alle rechtsvervolging (hierna: OVAR). De rechter legt een bevel tot
verpleging van overheidswege op. In hoger beroep wordt Bart van U. veroordeeld voor doodslag. Hij
krijgt een gevangenisstraf van 8 jaar en een tbs-maatregel met dwangverpleging opgelegd door het
hof.2 Mijn noot gaat over het verschil tussen de eindconclusie van de rechtbank in vergelijking met
die van het hof en de hoogte van de gevangenisstraf.
Er bestaan verschillende gradaties in de toerekenbaarheid van een strafbaar feit die gebruikt kunnen
worden binnen de forensische psychiatrie. Beginnend met volledig toerekeningsvatbaar. Vervolgens
kan iemand enigszins verminderd toerekeningsvatbaar worden verklaard. Daarna volgt verminderd
toerekeningsvatbaar. Gevolgd door sterk verminderd toerekeningsvatbaar. Als laatste kan iemand
volledig ontoerekeningsvatbaar worden verklaard.3
Een Pro Justitiarapportage wordt opgesteld om de vast te stellen in welke mate het misdrijf is toe te
rekenen aan een verdachte. In deze zaak is Bart van U. tweemaal geobserveerd door
gedragsdeskundige Vermeulen en Rijnders in het Pieter Baan Centrum. Bart van U. heeft geweigerd
om mee te werken aan het onderzoek. Toch is het maken van een Pro Justitiarapportage mogelijk op
grond van artikel 37 lid 3 jo. artikel 37a lid 3 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: WvSr).4 Op
basis van de volgende aspecten wordt bij een weigerende verdachte de Pro Justitiarapportage
opgesteld: toont de verdachte vreemd gedrag, waarvoor is de verdachte in het verleden veroordeeld
en wat vertellen mensen uit de omgeving over de verdachte. Volgens de Pro Justitiarapportages is
Bart van U. sterk verminderd toerekeningsvatbaar verklaard. De gedragsdeskundigen hebben
geconstateerd dat Bart van U. lijdt onder een chronische paranoïde psychose in het kader van
schizofrenie. Deze stoornis gaat gepaard met wanen waarin Bart van U. verkeerde. De waan bij het
doden van het eerste slachtoffer was dat het zijn dood zou worden als hij naar een psychiatrische
instelling zou moeten. Bij het doden van het tweede slachtoffer verkeerde Bart van U. in een waan
dat hij de opdracht kreeg om de verantwoordelijke voor de euthanasiewetgeving te doden. De
gedragsdeskundigen hebben in de Pro Justitiarapportages geadviseerd om hem sterk verminderd
toerekeningsvatbaar te verklaren. De gedragsdeskundigen kunnen een volledige
ontoerekeningsvatbaarheid niet onderbouwen.
Op 30 april 2016 heeft de rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan over de moord op de zus van Bart
van U. en de moord op Els Borst.5 De rechtbank kan de feiten niet verwijten aan hem, omdat hij lijdt
aan psychotische stoornis. De rechtbank verklaarde Bart van U. volledig ontoerekeningsvatbaar. De
rechtbank heeft in deze zaak zelf een besluit genomen over de toerekenbaarheid van de feiten aan
Bart van U. Dat besluit is tegenstrijdig met het advies van de gedragsdeskundigen. De rechtbank is
van oordeel dat ‘door het ontbreken van objectieve (of objectiveerbare) gegevens die het bestaan
van reële componenten op enigerlei wijzen ondersteunen niet aan het oordeel in de weg hoeven te
staan dat de verdachte als volledig ontoerekeningsvatbaar moet worden beschouwd’. De rechtbank
1
tbsnederland.nl (Zoeken op Hoeveel tbs-patiënten zijn er in Nederland).
2
Gerechtshof Den Haag 16 maart 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:684.
3
B.C.M. Raes, F.A.M. Bakker, De psychiatrie in het Nederlandse recht, Deventer: Wolters Kluwer
2017, p. 129.
4
B.C.M. Raes, F.A.M. Bakker, De psychiatrie in het Nederlandse recht, Deventer: Wolters Kluwer
2017, p. 135.
5
Rechtbank Rotterdam 30 april 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:2699.