Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

samenvatting doelstellingen thema 3 Eureka!

Beoordeling
3,2
(6)
Verkocht
48
Pagina's
81
Geüpload op
20-01-2014
Geschreven in
2014/2015

In deze samenvatting zijn alle doelstellingen voor de HOK toets uitgewerkt voor thema 3.

Voorbeeld van de inhoud

Eureka!
Week 1


OAC 1 Pathologie, inleiding orthopedie (KT)

Doelstellingen

Congenitale aandoeningen  aangeboren aandoeningen

Bijvoorbeeld: gegeneraliseerde (=door het hele lichaam) aandoeningen als:

 Skeletdysplasie = dysvorming van het skelet
 Achondroplasie, valt onder skeletdysplasie = dwerggroei
 Multiple exostosen, botuitgroei/uitstulpsels
 Multiple enchondromen = kraakbeen gezwellen
 Syndroom van down; hypotonie, afwijking in cervicale wervelkolom
 Aangeboren contracturen = gewrichtsstandafwijking, door groei van extra
bindweefsel.
 Syndroom van Marfan

Specifiek gelokaliseerde aandoeningen

 Onderste extremiteit
 Wervelkolom
 Neuromusculaire aandoeningen
 Variaties in groei

Verworven aandoeningen  in de loop van je leven ontwikkeld

Kan door trauma of door surmenages (door overbelasting).

Trauma bijvoorbeeld fracturen (ontstaanswijze)
• Direct trauma
- pareerfractuur afweerfractuur (manier van ontstaan)
- comminutieve fractuur verbrijzeling
- penetrerende verwondingen bijv. door mes of kogel
• Indirect trauma
- avulsiefractuur als pees het bot stuk scheurt
- compressiefractuur door te grote druk, vaak in de wervelkolom
- angulatiefractuur als er door de breuk in hoek in je bot ontstaat
- torsiefractuur door draaiing
• Andere oorzaken
- onderliggende botziekte bv osteoporose
- stressfractuur door overbelasting



1

, Bijvoorbeeld door surmenages (overbelasting)
 Osteochondrose, groep van verschillende aandoeningen aan het bot.
 Artrose
 Bot- en gewrichtsinfecties
 Metabole skeletziekten
 Tumoren

Differentiele diagnose  Een differentiële diagnose is een lijst van mogelijke aandoeningen waaraan
een bepaalde patiënt zou kunnen lijden, gegeven de klachten en symptomen die op dat moment
bekend zijn. Een differentiële diagnose wordt dus gesteld wanneer twee of meerdere ziekten het
ziektebeeld kunnen verklaren en het nog niet mogelijk is tot een definitieve diagnose te komen.
Verder onderzoek zal erop gericht zijn één of meerdere elementen van de differentiële diagnose uit
te sluiten tot uiteindelijk liefst slechts één mogelijkheid overblijft. (bron: wiki)

Verwerkingsopdracht

Bestudeer de PPT en de bronnen (hoofdstuk 7, 14 en 17 uit Orthopedie).



OAC 2 Anatomie, osteologie en artrologie van de schoudergordel (KT)

Doelstellingen
3 1 3
Namen kennen:
2 6 1
1. tuberculum majus
2. tuberculum minus 8 7 4
5
3. caput humeri
4. collum anatomicum
5. collum chirurgicum
6. sulcus intertubercularis
7. crista tuberculi majoris
8. crista tuberculi minoris


Verder kennen:

 acromion
 spina scapulae
 - margo superior
 - margo medialis
 - margo lateralis
 cavitas glenoidale
 fossa supraspinale
 fossa infraspinale
 Processus coracoideus
 Angulus superior

2

,  Angulus inferior
 Angulus laterale
 Incisura scapulae
 Clavicula
 extremitas sternalis
 extremitas acromialis

Echte gewrichten
- Art. Sternoclavicularis (SC-gewricht) = zadelgewricht
o Kop en kom hangen af van de beweging. Komt doordat het een zadelgewricht is,
beide kanten hebben zowel een kop als een kom. Kunnen dus omdraaien
o Bij elevatie/depressie: (bij andere bewegingen andersom)
 Kop = facies articularis sternalis
 Kom = incisura clavicularis
- Art acromioclavicularis (AC-gewricht) = vlak gewricht
o Geen duidelijk kop en kom aan te wijzen omdat het een vlak gewricht is, zijn 2
vlakken op elkaar.
 Kop/kom = facies articularis clavicularis
 Kop/kom = facies articularis acromialis
- Art humeri / glenohumerale = kogelgewricht
o Kop = caput humeri
o Kom = cavitas gleniodialis
o Anteflexie/retroflexie, endorotatie/exorotatie, abductie/adductie
Facies articularis ..... zitten altijd op het tegenoverliggende bot. Dus de facies articularis sternalis, zit
niet op het sternum maar op de clavicula.




