HOOFDSTUK 1 & 2 – FACTOREN VAN DE ADVISEUR ZELF
• Uitgangspunten van Nathans:
- 6 elementen per adviestraject
- Een effectief adviseur
- 5 vaardigheden van de adviseur
E = f(K x A x M)
E: Effectiviteit van een advies
Kwaliteit: Vakinhoudelijke kwaliteit van het advies
Acceptatie: De mate waarin het advies door betrokkenen geaccepteerd wordt
Management: De mate waarin het adviesproject en de implementatie van het advies goed
gemanaged worden
Omgeving
Organisatie
Adviseu Geadviseerd
Adviesaanpa
Inhoud
Adviesmodel
• Niveaus van persoonlijk functioneren:
Situatie
Gedrag
Vaardigheden
Overtuigingen
Persoonlijkheid
Zelf
• Vaardigheden
- Onbewust onvaardig: men weet niet dat men iets fout doet
, - Bewust onvaardig: men weet nu wat men fout doet maar is nog niet in staat het
beter te doen
- Bewust vaardig: wanneer men erbij nadenkt is men in staat de nieuwe vaardigheid
toe te passen, denkt men er niet bij na dan handelt men nog op de oude manier
- Onbewust vaardig: men denkt er niet meer bij na maar doet het automatisch goed,
het nieuwe gedrag is normaal geworden.
• Persoonlijkheid van de adviseur:
Verbeteren Vernieuwen
• Grote verschillen in stijl kunnen conflicten opleveren. Adviseur moet eigen
voorkeursstijl en die van de geadviseerden weten. De eigen voorkeursstijl is
bepalend voor het soort projecten dat de adviseur doet.
• Kernkwaliteiten: Iedere karaktereigenschap heeft een zon- en schaduwzijde.
Wanneer de adviseur met zijn schaduw zijden wordt geconfronteerd, kan hij zoeken
naar daarin besloten positieve kwaliteit.
Kernkwadrant van Ofman: (Blz. 36)
Kernkwaliteit Valkuil
Teveel van het goede Kernkwaliteit
+ - Positief
Negatief
tegenoverge
tegenoverge
stelde
stelde
- +
Allergie Uitdaging
Teveel van het goede
• Werkstijlen:Myer Briggs Type Indicator
- Extraversie en introversie; waar wordt de aandacht op gericht?
- Waar wordt informatie vandaan gehaald? (feiten/werkelijkheid of
intuïtie/verbeelding)
- Hoe worden beslissingen genomen? (denkers vs. gevoelstypen: analyse en logica
of mijn waarden en behoeften?
- Hoe gaat men om met de buitenwereld: planners of waarnemers resp. plan of
flexibiliteit; beheersing of spontaniteit en vertrouwen
• Zes elementen in het adviestraject:
- De eigen persoon van de adviseur
- De geadviseerden
- Het vakinhoudelijke onderwerp
- De organisatie