Les 1
Chromosomen bevatten ons genetische DNA en bestaan uit eiwitten en DNA.
Bij pentose zit aan de 3de C een OH groep, is een vrij einde waar nieuwe nucleotiden kunnen binden.
Structuur van DNA
Altijd naar de backbone kijken de suiker-fosfaatgroepen
Als er een nucleotide bindt aan het losse einde krijg je een Fosfodiësterbinding.
Stikstof bases
Purine: heeft twee koolstof stikstof ringen Adenine (A) en Guanine (G)
Pyrimidine: heeft een koolstof stikstof ring Cytosine (C), Uracil (U in RNA), Thymine (T in DNA)
C-G, heeft een sterkere binding namelijk 3 waterstofbruggen en T-A heeft een zwakkere binding
namelijk 2 waterstofbruggen (bij DNA).
C-G en U-A (bij RNA)
Nucleotide bestaat uit een stikstofbase, suiker en fosfaatgroep.
Nucleoside bestaat uit een stikstofbase en een suiker.
DNA replicatie
Mitose vindt plaats in alle cellen behalve geslachtscellen, er ontstaan 2 diploïde identieke
dochtercellen.
Meiose vindt plaats in geslachtscellen, er ontstaan 4 haploïde dochtercellen die de helft van
de chromosomen bevatten, niet identiek. Crossing over: 2 chromosomen wisselen DNA uit
met elkaar.
Semiconservatief: Iedere afzonderlijke strand wordt gerepliceerd.
Conservatief: Dubbele helix wordt helemaal gekopieerd
Dispersief: Crossing over.
,DNA wordt gelezen van de 3’
naar 5‘ kant en wordt
gerepliceerd van de 5’ naar 3 ‘
kant. Aan het vrije einde
wordt een
dioxyriobonucleoside
triphosphate gebonden en
komt er een pyrophosphate
vrij, zoals op onderstaande
afbeelding te zien is.
De DNA replicatie begint bij de origin
of replication (ORI), hier bindt Helica
die de twee DNA strengen uit elkaar
haalt. Er ontstaat een replicatie
bubble, die bestaat uit 2 replicatie
vorken.
De DNA strengen bestaan uit een
lagging trand en een leading strand.
De lagging strand wordt in stukjes
gerepliceerd en de leading strand
wordt in een keer gerepliceerd.
Vervolgens maakt primase een RNA
primer van de 5’ naar de 3’ kant.
DNA polymerase 3, plaatst
nucleotiden van 5’ naar 3’. Door
proofreading kunnen er eventuele
fouten worden ontdekt en kan
polymerase 3 de nucleotide
verwijderen van 3’ naar 5’ en weer
de goede erin zetten van 5’ naar 3’
kant.
DNA polymerase 1 haalt de RNA
,primer weg en plaatst er DNA.
Ligase, plakt de okazaki fragmenten aan elkaar van de 5’ naar 3’ kant.
Aan het einde van de lagging strand zit een RNA primer, waar DNA polymerase 1 geen
DNA op kan zetten, daardoor wordt na elke DNA replicatie het chromosoom een paar
basenparen korter. Dit maakt niet uit aangezien de uiteindes van de chromosomen
bestaan uit telomeren. Telomeren zijn niet coderende delen van het chromosoom, dit
zorgt voor de vertraging van de beschadiging van de genen.
Telomerase kan de chromosomen weer verlengen, dit is bijvoorbeeld het geval bij
geslachtscellen en stamcellen. Deze mogen namelijk niet verouderen.
Dit is ook van toepassing bij kankercellen.
Werking telomerase
1. Er is overhang na het verwijderen van de
primer
2. Telomerase bindt aan het 3’ einde van de
overhang.
3. Synthetiseren van het telomeer DNA d.m.v.
telomerase RNA als template.
4. Telomerase beweegt naar de 3’ kant tijdens
de synthese.
5. Synthese van nieuw telomeer DNA.
6. Chromosoom einde nadat telomerase klaar is.
, 7. Nieuw einde van het chromosoom na replicatie en het verwijderen van de primer.
https://www.youtube.com/watch?v=2NS0jBPurWQ
Bacterie DNA is altijd circulair. Theta replicatie, hierbij vindt de replicatie
in 2 richtingen plaats. Heeft maar 1 ORI. Zie afbeelding hiernaast.
Bij menselijk DNA zijn er meerdere ORI’s
Les 2
Het bacterieel genoom
Het humane genoom is lineair en het bacterie genoom is circulair. Naast