Bewegingen schouderblad, schouderblad beweegt tov de thorax.
- Elevatie / depressie; omhoog of omlaag halen van het schouderblad. Is een translatie, is dus
geen as aan te wijzen (as is alleen met een rotatie).


3

, - Retractie / protractie; naar elkaar brengen van de schouderbladen, schouder naar voren
brengen. Is ook een translatie beweging.
- Mediorotatie / laterorotatie; de angulus inferior draait naar mediaal of naar lateraal.

Ligamenten
AC-gewricht
- Lig. Acromioclaviculare (tussen acromium en clavicula)
SC-gewricht
- Lig. Interclaviculare (tussen de 2 clavicula’s, remt depressie)
- Lig. Costaclaviculare (tussen de ribben en de clavicula, remt elevatie)
- Lig. Sternoclaviculare anterius (tussen borstbeen en clavicula, remt retractie)
- Lig. Sternoclaviculare posterius (tussen borstbeen en clavicula, remt protractie)


OAC 3 Fysiologie, bindweefsel algemeen (KT)

Doelstellingen
Verschillende soorten weefsels:
 Epitheelweefsel, vormt bekleding van lichaamsholten.
 Spierweefsel
 Zenuwweefsel
 Bindweefsel; zorgt dat we niet uit elkaar vallen

Opbouw bindweefsel:
Alle typen bindweefsel bestaan uit collageen en elastine. Straf-regelmatig heeft het minste elastine,
straf-onregelmatig iets meer elastine en losmazig heeft het meeste elastine.
 Straf-regelmatig: alle cellen liggen in 1 richting, dit bindweefsel wordt in maar 1 richting
belast, bijvoorbeeld pezen en ligamenten.
 Straf-onregelmatig: vezels liggen in alle richtingen, het wordt in meerdere richtingen belast.
Bijvoorbeeld gewrichtskapsel.
 Losmazig: vezels liggen verder uit elkaar en bevatten meer elastine, hierdoor kan het meer
meerekken.

Fasen bindweefselherstel:
 Ontstekingsfase (0-5 dagen); rood, pijn, zwelling, warmte
 Proliferatiefase (5-21 dagen); starten met bewegen op geleide van pijn (dan gaan vezels
beter op z’n plek liggen).
 Consolidatie fase (21-60 dagen); belasting langzaam opvoeren
 Organisatie, ombouwfase (60-360 dagen); tot 120 dagen blijft collageenproductie hoog.
Gedoseerde belasting.

Structuren (en functies) die samen de matrix vormen: vezels (collageen, elastine), gelachtige materie,
grondsubstantie (GAG’s en PG’s) en water.
De matrix zorgt voor: reguleren van het gedrag van de cellen die in de matrix liggen, beinvloeden hun
vorm, ontwikkeling, overlegving, verplaatsing, celdeling en functie.


4

,Terminologie
Bindweefsel in engere zin in smalle zin, specifieker, structuren die op elkaar lijken (bijvoorbeeld
epimysium, endomysium).
Losmazig, reticulair, straf-regelmatig, straf-onregelmatig,
(vetweefsel).
Bindweefsel in ruimere zin ruimer genomen, de verschillende componenten lijken niet op elkaar
(bijvoordeeld bot, kraakbeen en bloed).
Blasten is een cel die iets/bindweefsel aanmaakt.
Clasten is een cel die iets/bindweefsel afbreekt.
Cyten soort gepensioneerde blast, reserve blasten.
Macrofagen zorgen voor opruiming van lichaamseigen stoffen.
Leukocyten witte bloedcellen, ruimen lichaamsvreemde stoffen op.
Collageen meest voorkomende eiwit, trekvast, duidelijke ordening (lijnen),
binding door waterstofbruggen/crosslinks (maakt collageen sterker),
Elastine type bindweefsel met rekbare vezels (150%), geel, hoeveelheid
neemt af op latere leeftijd en bij roken.
Collageentypen type 1 = trekvast type 2 = drukvast
type 3 = voorloper type 1
Waterstofbruggen bindingen tussen collageenvezels, zijn zwakke bindingen die
makkelijk weggehaalt kunnen worden.
Crosslinks sterke bindingen die lang nodig hebben om gemaakt te worden, maar
blijven ook lang liggen.
Matrix omgeving waar de bindweefsel cellen in liggen. Vaak een soort gel
achtige substantie.
Vitamine C bevorderd aanmaak van collageen.
Cortisol stresshormoon, bevorderd de afbraak van collageen.
GAG’s glycosaminoglycanen
PG’s proteoglycanen
Innervatie door zenuw
Vascularisatie verbeterde doorbloeding
Ontstekingfase zie boven
Proliferatie fase zie boven
Consolidatiefase zie boven
Organisatie fase zie boven


