Antwoorden staan onderaan het document
1) Noem een aantal redenen waarom cijfers van de politie niet veel zeggen.
2) Noem drie nadelen van zelfrapportages.
3) Noem twee nadelen van slachtoffer enquêtes.
4) Wat houdt de maturity gap in en in welke theorie is dit vooral van toepassing?
5) Noem drie factoren die verantwoordelijk kunnen zijn voor de daling in criminaliteit.
6) Vul in: Globale, distale en contextuele factoren oefenen allen invloed uit via ……(noem factor)
op het kind.
7) Noem de drie “ingrediënten” voor criminaliteit volgens de routine activiteit theorie.
8) Wat houdt de collective efficacy theorie in?
9) De sociale desorganisatie theorie (Shaw en McKay) betreft een mixed model. Van welke twee
concepten is het een integratie en van welke theorieën zijn dit voorlopers?
10) Noem 3 punten van kritiek op de Chicago School.
11) Wat zijn twee kritiek punten op de Spanningstheorie?
12) Waarmee breidt de algemene spanningstheorie uit ten opzichte van de klassieke
spanningstheorie?
13) Wat zijn contemporaire consequenties?
, 14) Benoem de 4 verschillende centrale concepten van de sociale leertheorie (Akers).
15) Wat is het verschil tussen general definitions en specific definitions?
16) Wat is indirecte controle?
17) Volgens welke theorie is positief leren/leren van skills en beliefs niet nodig omdat mensen
van nature uit gemotiveerd zijn om crimineel gedrag te vertonen (dmv hun gratification
seeking)?
18) Waarin verschilt de kijk op criminaliteit tussen criminologen en labeling theoristen?
19) Wat houden de conservatieve theorieën in en wat is volgens hen het beste beleid tegen
criminaliteit?
20) Hoe moet volgens de oppurtunity theorieën criminaliteit bestreden worden? Noem de 3
strategieën en geef van elk één voorbeeld.
21) Noem de drie manieren waarop de perceptual deterrence theorie verschilt van de rational
choice theorie.
22) Vul in: Volgens Farrington’s integrated cognitive antisocial potential theorie (ICAP) kunnen de
verschillen in antisociaal potential verklaard worden. Volgens hem zal het antisociale
potential vergroot worden door het ……. (Kies: onvermogen om jezelf in behoeftes te
voorzien/hebben van veel deviante vrienden/verliezen van je baan).
23) Vul in: De early onset en life-group persistent offenders zijn volgens de life course theorieën
een theorie van …… De late onset en adolescence limited offender daarentegen zijn volgens
de life course theorieën een theorie van …… (denk aan de vier typen life course theorieën)
24) Wat houdt de theory van age-graded informal social control (Sampson en Laub). Leg dit uit
aan de hand van het type life course theorie die deze theorie is.
25) Gaat schuld of schaamte eerder gepaard met woede en agressie? Waarom?
26) Noem drie theorieën die de cycle of violence kunnen verklaren.