model: schematische weergave van de werkelijkheid die meestal één of enkele aspecten
benadrukt. Modelleren in de ICT wordt gebruikt om doelgericht en efficiënt een ICT-oplossing te
ontwikkelen.
soorten modellen;
1. structuurmodellen: geven inzicht in de structuur en beschrijven de samenhang tussen
onderdelen, tijd speelt geen rol. (Hoe zit iets in elkaar?)
2. gedragsmodellen: dynamisch. Activiteiten en afhankelijkheden inzichtelijk maken. (Hoe werkt
het?)
Elk model heeft een eigen syntax (welke symbolen in het diagram worden gebruikt) en een eigen
semantiek (wat de betekenis van de symbolen is).
Waarom modelleren?
- Grip krijgen op het onderzoeksdomein; het probleem opdelen in deelaspecten en zo het
probleem in behapbare onderdelen opdelen.
- Structureren van een aspect
- Communicatie
- Compacte vorm van documentatie
1.2 BEDRIJFSPROCESSEN
bedrijfsproces: ordening van activiteiten gestuurd door beslissingen om een product of dienst te
leveren met toegevoegde waarde.
proces (algemener): verzameling van activiteiten die in samenhang plaatsvinden
primaire processen: resultaat draag bij aan resultaat voor de klant
sturende processen: activiteiten nodig om organisatie en processen te besturen
ondersteunende/secundaire processen: nodig om primaire of sturende processen mogelijk te
maken.
bedrijfsproces geordende reeks werkprocessen nodig om product of dienst te leveren
werkproces geordende reeks processtappen binnen een afdeling of organisatorische eenheid
processtap geordende reeks handelingen, ononderbroken uitgevoerd door een actor
handeling kleinste eenheid van werk door één actor op één moment op één plek