Rg. Er is sprake van een huurovereenkomst
Rv1. Ingebruikgeving van een zaak of gedeelte daarvan
Rv2. Een tegenprestatie
Rv3. Het is voldoende bepaalbaar en geïndividualiseerd
Art 7:226 lid 1 en 4
Lid 1
Rg. De rechten en plichten van de verhuurder uit de huurovereenkomst, die na de
overdracht van de zaak opeisbaar worden, gaan over op de verkrijgen.
Rv1a. (Er is sprake van) overdracht door de verhuurder van de zaak waarop de
huurovereenkomst betrekking heeft.
Rv1b. (Er is sprake van) vestiging of overdracht door de verhuurder … betrekking heeft.
Lid 4:
Rg. van leden 1-3 van dit artikel kan niet worden afgeweken
Rv1a. Bij huur van gebouwde onroerende zaak (art 3:3 BW)
Rv1b. Bij huur van een gedeelte van een gebouwde onroerende zaak
Rv1c. Bij huur van een woonwagen in de zin van art 7:235 BW
Rv1d. Bij huur van een standplaats in de zin van 7:236 BW
Art.7:204 lid 1, 2 en 3
Lid 1
Rg. De verhuurder heeft verplichtingen als in de afdeling omschreven;
Rv. Er is sprake van een gebrek met betrekking tot de zaak,
Lid 2
Rg. Er is sprake van een gebrek.
Rv1a. Er is sprake van een staat.
Rv1b. Er is sprake van een eigenschap.
Rv1c. Er is sprake van een omstandigheid.
Rv2. Dit is niet aan de huurder toe te rekenen.
Rv3. waardoor de zaak aan de huurder niet het genot kan verschaffen dat een huurder bij
het aangaan van de overeenkomst mag verwachten van een goed onderhouden zaak van de
soort als waarop de overeenkomst betrekking heeft.
Lid 3
Rg. Er is geen sprake van een gebrek, de huurder moet het gebrek zelf verhelpen.
Rv1a. Er is sprake van een feitelijke stoornis door derden zonder bewering van recht.
Rb1b. Er is sprake van een bewering van recht zonder feitelijke stoornis.