Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Tentamen Pedagogische Systemen in Kindertijd en Adolescentie

Beoordeling
4,5
(19)
Verkocht
93
Pagina's
46
Geüpload op
17-01-2020
Geschreven in
2019/2020

In deze samenvatting staat alle informatie (hoorcolleges en literatuur - Berns, Clarke én artikelen -) die je moet weten voor het tentamen van Pedagogische Systemen in Kindertijd en Adolescentie. Deze cursus wordt gegeven in het tweede blok van het eerste jaar van Pedagogische Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. In de inhoudsopgave kun je zien welke literatuur er in de samenvatting is opgenomen.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Pedagogische Systemen in Kindertijd en Adolescentie – Blok 2



TENTAMEN PSKA BLOK 2
In deze samenvatting zijn de acht colleges van de cursus Pedagogische Systemen in
Kindertijd en Adolescentie uitgewerkt. De literatuur die gelezen moest worden, heeft veel
overlap met de inhoud van de colleges. Waar de literatuur toch afweek van het college, is dit
bijgevoegd bij de informatie uit het hoorcollege. Deze samenvatting is dus een totaal van de
tentamenstof. De rode woorden zijn belangrijk.

Inhoudsopgave

HC1 Theorieën opvoeding en socialisatie...............................................................................................2
BERNS H1 (blz. 3-24), H4 (blz. 148-156), H6 (blz. 227-230), H7 (blz. 239-245)....................................2
CLARKE-STEWART & PARKE H7 (blz. 193-199), H9 (blz. 263-273).......................................................2
HC2 Gehechtheid....................................................................................................................................9
CLARKE-STEWART & PARKE: H4..........................................................................................................9
VAN ZEIJL ET AL. (2006)......................................................................................................................9
DE WOLFF & VAN IJZENDOORN (1997)...............................................................................................9
HC3 Gendersocialisatie.........................................................................................................................15
CLARKE-STEWART & PARKE: H10......................................................................................................15
BERNS: H12.7-12.9 (blz. 482-493).....................................................................................................15
HC4 Emotiesocialisatie.........................................................................................................................20
CLARKE-STEWART & PARKE: H5 (blz. 126-146), H11 (blz. 347-357)..................................................20
VAN DER GRAAFF ET AL. (2018)........................................................................................................20
HC5 Ouder-kind relaties tijdens de adolescentie..................................................................................25
CLARKE-STEWART & PARKE: H7 (blz. 211-222), H11 (blz. 337-341)..................................................25
BRANJE (2018)..................................................................................................................................25
SMETANA ET AL. (2014): blz. 62-63 en 66-74...................................................................................25
HC6 Relaties met leeftijdgenoten.........................................................................................................30
CLARKE-STEWART & PARKE: H8 (blz. 233-258).................................................................................30
BERNS: H8 (blz. 281-295 en 302-317)...............................................................................................30
HC7 Jeugd en Media.............................................................................................................................37
VOSSEN, PIOTROWSKI, & VALKENBURG (2014)................................................................................37
VALKENBURG & PIOTROWSKI (2017), H6 (blz. 78-95), H13 (blz. 218-243).......................................37
HC8 Opvoeding en internaliserende problemen..................................................................................42
YAP ET AL. (2014)..............................................................................................................................42




1

, Pedagogische Systemen in Kindertijd en Adolescentie – Blok 2



HC1 Theorieën opvoeding en socialisatie
- BERNS H1 (blz. 3-24), H4 (blz. 148-156), H6 (blz. 227-230), H7 (blz. 239-245).
- CLARKE-STEWART & PARKE H7 (blz. 193-199), H9 (blz. 263-273).

Socialisatie is het proces waarbij kinderen kennis, vaardigheden en gedragingen
verkrijgen/aanleren en overtuigingen, waarden en normen eigen maken die horen bij een
bepaalde cultuur/samenleving, waardoor ze in staat zijn te participeren in die samenleving.
Het gebeurt niet van de ene op de andere dag, maar het is een proces. Je moet iets leren
om te socialiseren en socialisatie verschilt per cultuur.
Socialisatie is uniek voor mensen omdat wij een brein hebben voor taal, gedachten
en gedrag. Het is een wederkerig (interactief) en dynamisch (verandert over tijd) proces
(BERNS H1). Ouders socialiseren hun kinderen door bekrachtiging, straf en modeling
(CLARKE H7).
Vaders en moeders verschillen in de opvoeding. Vaders brengen minder tijd door met
de kinderen; toch zijn ze van belang in de opvoeding. Als vader positief en responsief is, zijn
kinderen beter in omgang met leeftijdgenoten (CLARKE H7).

Twee soorten socialisatie:
- Bewuste socialisatie = wanneer volwassenen consequent en expliciet bepaalde
standpunten overbrengen op kinderen en deze belonen bij naleving en straffen bij niet-
naleving.
- Onbewuste socialisatie = het overbrengen van normen en waarden door imitatie.

Psychodynamische benadering (Freud (1856-1939)); gedrag is de uiting van instinctieve
agressieve of seksuele impulsen (driften). Kinderen willen deze allemaal uitproberen en
toepassen. Dit is echter niet altijd passend binnen een maatschappij. De oorsprong van deze
driften is een sterke intrinsieke energie die gereguleerd moet worden want het is in conflict
met de omgeving. Freud onderscheid in de socialisatie drie stadia:
1. Id: het primitieve, ongeorganiseerde en aangeboren deel van de persoonlijkheid (de
driften).
2. Ego: het rationele en redelijke deel van de persoonlijkheid. Dit is een buffer tussen het id
en de echte wereld dat opereert vanuit het realiteitsprincipe; het reguleert impulsen.
3. Superego: het geweten dat onderscheid maakt tussen goed en kwaad.
De taak van de ouders is om het kind te helpen de impulsen te beheersen, om te buigen of
uit te stellen.

Zelfregulatie
Block & Block (1970); zelfregulatie bestaat uit ego-controle (inhibitie (onderdrukking)
of juist uiting van emoties) en ego-resiliency (de mate waarin je iets uit).
Rothbart (1990); effortful control (= ego-resiliency). Je moet flexibel zijn in het
aanpassen aan de omgeving. Soms moet je je aandacht verdelen en andere keren juist
focussen op één taak. Ook moet je je emoties en gevoelens kunnen onderdrukken (inhibitie);
je kunt je niet altijd zomaar uiten. Je moet dus waarnemend sensitief zijn naar je omgeving
toe, hoe moet ik me gedragen? Een gevolg hiervan is een lagere intensiteit van plezier. Je
bent toch wat gematigder doordat je bezig ben met je omgeving. De hoge pieken en dalen
zijn wat meer afgevlakt.

Socialisatie door de tijd heen



2

, Pedagogische Systemen in Kindertijd en Adolescentie – Blok 2


Martinus Langeveld (1905-1989); de taak ouders was om het kind te helpen om
‘mondig’ te worden. Mondig = bekwaam om deel te nemen in de maatschappij. Laat een kind
zo veel mogelijk op zichzelf (ook als het bijv. huilt). Een kind wordt namelijk niet mondig door
heel de tijd knuffelen. Kinderen moeten zelfstandig kunnen worden. Doel van socialisatie is
zelfverantwoordelijke bepaling. Eerst zijn ouders nog verantwoordelijk maar naar mate de
opvoeding vordert, wordt het kind meer verantwoordelijk.
Dr. Spock (1903-1998); behoefte van ouders aan informatie en ondersteuning (1946:
Baby and Child Care). ‘Geef kinderen in het begin niet teveel aandacht’. Later veranderde dit
beeld; het kind moet toch wel soms geknuffeld worden. Een kind heeft behoefte aan warmte.
Begin 20e eeuw had socialisatie een behavioristisch perspectief. Watson (1878-1958)
zag socialisatie als klassieke conditionering; bepaald gedrag kan beïnvloed worden. De
nadruk lag vooral op uiterlijk gedrag en het versterken van associaties door een stimulus
(voorbeeld Pavlov met de hond). Dit bleek bij mensen ook zo te werken, bleek uit het
experiment van Little Albert. In dit experiment werd een kind van ongeveer een jaar uit in een
ruimte geplaatst met allerlei dieren en voorwerpen. Als dit daarna nog een keer gebeurde
waarbij er een hard geluid klonk bij aanraking van het dier, werd het kind bang van het dier.
Angst door het geluid werd geassocieerd met het dier. In deze periode werd het kind heel
erg gezien door nurture. Het kind zou ontwikkelen enkel en alleen door omgeving en zaken
die aangeleerd worden; het is een onbeschreven blad (tabula rasa; Watson, 1925). Ook
werd er gezegd dat ouders hun kind niet te veel moeten knuffelen; hierdoor zouden
negatieve eigenschappen ontstaan.
Halverwege de 20e eeuw werd socialisatie gezin als operante conditionering (Skinner
1904-1990): een bepaalde reactie lokt bepaald gedrag uit. Het gaat hier over het aanleren
van gewenst gedrag door bekrachtiging en het afleren van ongewenst gedrag door straf
(stimulus-response relaties). Socialisatie is dus unidirectioneel (van één kant). Kinderen zijn
passieve deelnemers die alles laten overkomen en ouders ‘vormen’ hun kind. Bekrachtiging
zorgt voor een toename van bepaald gedrag. Dit kan door het weghalen van iets negatiefs
(negatieve bekrachtiging) of het toedienen van iets positiefs (positieve bekrachtiging.)