Zelfstudievragen (nagekeken)

1. Wat is de functie van bindweefsel?
a. Zorgt ervoor dat we niet uit elkaar vallen. Binding en ondersteuning, bescherming,
isolatie, transport.
2. Hoe heet de cel die bindweefsel in enge zin bouwt?
a. Fibroblast
3. Hoe heet de cel die kraakbeenweefsel onderhoudt?

5

, a. Condrocyt
4. Hoe heet de cel die botweefsel afbreekt?
a. Osteoclast
5. Wat is de functie van macrofagen en leukocyten?
a. Macrofagen = opruimen lichaamseigen stoffen
b. Leukocyten = opruimen van lichaamsvreemde stoffen
6. Tijdens welke fase van bindweefselherstel is de rol van macrofagen en leukocyten het
belangrijkst?
a. Ontstekingsfase
7. Wat is het verschil tussen waterstofbruggen en crosslinks?
a. Waterstofbruggen zijn bindingen die vrij zwak zijn. Crosslinks duren langer om te
maken maar zijn dan ook veel sterker.
8. In welke fase van bindweefselherstel zijn de collageenmoleculen voornamelijk verbonden
met waterstofbruggen?
a. proliferatiefase
9. Bespreek de verschillen tussen de collageentypen 1, 2 en 3.
a. 1 = trekvast
b. 2 = drukvast
c. 3 = voorloper van type 1, minder sterk met dezelfde functie
10. In welke fase van bindweefselherstel wordt voornamelijk collageen type III aangemaakt?
a. Proliferatiefase
11. In welke fase van bindweefselherstel vindt crosslinking plaats?
a. Remodelleringsfase
12. Waarom is het belangrijk voor de patient om tijdens de proliferatiefase te bewegen?
a. Omdat de tijdens het neerleggen van collageen de crosslinks gaan vormen. Door te
bewegen gaan de collageen vezels in de juiste richting liggen en de crosslinks maken
ze dan vast in de juiste richting.
13. Welke rol speelt vitamine C bij het herstel van bindweefsel?
a. Vitamine C is nodig voor het vormen van crosslinks. Zonder vitamine C wordt is het
bindweefsel dus zwakker (uit zich in uitvallen van tanden etc, scheurbuik).
14. Wat is het gevolg van een afname van elastine op latere leeftijd (en als gevolg van roken)
voor de huid en voor de pees?
a. De huid en pezen worden minder soepel. De huid wordt slapper naar mate je ouder
wordt, dit komt door de afname van elastine in de huid.De huid gaat dan het
golvende patroon van de collagene vezels vertonen (rimpels). Roken verhoogd de
afbraak van elastine.
b. Het elastine in de pees zorgt voor de eerste krachtsopvang op de pees. Het elastine
zorgt ervoor dat de kracht gelijkmatig wordt overgedragen op het collageen,
waardoor collageen minder snel scheurt. Wanneer elastine afneemt, zal de pees
gevoeliger worden voor scheuren.




6

Documentinformatie

Geüpload op
20 januari 2014
Aantal pagina's
81
Geschreven in
2014/2015
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Onbekend
Bevat
Alle colleges van dit vak
€4,99
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 48 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 6 reviews worden weergegeven
7 jaar geleden

8 jaar geleden

9 jaar geleden

8 jaar geleden

11 jaar geleden

Slecht bijlages ontbreken veel spelfouten

10 jaar geleden

Fijn alles per doelstelling uitgewerkt aan de hand van de powerpoints uit de lessen.

3,2

6 beoordelingen

5
1
4
1
3
3
2
0
1
1
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
plip88 Thim Hogeschool voor Fysiotherapie
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1295
Lid sinds
12 jaar
Aantal volgers
738
Documenten
19
Laatst verkocht
1 jaar geleden

Voordat ik de studie fysiotherapie ben gaan doen heb ik Bewegingswetenschappen in Amsterdam gestudeerd. Samen met de fysiotherapie geeft mij dit een erg breed beeld over het bewegen van de mens. Zelf leer ik graag vanuit een samenvatting, omdat deze niet beschikbaar zijn vanuit de opleiding maak ik deze zelf per thema.

3,9

131 beoordelingen

5
37
4
48
3
38
2
6
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen