Anatomie in Vivo samenvatting blok 1.1
Arteriën
1. A. Carotis (halsslagader):
Waar? In de hals, mediaal voor M. Sternocleidomastoïd.
Hoe palperen? Meerdere vingertoppen.
Denken om? Niet te hard drukken, gevoelig en niet dichtknijpen. Zittend, ontspannen
rechtop zitten.
2. A. Subclavia (onder sleutelbeen):
Waar? Loopt onder het sleutelbeen door, naar de arm.
Hoe palperen? Wijsvinger naar beneden drukken met middelvinger. In randje BOVEN
clavicula, mediale gedeelte, onder het sleutelbeen voelen.
Denken om? Opmerken kan lastig zijn, goed voelen en evt. iets dieper. Zittend. Goed
mediaal zitten, en de diepte in.
3. A. Brachialis (binnenkant van de bovenarm):
Waar? Onder de kop van de Biceps, mediale kant van de bovenarm.
Hoe palperen? Met meerdere vingertoppen, terwijl arm ontspannen en in 90graden
elleboog.
Denken om? Biceps eventueel beetje omhoog drukken, er echt goed invoelen of
eventueel vragen op aanspannen. Ernaast lopen de zenuwen.
4. A. Radialis (laterale zijde onderarm, over de radius heen)
Waar? Onderarm, duimzijde over de Radius heen.
Hoe palperen? Loodrecht met meerdere vingertoppen de A. Radius opzoeken.
Denken om? Geen bijzonderheden. Arm neerleggen.
5. A. Ulnaris (mediale zijde onderarm, over de Ulna heen)
Waar? Onderarm, pinkzijde over de Ulna heen
Hoe palperen? Met duim en wijsvinger.
Denken om? Vaak niet goed te voelen, ligt vrij diep. Arm neerleggen
6. A. Femoralis (in de lies)
Waar? Op de lijn tussen Iliaca Spinae Anterior Superior (ASIS) en Os Pubis.
Hoe palperen? Met middelvinger en wijsvinger.
Denken om? Goed te voelen. Liever niet met kleding aan, aangeven als je eronder
voelt! Als je hem niet goed voelt, eventueel buigen van de knie.
7. A. Tibialis Posterior (binnenkant van de enkel)
Waar? Aan de achterkant van de mediale Malleolus.
Hoe palperen? Wijsvinger en middelvinger.
Denken om? Geen bijzonderheden.
, 8. A. Tibialis anterior.
Waar? Rond de enkelovergang.
Hoe palperen? Voelen met wijsvinger en middelvinger op de plek.
Denken om? Geen bijzonderheden.
9. A. Dorsalis Pedis (bovenkant van de voet)
Waar? Op de bovenkant van de voet, ter hoogte van middenvoetsbeentjes
tussen metatarsale 1 & 2.
Hoe palperen? Met wijsvinger en middelvinger.
Denken om? Ligt lateraal van de extensor van de grote teen.
10. (A. Poplitea (knieholte))
Waar? In de knieholte.
Hoe palperen? Met middelvingers, flexie knie voelen.
Denken om? Goed drukken met beide middelvingers in de knieholte.
Arteriën
1. A. Carotis (halsslagader):
Waar? In de hals, mediaal voor M. Sternocleidomastoïd.
Hoe palperen? Meerdere vingertoppen.
Denken om? Niet te hard drukken, gevoelig en niet dichtknijpen. Zittend, ontspannen
rechtop zitten.
2. A. Subclavia (onder sleutelbeen):
Waar? Loopt onder het sleutelbeen door, naar de arm.
Hoe palperen? Wijsvinger naar beneden drukken met middelvinger. In randje BOVEN
clavicula, mediale gedeelte, onder het sleutelbeen voelen.
Denken om? Opmerken kan lastig zijn, goed voelen en evt. iets dieper. Zittend. Goed
mediaal zitten, en de diepte in.
3. A. Brachialis (binnenkant van de bovenarm):
Waar? Onder de kop van de Biceps, mediale kant van de bovenarm.
Hoe palperen? Met meerdere vingertoppen, terwijl arm ontspannen en in 90graden
elleboog.
Denken om? Biceps eventueel beetje omhoog drukken, er echt goed invoelen of
eventueel vragen op aanspannen. Ernaast lopen de zenuwen.
4. A. Radialis (laterale zijde onderarm, over de radius heen)
Waar? Onderarm, duimzijde over de Radius heen.
Hoe palperen? Loodrecht met meerdere vingertoppen de A. Radius opzoeken.
Denken om? Geen bijzonderheden. Arm neerleggen.
5. A. Ulnaris (mediale zijde onderarm, over de Ulna heen)
Waar? Onderarm, pinkzijde over de Ulna heen
Hoe palperen? Met duim en wijsvinger.
Denken om? Vaak niet goed te voelen, ligt vrij diep. Arm neerleggen
6. A. Femoralis (in de lies)
Waar? Op de lijn tussen Iliaca Spinae Anterior Superior (ASIS) en Os Pubis.
Hoe palperen? Met middelvinger en wijsvinger.
Denken om? Goed te voelen. Liever niet met kleding aan, aangeven als je eronder
voelt! Als je hem niet goed voelt, eventueel buigen van de knie.
7. A. Tibialis Posterior (binnenkant van de enkel)
Waar? Aan de achterkant van de mediale Malleolus.
Hoe palperen? Wijsvinger en middelvinger.
Denken om? Geen bijzonderheden.
, 8. A. Tibialis anterior.
Waar? Rond de enkelovergang.
Hoe palperen? Voelen met wijsvinger en middelvinger op de plek.
Denken om? Geen bijzonderheden.
9. A. Dorsalis Pedis (bovenkant van de voet)
Waar? Op de bovenkant van de voet, ter hoogte van middenvoetsbeentjes
tussen metatarsale 1 & 2.
Hoe palperen? Met wijsvinger en middelvinger.
Denken om? Ligt lateraal van de extensor van de grote teen.
10. (A. Poplitea (knieholte))
Waar? In de knieholte.
Hoe palperen? Met middelvingers, flexie knie voelen.
Denken om? Goed drukken met beide middelvingers in de knieholte.