Theme 3: Self-Actualizing or Learning
Carl R. Rogers
Richte zich op de bewuste geest en de eigen ervaringen van gedachten en gevoelens.
● Client-centered therapy
● Zelfactualisatie
● Theorie van persoonlijkheid
Humanistische Psychologie - Abraham Maslow
Een theoretisch kader dat de nadruk legt op het begrijpen van
● Individuele groei
● Zelfactualisatie
● De zoektocht naar persoonlijke vervulling
Het benadrukt de rol van vrije wil en bewuste keuzes in persoonlijkheidsontwikkeling.
Actualization Tendency
Het streven om je volledige potentieel te realiseren en persoonlijke groei te bereiken.
● Mensen streven van nature naar zelfverwezenlijking en het realiseren van hun diepste behoeften en
doelen.
Fenomenaal veld (= phenomenal field)
Al onze waarnemingen die onze ervaringen van de wereld vormen.
We gaan ervan uit dat alles is zoals wij dit zien, dus objectief is, maar het is gebaseerd op :
- Onze ervaringen van de “echte” wereld
- Onze innerlijke behoeftes, doelen en overtuigingen.
Het is dus gebaseerd op je persoonlijke behoeften, dus subjectief
, Theorie van persoonlijkheid
De specifieke kenmerken van Rogers’ persoonlijkheidstheorie:
“The self” / zelf-concept
↘ Een georganiseerd en consistent patroon van principes.
- De eigen overtuigingen en zelfwaarderingen.
- één aspect van onze bewuste ervaring van de wereld.
- Bij het waarnemen van externe objecten en ervaringen hecht je er een subjectieve betekenis aan
(eigen interpretatie)
- (On)bewuste beelden en overtuigingen die je hebt over wie je bent en hoe je jezelf ziet in relatie tot
anderen.
Bestaat uit 2 componenten:
Actuele zelf Huidige zelf, hoe je jezelf werkelijk ziet
Ideale zelf Hoe je je mogelijke zelf ziet in de toekomst
Je hebt dus ook een georganiseerd patroon van percepties voor een ideale zelf die je zou willen
zijn.
Het omvat de percepties en meningen die mogelijk relevant zijn voor “the self” en waar je veel
waarde aan hecht.
Technieken om het ‘zelf’/zelf concept te meten:
Q-sort Objectieve methode waarbij een set kaarten met uitspraken sorteren op basis van hoe goed
techniek deze bij hen passen, volgens een gedwongen distributie, waarbij de meeste kaarten in het
midden worden geplaatst en minder kaarten aan de extremen. Onderzoekers kunnen inzicht
krijgen in het zelfconcept van individuen, inclusief de discrepanties tussen hun ideale en
werkelijke zelf..
Semantic Het individu beoordeelt een concept op een aantal zevenpunten-schalen die worden
differential gedefinieerd door polaire bijvoeglijke naamwoorden zoals goed- slecht of actief-passief,
waardoor de emotionele dimensies worden vastgelegd.
High variability in self-concept kan slecht zijn voor je mentale gezondheid
Carl R. Rogers
Richte zich op de bewuste geest en de eigen ervaringen van gedachten en gevoelens.
● Client-centered therapy
● Zelfactualisatie
● Theorie van persoonlijkheid
Humanistische Psychologie - Abraham Maslow
Een theoretisch kader dat de nadruk legt op het begrijpen van
● Individuele groei
● Zelfactualisatie
● De zoektocht naar persoonlijke vervulling
Het benadrukt de rol van vrije wil en bewuste keuzes in persoonlijkheidsontwikkeling.
Actualization Tendency
Het streven om je volledige potentieel te realiseren en persoonlijke groei te bereiken.
● Mensen streven van nature naar zelfverwezenlijking en het realiseren van hun diepste behoeften en
doelen.
Fenomenaal veld (= phenomenal field)
Al onze waarnemingen die onze ervaringen van de wereld vormen.
We gaan ervan uit dat alles is zoals wij dit zien, dus objectief is, maar het is gebaseerd op :
- Onze ervaringen van de “echte” wereld
- Onze innerlijke behoeftes, doelen en overtuigingen.
Het is dus gebaseerd op je persoonlijke behoeften, dus subjectief
, Theorie van persoonlijkheid
De specifieke kenmerken van Rogers’ persoonlijkheidstheorie:
“The self” / zelf-concept
↘ Een georganiseerd en consistent patroon van principes.
- De eigen overtuigingen en zelfwaarderingen.
- één aspect van onze bewuste ervaring van de wereld.
- Bij het waarnemen van externe objecten en ervaringen hecht je er een subjectieve betekenis aan
(eigen interpretatie)
- (On)bewuste beelden en overtuigingen die je hebt over wie je bent en hoe je jezelf ziet in relatie tot
anderen.
Bestaat uit 2 componenten:
Actuele zelf Huidige zelf, hoe je jezelf werkelijk ziet
Ideale zelf Hoe je je mogelijke zelf ziet in de toekomst
Je hebt dus ook een georganiseerd patroon van percepties voor een ideale zelf die je zou willen
zijn.
Het omvat de percepties en meningen die mogelijk relevant zijn voor “the self” en waar je veel
waarde aan hecht.
Technieken om het ‘zelf’/zelf concept te meten:
Q-sort Objectieve methode waarbij een set kaarten met uitspraken sorteren op basis van hoe goed
techniek deze bij hen passen, volgens een gedwongen distributie, waarbij de meeste kaarten in het
midden worden geplaatst en minder kaarten aan de extremen. Onderzoekers kunnen inzicht
krijgen in het zelfconcept van individuen, inclusief de discrepanties tussen hun ideale en
werkelijke zelf..
Semantic Het individu beoordeelt een concept op een aantal zevenpunten-schalen die worden
differential gedefinieerd door polaire bijvoeglijke naamwoorden zoals goed- slecht of actief-passief,
waardoor de emotionele dimensies worden vastgelegd.
High variability in self-concept kan slecht zijn voor je mentale gezondheid