Maatschappijwetenschappen H2 samenvatting
2.1 groepsvorming
Affectieve bindingen -> emotionele bindingen. Positieve en
negatieve Affectieve bindingen -> gevoelens van mensen voor
elkaar
Cognitieve bindingen -> bindingen en afhankelijkheden die te
maken Cognitieve bindingen -> hebben met kennisvorming en
kennisoverdracht
Economische bindingen -> bindingen die te maken hebben met
werk, en Economische bindingen -> met goederen die nodig zijn
voor het bestaan
Politieke bindingen -> bindingen die te maken hebben met zaken
die in een Politieke bindingen -> samenleving gezamenlijk
geregeld en georganiseerd Politieke bindingen -> moeten worden.
Zoals onderwijs, zorg, verkeer en Politieke bindingen -> veiligheid.
Dit noem je ook collectieve goederen
Groepsvorming -> het tot stand komen van bindingen tussen meer
dan 2 Groepsvorming -> mensen, die elkaar beïnvloeden en
samen Groepsvorming -> gemeenschappelijke waarden en normen
ontwikkelen
Insluiting en uitsluiting -> dat sommige mensen wel en sommige
mensen Insluiting en uitsluiting -> niet bij de groep horen
Outgroup -> de mensen die worden uitgesloten
Ingroup > de groep mensen die erbij hoort
Sociale controle -> als mensen anderen ertoe bewegen (of
dwingen) zich te Sociale controle -> houden aan de normen van
de groep
Informele sociale controle -> als groepsleden elkaar wijzen op de
waarden Informele sociale controle -> en normen van de groep
Formele sociale controle -> als mensen vanuit hun beroep of
functie Formele sociale controle -> anderen op de regels wijzen
Over een outgroup bestaan vaak stereotypen en vooroordelen
2.1 groepsvorming
Affectieve bindingen -> emotionele bindingen. Positieve en
negatieve Affectieve bindingen -> gevoelens van mensen voor
elkaar
Cognitieve bindingen -> bindingen en afhankelijkheden die te
maken Cognitieve bindingen -> hebben met kennisvorming en
kennisoverdracht
Economische bindingen -> bindingen die te maken hebben met
werk, en Economische bindingen -> met goederen die nodig zijn
voor het bestaan
Politieke bindingen -> bindingen die te maken hebben met zaken
die in een Politieke bindingen -> samenleving gezamenlijk
geregeld en georganiseerd Politieke bindingen -> moeten worden.
Zoals onderwijs, zorg, verkeer en Politieke bindingen -> veiligheid.
Dit noem je ook collectieve goederen
Groepsvorming -> het tot stand komen van bindingen tussen meer
dan 2 Groepsvorming -> mensen, die elkaar beïnvloeden en
samen Groepsvorming -> gemeenschappelijke waarden en normen
ontwikkelen
Insluiting en uitsluiting -> dat sommige mensen wel en sommige
mensen Insluiting en uitsluiting -> niet bij de groep horen
Outgroup -> de mensen die worden uitgesloten
Ingroup > de groep mensen die erbij hoort
Sociale controle -> als mensen anderen ertoe bewegen (of
dwingen) zich te Sociale controle -> houden aan de normen van
de groep
Informele sociale controle -> als groepsleden elkaar wijzen op de
waarden Informele sociale controle -> en normen van de groep
Formele sociale controle -> als mensen vanuit hun beroep of
functie Formele sociale controle -> anderen op de regels wijzen
Over een outgroup bestaan vaak stereotypen en vooroordelen