Patterson: coercion cycle (voorbeeld van negatieve bekrachtiging)
1. Moeder dringt op ‘aversieve’ manier binnen in de activiteit van het kind
a. Moeder wil dat het kind iets doet. Vb. meegaan naar de supermarkt.
2. Het kind gaat in de tegenaanval  het kind wil niet.
3. Moeder stopt met berispen;
a. effect op korte termijn  het kind stopt met jengelen.
b. effect op lange termijn  het kind leert dat het de moeder kan beïnvloeden. Het
kind gaat jengelen zodat het niet mee hoeft naar de supermarkt.
4. Het kind staakt de tegenaanval
Dit is een voorbeeld van negatieve bekrachtiging omdat het kind iets negatiefs (vb. mee naar
de supermarkt) niet meer hoeft te doen. Het kind leert dan dat het moet gaan jengelen zodat
het negatieve weggaat. Daardoor gaat dit gedrag vaker voorkomen.
In het behaviorisme werden kinderen eigenlijk op één lijn gesteld met dieren;
conditionering kon bij beiden. De sociaal cognitieve leertheorie (Bandura, 1925) werd
ontwikkelt en deze zegt dat kinderen niet hetzelfde zijn als dieren. Kinderen leren door
observeren en imiteren. Het kind observeert een ander omdat diegene bijvoorbeeld op hem
lijkt of status heeft. Het kind wil op deze persoon lijken en gaat dus imiteren. Motivatie om
gedrag te laten zien is hierin van belang, omdat het kind anders dan niet imiteert. Ook self-
efficacy, zelfredzaamheid, is van belang. Als je denkt dat je het niet kunt, ga je het niet
proberen. De taak van de ouders is om een goed model te zijn voor het kind; daar kijkt het
kind naar en die imiteert het kind.


3

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Zie inhoudsopgave voorbeeld
Geüpload op
17 januari 2020
Aantal pagina's
46
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€7,94
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 93 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Bundel: Samenvatting en oefenvragen Pedagogische Systemen in Kindertijd en Adolescentie
-
11 2 2020
€ 9,99 Meer info

Beoordelingen van geverifieerde kopers

7 van 19 beoordelingen worden weergegeven
2 jaar geleden

3 jaar geleden

3 jaar geleden

4 jaar geleden

4 jaar geleden

4 jaar geleden

3 jaar geleden

4,5

19 beoordelingen

5
11
4
7
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
-talitha- Universiteit van Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2023
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
825
Documenten
51
Laatst verkocht
2 weken geleden
Samenvattingen Pedagogische Wetenschappen (UU) en Orthopedagogiek (UvA)

Hoi! Mijn naam is Talitha en ik doe de master Orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam. Hiervoor heb ik de bachelor Pedagogische Wetenschappen gedaan aan de Universiteit Utrecht. Van beide opleidingen upload ik samenvattingen op Stuvia. Sinds ik samenvattingen op Stuvia plaats, ben ik mij meer bewust van hoe ik colleges volg en literatuur samenvat. Zo is het niet alleen duidelijk voor mijzelf, maar ook voor anderen die mijn samenvatting gebruiken. Ik probeer bij elk tentamen dat ik heb een (kleine) week van tevoren de samenvatting af te ronden en online te zetten. Veel succes met je tentamens en ik hoop dat mijn samenvatting jou helpt!

Lees meer Lees minder
4,3

284 beoordelingen

5
142
4
102
3
31
2
2
1
7

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen