Samenvatting Kwanon H1
Week 1
Kwantitatieve gegevens ➝ ook wel statistieken genoemd
Statistiek ➝ wordt gezien als hulpmiddel om gegevens te verwerken, het is een
multidisciplinaire methode, omdat het in allerlei verschillende disciplines wordt
toegepast. Het gaat bij statistiek over cijfermatige analyses, de analyse van getallen,
numerieke gegevens en variabelen.
“Statistiek wordt gezien als de wetenschap die zich bezighoudt met het verzamelen,
bewerken, interpreteren en presenteren van kwantitatieve gegevens.”
Waarom is statistiek relevant voor bestuurskundigen? ➝ Statistieken zien we overal om
ons heen & beleid wordt beïnvloed door en gebaseerd op statistiek
Soorten statistiek
o Ordenen en beschrijven van gegevens: beschrijvende statistieken
o Kansen berekenen: kansberekening (meer theoretische vorm van
statistiek, kans wordt berekend op basis van theoretische verdeling)
o Om gegevens te toetsen en resultaten bredere toe te passen:
inferentiële/toetsende statistiek
• Onderscheid tussen kwantitatieve en kwalitatieve variabelen (Let op!
Verwar variabelen niet met data!)
▪ Kwantitatief ➝ bv leeftijd, prijs van een auto en lengte
▪ Kwalitatief ➝ eigenschappen en namen zoals kleuren en
diersoorten
Waarom hebben we statistiek? ➝ Bij het gebruik van statistiek stellen we vaak op
voorhand hypotheses ofwel verwachtingen op. Op basis van onze analyse, beweren we
deze verwachting of bewering op juistheid.
, Meetniveaus
- Een meetniveau is de aard (het type) van een antwoordschaal
- Het meetniveau geeft aan in welke mate je de waarden die aan de
categorieën zijn toegekend, kunt gebruiken om er mee te rekenen
▪ 4 meetniveaus (Oplopend van laag naar hoog):
1. Nominaal
In de statistiek is een
2. Ordinaal variabele een kenmerk dat
3. Interval een persoon, ding, plaats
of idee beschrijft
4. Ratio
- Nominaal en Ordinaal ➝ allebei kwalitatief
- Interval en Ratio ➝ kwantitatief
• Nominaal
▪ Losse categorieën
▪ Niet in een getal te vatten
▪ Kan je niet mee rekenen, want het zijn kwalitatieve variabelen
o Politieke partij
o Geslacht
o Woonplaats
o Burgerlijke staat
• Ordinaal
▪ Zelfde eigenschappen als nominaal meetniveau, maar één nieuw
eigenschap (rangorde/volgorde)
▪ Nog steeds kwalitatief, want je kan er niet mee rekenen
o Opleidingsniveau (van hoog naar laag)
o Mate van tevredenheid (helemaal mee eens – helemaal mee
oneens)
Week 1
Kwantitatieve gegevens ➝ ook wel statistieken genoemd
Statistiek ➝ wordt gezien als hulpmiddel om gegevens te verwerken, het is een
multidisciplinaire methode, omdat het in allerlei verschillende disciplines wordt
toegepast. Het gaat bij statistiek over cijfermatige analyses, de analyse van getallen,
numerieke gegevens en variabelen.
“Statistiek wordt gezien als de wetenschap die zich bezighoudt met het verzamelen,
bewerken, interpreteren en presenteren van kwantitatieve gegevens.”
Waarom is statistiek relevant voor bestuurskundigen? ➝ Statistieken zien we overal om
ons heen & beleid wordt beïnvloed door en gebaseerd op statistiek
Soorten statistiek
o Ordenen en beschrijven van gegevens: beschrijvende statistieken
o Kansen berekenen: kansberekening (meer theoretische vorm van
statistiek, kans wordt berekend op basis van theoretische verdeling)
o Om gegevens te toetsen en resultaten bredere toe te passen:
inferentiële/toetsende statistiek
• Onderscheid tussen kwantitatieve en kwalitatieve variabelen (Let op!
Verwar variabelen niet met data!)
▪ Kwantitatief ➝ bv leeftijd, prijs van een auto en lengte
▪ Kwalitatief ➝ eigenschappen en namen zoals kleuren en
diersoorten
Waarom hebben we statistiek? ➝ Bij het gebruik van statistiek stellen we vaak op
voorhand hypotheses ofwel verwachtingen op. Op basis van onze analyse, beweren we
deze verwachting of bewering op juistheid.
, Meetniveaus
- Een meetniveau is de aard (het type) van een antwoordschaal
- Het meetniveau geeft aan in welke mate je de waarden die aan de
categorieën zijn toegekend, kunt gebruiken om er mee te rekenen
▪ 4 meetniveaus (Oplopend van laag naar hoog):
1. Nominaal
In de statistiek is een
2. Ordinaal variabele een kenmerk dat
3. Interval een persoon, ding, plaats
of idee beschrijft
4. Ratio
- Nominaal en Ordinaal ➝ allebei kwalitatief
- Interval en Ratio ➝ kwantitatief
• Nominaal
▪ Losse categorieën
▪ Niet in een getal te vatten
▪ Kan je niet mee rekenen, want het zijn kwalitatieve variabelen
o Politieke partij
o Geslacht
o Woonplaats
o Burgerlijke staat
• Ordinaal
▪ Zelfde eigenschappen als nominaal meetniveau, maar één nieuw
eigenschap (rangorde/volgorde)
▪ Nog steeds kwalitatief, want je kan er niet mee rekenen
o Opleidingsniveau (van hoog naar laag)
o Mate van tevredenheid (helemaal mee eens – helemaal mee
oneens)